*

 

‘Voor mijn vader blijven we gewoon dochters van Kibet’

Van onze verslaggever Mark van Driel − 15/08/08, 02:45

Ze zijn zussen. De een komt uit voor Nederland, de ander voor Kenia. ‘Gek? Helemaal niet.’..

Ze zijn zusjes, dat vooral. Zusjes spreken niet graag over tijden, over hitte en smog, of over uitkomen voor twee verschillende landen. Ze praten liever over kleren en kleuren.

Hilda Kibet en Sylvia Jebiwott Kibet namen elkaar meteen de maat, toen ze elkaar woensdag in het olympisch dorp troffen. Ze vergeleken hun olympische pak. Het Nederlandse van Hilda is wit en oranje, het Keniaanse van Sylvia is rood en zwart. En daarna vergeleken ze hun appartementen. ‘Ze was jaloers op de vrolijke kleuren’, zegt Hilda.

De zusjes gaan luchtig om met de uitzonderlijke situatie. Het komt hoogst zelden voor dat twee atleten bij de Olympische Spelen uitkomen onder verschillende vlaggen. Hilda, die sinds vorig jaar in het bezit is van de Nederlandse nationaliteit, maakt vanavond haar debuut op de 10.000 meter. Sylvia komt volgende week uit op de 5000 meter.

‘Gek? Het is helemaal niet gek’, vindt Sylvia. ‘Ik ga gewoon genieten van de situatie.’

‘Onze familie staat er nauwelijks bij stil’, zegt Hilda. ‘Het kan ze niet schelen of we uitkomen voor Nederland of Kenia. Ze zijn blij dat we meedoen. Voor mijn vader blijven we dochters van Kibet.’

Hilda (27) is de oudste van een gezin met zeven dochters en drie zonen. Ze groeide op in de hooggelegen Keniaanse Rift Vallei, een vruchtbare omgeving voor Keniaanse atleten.

Haar ouders wonen nog altijd op haar geboortegrond, op 2700 meter hoogte in de groene heuvels. Ze koken in een traditionele hut, ook al heeft Hilda van haar prijzengeld een stenen huis laten bouwen.

Haar familie moet het stellen zonder gas, water en elektriciteit. Er is geen televisie in de buurt, dus de kans bestaat dat ze geen getuigen zullen zijn van de races van de zusjes. ‘Ik heb mijn vader gezegd dat hij moest kijken. Maar misschien vergeet hij het gewoon wel’, zegt Hilda. Ze moet hartelijk lachen om het idee.

Hoewel Hilda de oudste is, heeft Sylvia (24) meer ervaring. Ze werd vorig jaar vierde bij de WK atletiek en dit jaar opnieuw vierde bij de WK indoor. In Berlijn, bij de Golden League, won ze de 5000 meter. Ze draait al jaren mee in het atletiekcircuit, met een korte onderbreking vanwege de geboorte van haar kind. ‘Ik was de eerste atlete in de familie. Het is bij mij begonnen.’

De atletiekloopbaan van Hilda is eigenlijk bij toeval ontstaan. Via het hardlopen hoopte ze in Amerika een studiebeurs te kunnen verdienen. Maar terwijl ze in training was in het Keniaanse kamp van haar achternicht Lornah Kiplagat, ontmoette ze de Nederlandse marathonloper Hugo van den Broek. Ze werden verliefd. Hij haalde haar over in Nederland te studeren.

Pas in Nederland, nadat ze haar studie fysiotherapie had afgrond, maakte ze serieus werk van de atletiek. Op de weg stootte ze razendsnel door naar de wereldtop op de 10 kilometer. Nadat ze vorig jaar het Nederlandse paspoort had gekregen, besloot ze zich ook op de baan te richten. In Peking loopt ze pas haar derde 10.000 meter. Ze staat zesde op de wereldranglijst van dit jaar, twee plaatsen voor Lornah Kiplagat.

De zusjes blaken van ambitie. Hun voornaamste tegenstanders komen uit Ethiopië. De kans bestaat dat ze allebei uitkomen tegen favoriet Tirunesh Dibaba, die de 5000 en de 10.000 meter wil lopen. ‘We moeten de Ethiopiërs afslachten’, zegt Sylvia zonder terughoudendheid.

Hilda moet lachen om dat onverbloemde fanatisme van haar zusje. ‘Ze zegt steeds, je moet de Ethiopiërs afslachten. En de Kenianen. Ze heeft zich voorgenomen om in het stadion niet bij de andere Kenianen te gaan zitten als ik moet lopen. Ze is een beetje bang dat ze klappen krijgt als ze mij te fanatiek aanmoedigt.’

De zusjes trainen geregeld samen in Kenia, waar Hilda vanwege de gunstige omstandigheden voor atleten vaak verblijft. Op de eenvoudige, vervallen atletiekbaan in het gehucht Iten doen ze samen vooral tempowerk. Maar ze zijn fysiek anders gebouwd. ‘De 10.000 is echt te lang voor mij’, zegt Sylvia. ‘Ik ben niet snel genoeg voor de 5000’, aldus Hilda.

Hoewel Hilda veel in haar geboorteland traint, betwijfelt ze of ze de top zou hebben bereikt zonder Nederland. De omstandigheden waaronder de zusjes werken verschillen zeer.

Sylvia moest zich plaatsen voor de Spelen via een keiharde selectie bij de Keniaanse trials. Alleen de beste drie mochten naar Peking. Hilda dwong haar startbewijs af in een wedstrijd die volledig in het teken stond van haar kwalificatie en die van Lornah Kiplagat. Ze kreeg haar rondetijden exact door en wist precies of ze op de olympische koers lag.

Ook in de voorbereiding op Peking kan Hilda profiteren van de Nederlandse welvaart. Ze kreeg de kans om met de ploeg in Japan te acclimatiseren. Ze heeft een persoonlijk trainingsprogramma van haar privétrainer. En er staan artsen en fysiotherapeuten voor haar klaar.

Van die omstandigheden kan haar zusje alleen maar dromen, zegt Hilda. ‘Zij moet het nationale programma volgen. Zij heeft geen eigen coach. En ze zijn rechtstreeks vanuit Kenia naar China gevlogen.’

Toch noemt Hilda haar zusje ‘mijn speciale adviseur’. Na de inspectie van de olympische kleren en de appartementen hebben ze onderling gesproken over tactiek en materiaal. De speciaal ontwikkelde spikes, een combinatie van baan- en wegschoenen, kregen de goedkeuring van Sylvia.

En ze drukte Hilda op het hart om tijdens de 10.000 meter aan de binnenkant van de baan te blijven, uit het gedrang. ‘Anders komen mijn benen onder de krassen van de spikes.’

Tussen zusjes doen verschillende paspoorten er niet toe, willen de dochters van Kibet maar zeggen. Zij vertrouwen in Peking op elkaar.

mailIcon print |