De voetballer met vijf zussen en tien broers denkt even na over de vraag hoeveel mensen hij structureel onderhoudt in Ivoorkust: ‘23, 24.’..
De gulle lach van Arouna Koné vult de kamer op de Herdgang, het trainingscomplex van PSV. Om zijn pols bungelt het oranje bandje dat hij nooit meer afdoet en waarop staat: Cote d’Ivoir, 2006. Het is een herinnering aan het WK.
Zijn zwarte krulletjes zijn ivoorkleurig geblondeerd. Vandaag is hij gekleed in T-shirt en spijkerbroek, maar elke vrijdag komt hij in boubou, een lang gewaad, naar de club. Na de training bidt hij in de grote moskee van Eindhoven, vlakbij het stadion.
Hoe hij in het levensonderhoud van meer dan twee elftallen voorziet? Door geld te sturen of uit te delen tijdens vakanties. Familie en vrienden melden zich dan en vragen: ‘Et moi? En ik? Ze zeggen wat ze nodig hebben. Als je ze dat niet geeft, is dat niet goed voor je imago. Dan voelen ze zich beledigd.’
Denk echter niet dat hij gebukt gaat onder die morele druk.
‘Het voelt niet als een verplichting. Blije mensen maken mij gelukkig. Als één persoon in de familie werkt, zorgt hij voor alle anderen. Dat is ons principe van delen, van solidariteit. Ik wil mijn topniveau halen als voetballer, maar ik wil ook dat anderen hun dromen kunnen verwezenlijken.
‘Als je geeft terwijl je eigenlijk vindt dat je niet genoeg hebt, beleef je er weinig plezier aan. Maar ik deel graag uit, ook omdat ik voor mezelf niet zo veel nodig heb.’ En Koné verdient astronomische bedragen, zeker voor Afrikaanse begrippen.
‘Toen ik een paar maanden bij Lierse voetbalde in België, ging ik voor het eerst terug naar Ivoorkust. Het huis van mijn moeder was geschilderd en er stonden frisse bedden. De tranen biggelden over mijn wangen. Het belangrijkste voor mij is dat mijn familie gelukkig is en tevreden over mij. Als ik ze zie glimlachen, ben ik blij.’
Arouna Koné is een voetballer die levenslust uitstraalt. Hij vertegenwoordigt deugden als spelvreugde en werklust. De Afrikaan in hem is springlevend en niet weggedrukt door Europese gewoonten. Hij is ongepolijst, sterk als een ongetemd beest en razendsnel. Soms is hij geniaal, dan weer mist hij elk overzicht.
Kappend en slalommend wurmt hij zich langs tegenstanders, ogenschijnlijk zonder plan, om oog in oog met de doelman soms hopeloos te falen. In één lange ren kan applaus van de tribunes oplaaien én verworden tot verbijstering. Hoe het ook zij: hij is een van de spectaculairste acteurs in de eredivisie.
Hij teert op de rauwe puurheid van het spel zoals dat zich afspeelde op de stoffige straten in Anyama, bij Abidjan, waar hij leerde voetballen. Blootsvoets, met een plastic bal. De Koné van Afrika lijkt nog op de Koné die flitst in het schijnsel van het Philips Stadion.
‘Ik ben niet wezenlijk veranderd. In veel opzichten ben ik vooruitgegaan, maar mijn spel is nagenoeg hetzelfde gebleven. Afrikanen leren van nature veel techniek. Hier vestigen ze de aandacht op tactiek. Maar als je te veel naar tactiek kijkt, verlies je je techniek. Je moet je kwaliteiten houden en alleen wat toevoegen.’
Hoe hij ook danst en rent, zelden laat hij zich provoceren door een verdediger die zijn demarrages met grof geweld onderbreekt. ‘Ik houd niet van agressiviteit. Sommigen geven je expres een klap of trap, terwijl voetbal is bedoeld als amusement. De enige die daartussen staat is de scheidsrechter. Je kunt alleen hopen dat die wangedrag bestraft.’
Koné kende een uitstekende periode dit seizoen, hoewel hij eerst nauwelijks scoorde en daarna juist vaak. Hij staat tiende in Nederland, met tien treffers in de eredivisie. Hij lacht verlegen na de opmerking dat hij vaker moet scoren, gezien het aantal kansen dat hij krijgt.
Hij en PSV beleven bovendien moeilijke tijden, na één punt in drie duels, terwijl dinsdag Arsenal op bezoek komt in de Champions League. PSV is afhankelijk van hem en Farfán.
‘We hebben verloren van AZ en Roda. Als je niet gewend bent te verliezen, slaat dat op je moreel. Dan gaat het elftal twijfelen. We konden het gelijkspel tegen Sparta niet verteren. Toch zullen we ons herstellen. Het zal moeilijk worden, maar wij worden vast kampioen.’
Zijn spel bestempelt hij als intuïtief. Buiten het veld is hij een man van strakke discipline, een vrome moslim die vijf keer per dag bidt, en de rust van een bungalow in het Belgische dorp Arendonk verkiest boven de reuring van de stad.
