*

 

Vijf onbeantwoorde vragen over: het Libië-fiasco

Van onze verslaggevers Jan Hoedeman en Theo Koelé − 23/03/11, 04:39
De drie Nederlandse militairen bij aankomst in Eindhoven. © anp

DEN HAAG - Op 27 februari liep de redding van een Nederlander bij het Libische Sirte mis. Het kabinet probeert de Kamer ervan te overtuigen dat geen onverantwoorde risico's zijn genomen. In de Kamer knaagt de twijfel. Vijf onbeantwoorde vragen.

Was het echt nodig om de Nederlandse ingenieur daar weg te halen?
Het kabinet vindt van wel. Er was een 'kantelmoment' in de veiligheidssituatie. Royal Haskoning, de werkgever van de man (door het kabinet aangeduid als NN), had met klem aangedrongen op spoedige evacuatie. Hij had geen paspoort. Libische militairen waren op het bedrijf geweest, hadden er in de lucht geschoten en een werknemer geslagen. Het bedrijf vreesde dat westerlingen het risico liepen gijzelaar te worden. Er was geen alternatief voor de helikopteractie vanaf de Hr. Ms. Tromp, schrijven minister Hans Hillen van Defensie  en minister Uri Rosenthal van Buitenlandse Zaken.

Kamerleden zijn niet overtuigd. Zo vragen Henk Jan Ormel (CDA) en Frans Timmermans (PvdA) of de situatie voor NN dermate benard was dat de levens van drie militairen in de waagschaal moesten worden gesteld. Alexander Pechtold (D66) vraagt zich af of er geen andere uitweg was, bijvoorbeeld via een Bosnisch vliegtuig dat in hetzelfde weekeinde vertrok.

Hoe kan het dat de Libiërs wisten van de Nederlandse evacuatie?
Dat is de meest intigrerende vraag. 'Helaas' zegt het kabinet. Alles stond of viel met het verrassingseffect. De bewindslieden, maar ook de Commandant der Strijdkrachten Peter van Uhm dachten dat het te doen was. Er mocht maar één man op het strand staan. Maar de Zweden verwezen een landgenote naar de Nederlandse operatie. Er zijn verschillende mogelijkheden voor het uitlekken. Op Europees niveau was er veel overleg over evacuaties, veel mensen wisten iets.

Telefoongesprekken kunnen zijn afgeluisterd tussen de Hr. Ms. Tromp en de Nederlandse ingenieur. Maar ook de gesprekken tussen een Zweed en zijn moeder in Sirte, kunnen zijn opgevangen. Een andere mogelijkheid is dat de Zweedse het de Libische militairen heeft verteld. Zij was opgepakt. Daarop kunnen andere militairen zijn ingeschakeld. Toen ze daar aankwam, waren de Nederlanders al gearresteerd.

Voor VVD-Kamerlid Atzo Nicolaï is het een 'hoofdpunt': hoe het kon gebeuren dat de Libiërs op de hoogte waren van de komst van de helikopter? 'Dat is immers de reden waarom de actie mislukte.'

Wie had de regie in Nederland? Wie nam de beslissingen?
De Ministeriële Kerngroep Speciale Operaties (MKSO) bestaat uit premier Mark Rutte (VVD), vicepremier Maxime Verhagen(CDA), minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal (VVD) en minister van Defensie Hans Hillen (CDA). Zij kregen operationele keuzes voorgelegd van de interdepartementale Stuurgroep Militaire Operaties (SMO), die meestal op ambtelijk niveau vergadert. De brief zet de schijnwerper omstandig  op wat er in Sirte gebeurde, maar toont niet wie in Den Haag welke beslissing nam. Het SP-Kamerlid Harry van Bommel richt zijn pijlen op voorhand op Hillen. 'Het ging om zíjn mensen. Er is knullig gehandeld, maar is het ook verwijtbaar?' Van Bommel zinspeelt op een motie van afkeuring tegen Hillen.

Speelden de provinciale statenverkiezingen een rol?
Als het om timing gaat: vier dagen voor de verkiezingen liep de actie in de soep. Nederland nam er pas kennis van een dag na de verkiezingen, door berichtgeving in De Telegraaf.  De brief geeft geen aanwijzing dat de verkiezingen een rol speelden:  het kabinet was al weken bezig met allerlei evacuatieplannen.  We zullen nooit weten wat er was gebeurd als de actie was gelukt. De bewindslieden suggereren dat ook een succesvolle actie geheim had moeten blijven, wat erop duidt dat het kabinet er niet op uit was om goede sier te maken. In de wandelgangen speculeerden Kamerleden wel over een verband met de verkiezingen.

Waarom zijn al deze vragen onbeantwoord?
Het kabinet zit met de kwestie in de maag. De kool en de geit moeten gespaard worden. De belangen zijn groot, de ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie hebben al de nodige schade opgelopen in hun eerste half jaar.

De schuldvraag wordt  intussen zorgvuldig niet beantwoord: de vier ministers vallen elkaar (nog niet) af.

Volgende week debatteert de Kamer. Dan wordt een 'politiek oordeel' van het kabinet over de actie gevraagd. De Kamer bestookt het kabinet eerst met een reeks schriftelijke vragen en wacht op een onderzoek naar de rol van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD). Al meteen na de ontvangst van de brief sprak PvdA-Kamerlid Timmermans over 'geklungel.'

De regeringspartijen CDA en VVD en gedoogpartner PVV wagen zich nog niet aan een kwalificatie. Ormel (CDA):  'Het is wel erg gemakkelijk om een negatief oordeel te vellen. Hoe zou de Kamer gereageerd hebben als een geboeide Nederlander naast een grijnzende Kadhafi op tv was verschenen?'
mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />