*

 

De lucht van erwtensoep en zweet

Noor Tonkens, Jiri Büller − 21/01/08, 02:46

Het is een grauwe zaterdagochtend in Wijk aan Zee. Het regent onophoudelijk en de dikke mist lijkt de kleine badplaats steeds verder in te nemen....

Voor de gesloten lamellen van een oud winkelpandje hangt een eenzaam portret van Bobby Fischer. Zijn geest waart rond in Wijk aan Zee, maar op de negende dag van het Corus-toernooi is de dood van Fischer niet meer het gesprek van de dag.

Dat was hij vrijdag wel, toen de groot- en kleine meesters, die hier traditioneel onder hetzelfde dak schaken, het nieuws van zijn dood vernamen vanachter het schaakbord. Misschien wel de enige juiste plek. Er was een minuut stilte en de rest van de dag werd druk gediscussieerd of hij nu wel of niet de grootste grootmeester aller tijden was.

Vandaag is dat anders. Het gesprek van de dag is de erevierkamp, die vandaag begint. De oud-kampioenen Kortsjnoi, Portisch, Ljubojevic en Timman eren het zeventigjarig jubileum van het toernooi met een vierkamp, die gespeeld wordt op het podium van sporthal De Moriaan. In dezelfde zaal als de grote meesters denken straks honderden recreanten na over hun volgende zet. En dat is precies wat het evenement zo bijzonder maakt, grootmeesters en amateurs samen in één zaal.

Er zijn een paar nieuwe regels in Wijk aan Zee, al hebben die niks met schaken te maken. Roken mag alleen nog buiten, wat voor de grootmeesters betekent dat ze alleen onder toeziend oog van een arbiter in een tentje voor de deur een sigaret mogen opsteken. Een deelnemer wiens telefoon afgaat, verliest reglementair. Een toeschouwer die hetzelfde overkomt, moet tien euro boete betalen. De opbrengst van de boetepot gaat naar het Rode Kruis.

Het is nog vroeg, de wedstrijden beginnen pas over een paar uur, maar in café de Zon druppelen de eerste spelers al binnen. ‘Is de snert al warm?’ ‘Als u dat wilt meneer, dan kan dat.’ Ruim voor twaalven is de beroemde erwtensoep al zeer gewild. Na de soep worden, met de krant opengeslagen op de denksportpagina, de partijen van vrijdag zorgvuldig nagespeeld en geanalyseerd.

Een paar uur later is het toernooi in volle gang. In De Moriaan verdringt het publiek zich achter de afzetting om de grootmeesters aan het werk te zien. De toeschouwers turen in opperste concentratie naar de plasmaschermen waarop de stellingen te zien zijn. Ook de wedstrijden van de recreanten trekken veel bekijks.

Lange rijen toeschouwers trekken geduldig langs de partijen. Er wordt gezwoegd en gepeinsd en af en toe is het moeilijk te ontdekken waar de geur van de erwtensoep ophoudt en de zweetlucht begint.

In het paviljoen op de dorpsweide zijn Lex Jongsma en Genna Sosonko ondertussen aan hun commentaar begonnen. De zaal zit stampvol en luistert ademloos terwijl het tweetal als een soort komisch duo over het podium beweegt. ‘Ik denk Lex, dat je mij gerust de vader van deze variant mag noemen.’ ‘Nou Genna, de pleegvader misschien.’

Terug in café de Zon staan de eerste schakers alweer aan de bar. De koffie heeft plaatsgemaakt voor bier en de meeste spelers schuiven onmiddellijk weer achter een schaakbord om hun partij nog eens na te spelen. Ook in de gangen van de Moriaan wordt druk nagepraat. Het lijkt wel alsof iedereen elkaar kent. ‘En? En?’, klinkt het hoopvol. ‘Remise. Jij?’

Peter Pijpers komt een clubgenoot tegen. ‘Ik doe al 26 jaar mee, maar sla een jaartje over. Mijn teamgenoten doen het zware werk, ik kom alleen een biertje drinken.’ ‘En ons vertellen wat we fout hebben gedaan’, roept zijn teamgenoot terwijl hij de wedstrijdzaal weer inloopt.

In de deuropening van een achterafzaaltje van De Moriaan krijgt een deelnemer een standje van de wedstrijdleiding. ‘Dat was kwetsend en ongepast’, fluistert de arbiter tegen de schaker wiens glimlach verraadt dat hij zijn partij wel heeft gewonnen.

‘Ik deed zo’n goede zet’, zegt de speler van 't Pionneke uit Roermond, terwijl zijn ogen glinsteren van trots. ‘Zo goed, dat ik kinderlijk enthousiast riep: en dit is einde verhaal. Mijn tegenstander raakte daarover zo geïrriteerd dat hij de wedstrijdleiding erbij haalde. De arbiter zag dat zijn positie onhoudbaar was en bedekte het incident met de mantel der liefde. Het was niet helemaal netjes, maar goed.’

En zo waart de geest van Bobby Fischer, die niet alleen briljant kon schaken maar het ook niet altijd even nauw nam met de regels, laat staan met de fatsoensnormen, nog wel even rond in Wijk aan Zee.

mailIcon print |