Herman van den Broeck, een Belg die hem als voormalig vice-voorzitter van Lierse uit Afrika liet overkomen: ‘Hij is een ernstige jongen die altijd met voetbal bezig is.’
Koné: ‘Ik heb altijd gedroomd profvoetballer te worden, maar in Ivoorkust kan dat niet eens.’
Duizenden Afrikaanse voetballers wagen de oversteek, van wie een klein percentage de top haalt. Velen kwijnen weg in lagere Europese divisies of zelfs bij de amateurs, terwijl ook hún familie wacht op financiële steun uit dat kille werelddeel van melk en honing.
‘Een topvoetballer uit Afrika droomt van de trofee die de beste speler van het continent eens per jaar krijgt. Je kunt de beste schutter van Engeland of Spanje zijn (zie kader), maar het gaat erom de beste voetballer van Afrika te worden.
‘Velen van ons doen het goed in Europa, maar slechts eentje kan aanvoerder zijn van een generatie. De onderlinge concurrentie is daarom groot.
‘We houden elkaar in de gaten en geven alles. Dat is ook noodzakelijk. De nationale ploeg van Ivoorkust bestaat bijvoorbeeld volledig uit professionals. Als je niet voldoet aan de verwachtingen, word je gelijk vervangen. Anderen staan te trappelen.’
Om de top te bereiken stelde Koné voor zichzelf een stappenplan op.
Stap I: de oversteek van Afrika naar Europa.
‘Ik heb hem zelfs leren afwassen’, zegt Van den Broeck, die Koné en landgenoot Tohoua onderbracht in een huis naast het stadion van Lierse. ‘We zochten naar goedkope telefoonkaarten van tien euro, waarmee hij een half uur naar huis kon bellen. Ik heb hem leren winkelen, sparen op rekening en dweilen. Maar tegenwoordig heeft hij een meid die zijn huis schoonhoudt.’
Van den Broecks stem slaat bijna over als hij over Ivoorkust praat. ‘Oh oh oh, u kunt zich niet voorstellen hoe hij daar woonde. U zou het daar geen vijf minuten uithouden.’ De Konés waren arm en klein behuisd. Het was de zoete inval. Vrouwen in de buurt gingen een paar uur na een bevalling alweer aan het werk. Van den Broeck, nog steeds bevriend met Koné: ‘Zijn familie wilde daar blijven wonen, maar alles is opgeknapt. Ze hebben airco en moeder heeft een auto met chauffeur.’
Stap II was van Lierse naar een iets grotere club, Roda JC dus.
Toenmalig bestuurslid en suikeroom Nol Hendriks kocht hem als opvolger van de naar Ajax vertrokken Soetaers en lachte in zijn vuistje. Hij vindt Koné zijn beste aankoop ooit. Bij zijn vertrek naar PSV leverde de international bijna een jaarbegroting van Roda op, een kleine tien miljoen euro.
Hendriks: ‘Hij leeft geweldig voor zijn sport. En hij is gelovig, maar hij overdrijft niet.’ Van den Broeck: ‘Hij heeft goede benen en een goed hoofd.’ Koné zelf: ‘Ik was de gelukkigste mens op aarde toen ik naar Roda ging.’
Stap III was de overgang naar een topclub.
Ajax, zo dacht hij. Koné zou Ibrahimovic opvolgen, maar de dokters keurden hem af vanwege zijn hart. Hij heeft een sporthart, zo bleek bij nader onderzoek. Een jaar later vertrok hij naar PSV.
‘PSV is onderdeel van mijn plan. Hier werk ik mijn droom verder uit. Over een of twee jaar wil ik naar een nog grotere club, zo staat in mijn carrièreplan. Het liefst naar Manchester United.’
Volgens Hendriks is dat niet te hoog gegrepen. ‘Voetballend zit er meer in en qua scorend vermogen zeker. Hij zou alleen altijd in een systeem met twee spitsen moeten voetballen en niet te veel op links. Met zijn snelheid en kracht kan hij vanuit het centrum uitwijken naar de vleugels. Dan is hij het gevaarlijkst.’
Koné: ‘PSV heeft een warm hart. Hier zitten veel buitenlanders, die qua voetbal een beetje dezelfde cultuur koesteren. De warmte hier lijkt iets op die in Afrika.’ Maar Europa zal nooit Afrika zijn. In vakanties vliegt hij naar huis. ‘Wij leven in een groep en doen alles met elkaar. We kennen weinig individualisme.’
Volgende maand komt zijn moeder voor de eerste keer sinds hij in Europa voetbalt op bezoek. Arouna Koné wil dat ze eerst een wedstrijd bezoekt. Daarna maken moeder en zoon een rondrit langs de plekken waar hij is geweest, met bezoekjes aan de mensen die hem lief zijn.
Dan kan zijn moeder het stappenplan van Arouna’s loopbaan eindelijk met eigen ogen aanschouwen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Sport:
voetbal,
wielrennen,
tennis,
auto- & motorsport,
meer sport.