*

 
dossier

Archief

'Help de arme landen met kennis'

Door: redactie − 11/02/11, 00:00

Een Brits bouwbedrijf betaalde een ambtenaar in een ontwikkelingsland jarenlang steekpenningen voor de bouw van een brug. De gelukkige rook zijn kans en financierde er zijn politieke campagne mee. 'De man werd minister van Transport', vertelt ontwikkelingseconoom Paul Collier. 'Dat is de prijs die betaald werd voor deze oplichtingspraktijken uit het Westen.'

Wat Collier, hoogleraar economie aan de Universiteit van Oxford en auteur van het veelbesproken boek The Bottom Billion, maar wil zeggen: 'Het Westen draagt zelf bij aan de corruptie van regeringen in ontwikkelingslanden. Zolang wij niet op een eerlijke manier zaken doen, zullen zij geen eerlijke politiek bedrijven.'

Collier was maandag in Nederland voor de lezingenserie Global Values in a Changing World van het SID (Society for International Development). In de Vrije Universiteit legde hij zijn publiek uit hoe schadelijk westerse interventies in arme landen kunnen uitpakken. Volgens Collier werkt goedbedoelde hulp vaak contraproductief en ontneemt zij ontwikkelingslanden de kans om hun eigen verantwoordelijkheden op te pakken.

Neem het fenomeen begrotingssteun, zegt Collier. Het Westen doneert miljarden euro's aan overheden zodat ze publieke diensten kunnen leveren. Het resultaat is dat die landen geen belasting hoeven te heffen. 'Dat is wel zo gemakkelijk, want met belasting moet je jezelf als policus niet populair. Maar zo ontneem je een overheid de kans om zelf de touwtjes in handen te nemen. Door belasting te heffen dwing je overheden verantwoording af te leggen aan hun burgers over de overheidsuitgaven. Dat leidt tot efficiënter beleid. Bovendien prikkel je overheden op die manier de economie te blijven aanzwengelen omdat ze dan nog hogere belastingopbrengsten genereren.'

De zelfredzaamheid die de internationale gemeenschap tegenwoordig predikt als doel van ontwikkelingssamenwerking, komt er niet wanneer rijke landen blijven interveniëren. Collier; 'De slogan From donorship to ownership, die tien jaar geleden in zwang raakte, heeft zijn waarde alweer verloren. Ondanks de lovenswaardige doelstelling is de praktijk hetzelfde gebleven.' Met aan anekdote verduidelijkt hij zijn punt. 'Onlangs sprak ik een minister in een Afrikaans land die mij vroeg met welk beleidsthema hij donateurs zou kunnen interesseren. 'Wat is nu in? Moeders en kinderen, milieu of landbouw?''

Ook de praktijk in Haïti heeft laten zien dat ownership een loos begrip is, vindt Collier. 'Na de aardbeving waren er bakken met geld beschikbaar. Hoe kunnen we daarmee voldoen aan de behoeften van de bevolking, en welke zijn dat, zo vroegen de hulporganisaties zich af. En dan stuit je op een groot gemis: een functionerende overheid. Dat geld vertrouw je niet toe aan een bende corrupte boeven.'

Begrotingssteun of andere vormen van gelddonaties hebben alleen zin wanneer er sprake is van een adequate overheid met een waterdichte begrotingssystematiek. Beter is het als arme landen zelf manieren vinden om zich in de toekomst staande te houden. Dat zie je nu in Afrika gebeuren. 'Er ontstaat een kritische massa die zegt: we laten onze grondstoffen niet meer plunderen en we laten ons niet meer door ontwikkelingsorganisaties vertellen hoe het moet. We doen het zelf, op onze manier.'

De kritiek op China, dat op grote schaal grond opkoopt in Afrika voor grondstoffen, is volgens Collier dan ook niet helemaal terecht.

'Je ziet de prijs voor grondstoffen stijgen door de belangstelling van de Chinezen. Afrika kan daarmee miljarden verdienen en zichzelf hervormen. Daar ligt een grote kans - om het op eigen kracht te doen. Het Westen kan daar wel bij helpen. Niet met geld, maar met kennis. Hoe breng je de grondstoffen in kaart, hoe kun je daar het meest aan verdienen en hoe bouw je vervolgens systemen voor publieke diensten als zorg en onderwijs op?'

Ontwikkelinsgorganisaties moeten zich volgens Collier gaan gedrafen als een McDonalds. 'Ze moeten arme landen leren om zelf basisvoorzieningen te kunnen verstrekken, op grote schaal en op een kosteneffectieve manier. Nu hebben de ngo's zich ontwikkeld tot luxe boetiekjes die vooral dienen om donateurs te werven. Het nadeel is dat er dan maar weinig geld overblijft om mensen mee te helpen.'

De kennisoverdracht van rijke naar arme landen is dankzij de moderne technologie veel makkelijker geworden. 'In Egypte hebben we gezien hoe met een paar muisklikken zoveel mensen bereikt worden dat de ergste autocratie in de geschiedenis aan het wankelen is gebracht', zegt Collier. Een ander goed voorbeeld is te vinden in Zuid-Soedan, waar ondernemers via een website geld ophalen bij de Zuid-Soedanese diaspora. 'Met de steun vanuit rijke landen krijgen de ondernemers zo makkelijker toegang tot reguliere financieringsbronnen in hun eigen land.'

Volgens Collier staat ideologie veel oplossingen in de weg. Bevreesd om van neokolonialisme te worden beticht, houdt het Westen zich afzijdig en wordt Afrika juist geïsoleerd en afgesneden van mogelijkheden zelf geld te verdienen. 'Wij helpen liever kleine boertjes zelfvoorzienend te zijn, dan grootschalige commerciële landbouw te ontwikkelen. Terwijl dat het enige antwoord is op de honger in de wereld.'

mailIcon print |