Hoeveel teams zijn er nodig om van solidariteit te spreken in een wielerpeloton? Maandag leken de rijen voor het oog van de camera’s eindelijk eens gesloten tijdens de tweede etappe van de Tour de France, maar niets was minder waar.
‘Ik ben niet akkoord’, zei Marc Sergeant, manager van Omega Pharma, en smeet ferm de deur van de ploegbus dicht. ‘Ik begrijp er niets van’, reageerde Alan Peiper, ploegleider van Columbia, hoofdschuddend. Bij Cervélo kwam er stoom uit de oren van Thor Hushovd: ‘Ik ben vreselijk gefrustreerd.’
Adri van Houwelingen, ploegleider van Rabobank: ‘Ze hebben zich laten intimideren!’ En met ‘ze’ doelde hij op zijn eigen kopmannen: Robert Gesink, Denis Mentsjov en Oscar Freire.
Met een druk gebarende Fabian Cancellara op de eerste rang legde het peloton dinsdag de laatste kilometers van de mini-uitgave van Luik-Bastenaken-Luik in slakkengang af. Op verzoek van de geletruidrager werd de wedstrijd in de laatste 20 kilometer geneutraliseerd. Veel renners likten hun wonden na de massale valpartij in de afdaling van de Côte de Stockeu die door nieuw asfalt en de regen een schaatsbaan was geworden.
‘Zelfs renners die naast hun fiets stonden, bleven niet overeind’, zei Johan Bruyneel, ploegleider van Radioshack. ‘Het was een surrealistisch gezicht. Toen ik weer was opgestapt, reed ik langs gevallen renners. Het leek wel oorlog’, vond zijn kopman Lance Armstrong.
Cancellara lapte het spreekwoord dat ‘de Tour op niemand wacht’ aan zijn laars. In de Ardennen wachtte de Tour maandag op iedereen. Fair play, noemde de Zwitser zijn oproep tot een wapenstilstand. Toen hij daartoe het initiatief nam, was Sylvain Chavanel koploper, maar leek de achterstand nog met gemak te overbruggen voor de sprinters. Nu kreeg de renner van Quickstep niet alleen de etappe, maar ook de gele trui cadeau.
Dat hij die leiderstrui niet verdedigde, vond Cancellara gezien de omstandigheden normaal. ‘Dat is niet belangrijk. Ik vind solidariteit en respect in de sport het voornaamste. Mijn boodschap aan de renners was: wielrennen is maar een deeltje van jullie leven.’
Zijn motivatie was minder vredelievend dan de Zwitser wilde doen voorkomen. Wat telde, was dat de kopmannen van zijn ploeg, Frank en Andy Schleck, op de grond lagen en daardoor op achterstand waren geraakt. ‘Ik kon mijn fiets nergens meer vinden’, zei Andy Schleck. ‘Ik kreeg die van Matti Breschel. Maar honderd meter verder ging ik opnieuw onderuit.’
Het was zijn geluk dat ook Lance Armstrong en Alberto Contador niet ongeschonden door de Ardennen kwamen. Het pact tussen Team Saxo Bank, Astana en Radioshack was daardoor snel gesloten. De blikvangers van deze Tour spaarden elkaar. Armstrong weersprak dat. Het was volgens hem voor alle renners een verwarrende situatie, met Cancellara vooraan en de Schlecks achteraan.
‘Op het moment dat ik hoorde dat Andy was gevallen, heb ik mijn ploegmaats opdracht gegeven te stoppen met achtervolgen’, zei Contador. ‘Het was een gentlemen’s agreement’, reageerde zijn ploegleider Yvon Sanquer.
‘Ik verwijt de organisatie niets. Dit is een legendarisch deel van Luik-Bastenaken-Luik, ze hebben hier al in de sneeuw gereden. Dit is gewoon pech hebben’, zei Armstrong, die er in 1999 geen enkele moeite mee had om de na de Passage de Gois gevallen medefavorieten Zülle, Boogerd, Rinero en Gotti op zes minuten te rijden.
Eén afdaling maakte de verhoudingen in het peloton duidelijk. Cancellara babbelde wat met koersdirecteur Jean-François Pescheux en die toonde alle begrip voor de Zwitser. ‘Zo mag de Tour niet worden beslist’, vond de Fransman. ‘Er staat te veel op het spel’, zei Armstrong.
Gek genoeg vroeg Cancellara aan de finish ook alle punten voor de groene trui te annuleren. ‘De etappezege was toch verloren. Wat moesten we dan nog als gekken gaan sprinten’, legde Cancellara uit. Pescheux knikte braaf. Alleen Chavanel kreeg op de finishlijn de bijbehorende 25 punten.
Van Houwelingen schudde het hoofd. ‘We kunnen ook met z’n allen meteen naar de bergen rijden en het daar laten gebeuren.’
Maar de ploegleider van Rabobank kreeg dinsdag ook geen beweging in zijn eigen manschappen. Het was opmerkelijk dat in de chaos uitgerekend de drie kopmannen overeind bleven. ‘Ik was al eerder gevallen’, bekende Gesink. Daarbij liep hij een scheurtje in de ellepijp op. ‘Het was een rare situatie. Als ik val, wordt er gewoon doorgereden. Maar na de Stockeu was het ineens een schande wel door te rijden.’
Van Houwelingen nam het hem niet kwalijk dat zijn ploeg geen initiatief hadden getoond. Het stelde hem vooral teleur dat Mentsjov en Freire, ervaren dertigers, zich hadden laten intimideren door Cancellara. Dat ze zich daarmee mogelijk de woede op de hals zouden halen van de concurrentie, was geen excuus. ‘Ik heb liever succes en het peloton tegen me, dan geen succes en iedereen als vriend’, aldus de ploegleider.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Sport:
voetbal,
wielrennen,
tennis,
auto- & motorsport,
meer sport.