*

 

‘Klimaatkamer? Nooit van gehoord’

Van onze verslaggeefster Noor Tonkens − 04/08/08, 09:50

George Comissiong, teammanager van de atletiekploeg van Trinidad en Tobago, zit zaterdagavond hoog op de tribune van het Olympisch Stadion te schuilen voor de regen....

Terwijl de hoosbui overgaat in een constante miezer regen, daalt de temperatuur steeds verder in de richting van het onaangename. ‘Toen we aankwamen was het weer prima’, zegt Comissiong terwijl hij een blik werpt op de grauwe hemel. ‘Maar ja, het is omgeslagen.’

Had de Amsterdam Open een paar dagen eerder plaatsgevonden, dan was het evenement in de broeierige warmte misschien een aardige voorbereiding geweest op de wedstrijden in de vochtige hitte van Peking. Nu zetten de meeste atleten uit de ploeg van Comissiong toch maar een muts op en trekken ze handschoenen aan.

Hij moet lachen om de vraag wat zijn ploeg zo vlak voor het begin van de Spelen in hemelsnaam in Nederland doet. De meeste Nederlandse olympiërs zijn immers al aan het acclimatiseren in Hongkong of Peking. ‘Ach, we wilden ze nog een race laten lopen.’

De weersomstandigheden en de luchtkwaliteit in Peking mogen in Nederland dan al maanden het gesprek van de dag zijn, in Trinidad en Tobago wordt er nauwelijks over gesproken.

‘Er zijn wat zorgen over de luchtkwaliteit, maar het is geen groot thema’, zegt Comissiong. ‘Ik heb de atleten er zelf ook niet over gehoord. De medische staf is er natuurlijk meer bezorgd over en we werken op basis van hun adviezen. Maar het voordeel is dat wij geen langeafstandslopers in ons team hebben. We stoppen bij 400 meter, dus luchtverontreiniging speelt voor ons niet zo’n grote rol als voor marathonlopers.’

Het team vliegt de volgende dag door naar Zuid-Korea waar een trainingskamp wordt belegd. ‘Daar gaan we het trainingsprogramma aanpassen met het oog op de warmte. Maar we zijn in 2006 ook in Peking geweest, voor het WK junioren, en toen was iedereen er snel aan gewend.’

Toch blijft de ploeg zo lang mogelijk weg uit Peking. De atleten laten de openingsceremonie aan zich voorbijgaan en komen pas op 11 augustus in Peking aan, een paar dagen voor de atletiekwedstrijden beginnen. Comissiong: ‘We gaan zo laat mogelijk om de luchtverontreiniging te vermijden én om de verleidingen van het olympisch dorp te beperken.’

Verleidingen? Er verschijnt een mysterieuze glimlach op het gezicht van Comissiong. ‘Overal waar je een stel jonge mensen bij elkaar zet, ontstaan verleidingen’, weet hij. ‘En dat heeft niks met Peking te maken, dat is overal zo.’

Zijn stelling wordt onmiddellijk bewezen door twee jonge Amerikaanse atletes die iets verderop giechelend zitten te flirten met een vrijwilliger.

Ondertussen heeft zich een lange rij van koukleumende atleten gevormd voor de massagekamer. Een loper van Trinidad is geblesseerd uitgevallen. Hij heeft een spier verrekt, mede door het Hollandse weer. ‘Warm blijven is moeilijk met dit weer’, zegt Comissiong. ‘Maar de blessure valt mee.’

Oud-wereldkampioen op de 100 meter Kim Collins is ook in Amsterdam. De atleet uit Saint Kitts maakt zich op voor zijn vierde Spelen en vindt een lange acclimatisering in Peking onzin.

De luchtkwaliteit is een ander verhaal. ‘Ik was er eerst heel zenuwachtig over, maar het ziet er al beter uit. Ik volg het op het nieuws en je ziet nu hier en daar blauwe luchten boven Peking.’

Hij moet lachen om de klimaatkamer die op Papendal is gebouwd om de Nederlandse atleten voor te bereiden op het drukkende weer in Peking. ‘Ik zie het wel als ik er ben. En weet je, als je je aan het Nederlandse weer kunt aanpassen, kun je overal aan wennen.’

De ogen van de Zambiaanse 800 meterloper Prince Mumba worden groter als hij hoort over de Nederlandse klimaatkamer op Papendal. ‘Wauw’, zegt hij met een stem vol verbijstering en een vleugje scepsis. ‘Daar heb ik nog nooit van gehoord.’

Het weer in Peking houdt hem niet bezig. ‘Eerlijk gezegd kan het me niks schelen. Ik heb in alle mogelijke omstandigheden gelopen. Ik weet niet precies hoe het weer daar is, maar ik maak me er niet druk om.’

De luchtvervuiling baart hem meer zorgen. ‘Ik kan alleen bidden dat het mijn gezondheid niet zal aantasten. Maar, als het heel slecht is, loop ik misschien niet. Niets is het waard om je gezondheid op het spel te zetten.’

mailIcon print |