*

 

‘Publieke omroep is Nederlands elftal van het medialandschap’

Door Wilco Dekker − 18/06/08, 07:46

Henk Hagoort (43) is sinds deze maand de nieuwe topman van de Publieke Omroep. Den Haag moet van de programma’s afblijven, waarschuwt de voormalige EO-directeur, en de actualiteitenrubrieken moeten beter hun best doen.

U bent de geestelijk vader van de term ‘drie keer de Volkskrant’ voor de actualiteitenrubrieken. De Publieke Omroep is te links?
‘Het ging mij niet zozeer om links of rechts. Wat ik bedoelde is dat de toon en de aanpak en de benadering van onderwerpen bij Nova, Netwerk en EénVandaag te veel dezelfde is. We spelen te veel kluitjesvoetbal en de flanken zijn niet bezet. Dat vind ik wel een thema. In zijn algemeenheid vind ik dat de tv-journalistiek nou niet direct uitblinkt in het zich snel en innovatief aanpassen aan de veranderende omgeving.’

Hoe bedoelt u?
‘De vernieuwing in de tv-journalistiek zit niet in de formats van de actualiteitenrubrieken, die zit vooral in talkshows als DWDD. Ik vind dat de tv-journalistiek te weinig tegen de stroom in roeit. Ik begrijp die dagelijkse spanning tussen inhoud en kijkcijfers, maar ik verwacht op z’n minst dat men zijn best doet niet te makkelijk mee te gaan in hypes, en in sentimenten waarvan je weet dat ze scoren. Tv-journalistiek heeft als handicap dat het kort moet. Dan heb je de neiging om het in een frame te gieten. Want wat begrijpt iedereen? Jantje heeft ruzie met Pietje. Winnen of verliezen. En wie heeft de schuld, dat begrijpt ook iedereen. Dus heel veel onderwerpen worden zo benaderd. Ik vind dat je je best moet doen je daaraan te onttrekken. Maar ik hoor dat te weinig, terwijl tv-journalisten in Hilversum in dat debat voorop zouden moeten lopen. Ik vind het mijn taak dat te agenderen.’

Het is tijd voor een goeie rechtse actualiteitenrubriek?
‘Ik wil de discussie niet versmallen tot de vraag of de PVV- en TON-aanhang zich herkent in de actualiteitenrubrieken. Dat is te simpel. Maar je zou wel vormen kunnen kiezen die voor de kijker helder maken wat de verschillende opinies zijn. Ik vind dat we die vormen nu niet hebben, zoals kranten wel een hoofdredactioneel commentaar hebben. Dan is het aan programmamakers om daar creatief mee om te gaan. Maar ik hoor gewoon de urgentie niet dat het moet. Tv-journalisten zijn ook wat minder flexibel. Andere programmamakers zijn er inmiddels aan gewend dat programma’s komen en gaan en dat ze hard moeten werken om nieuwe vormen te verzinnen om hun publiek te bereiken. De rubrieken waarover we het nu hebben, staan sinds jaar en dag in het schema op dezelfde plek. Grosso modo zijn deze redacties eraan gewend dat ze al 10, 15, 20 jaar kunnen doen wat ze doen. Ze mogen wel wat meer druk ervaren. Ook journalisten moeten zich rekenschap geven van het feit dat de wereld niet meer dezelfde is als twintig jaar geleden.’

Moeten ze vrezen voor hun bestaan?
‘Hun plek is wel vanzelfsprekend, want ik zou niet zonder willen. Maar ik vind niet dat redacteuren dat mogen vertalen in een zekere vrijblijvendheid over de kwaliteit van de journalistiek.’

Wat moet er verder beter in Hilversum?
‘Ik vind dat we nog beter elkaars ambassadeurs moeten zijn. Ik heb op mijn eerste dag hier gezegd: de Publieke Omroep is het Nederlands elftal van het medialandschap. En wij zijn de technische staf. Wij gaan als liefhebbers van het spel over de opstelling en de tactiek. En bij die opstelling zit het probleem, want we hebben heel veel spelers en die kunnen niet allemaal elke avond spelen. Dus dat geeft af en toe gedonder. Ik zie dat gedonder als onderdeel van de vraag hoe we het mooiste voetbal krijgen. Waar ik dan soms van baal, is dat we naar buiten zeggen dat het allemaal niet deugt in Hilversum. Dat moet echt beter: we moeten als omroepen niet meer in wij-zij-termen communiceren. Hier niet, en buiten Hilversum niet.’

En als Paul de Leeuw een netcoördinator vergelijkt met Mugabe? Hoe kwalificeert u dat?
‘Als een zeer teleurgestelde speler, met heel veel talent en creativiteit, die zijn ei kwijt moet over een opstelling waarmee hij het oneens is. Als je netcoördinator bent, pak je de telefoon en praat je dat uit. Dit hoort bij het vak.’

Maar gaat De Leeuw te ver?
‘Als je het op zijn feitelijkheid moet beoordelen, gaat hij te ver, ja. Maar dat wil niet zeggen dat we het niet af en toe begrijpen.’

Nederland 1 is een groot succes. Maar het is eigenlijk toch gewoon een commerciële zender?
‘Nee. Het wordt vanuit een publiek hart gemaakt. Dat hoef ik steeds minder uit te leggen, omdat ook mijn buurman begrijpt dat het nogal uitmaakt of het eredivisievoetbal wordt uitgezonden vanuit een publiek hart, of door een zender waar de adverteerder aan tafel zit. Dat is het verschil. Als ik naar Paul de Leeuw kijk, proef ik dat de redactie veel publiek wil trekken, maar ook bepaalde onderwerpen wil agenderen, aan verrijking van de kijker wil doen. Bij de commerciëlen gaat het ook over verrijking, maar dan anders. Daar zitten in toenemende mate programmakers en advertentieverkopers op dezelfde kamer. Dat zie ik van de programma’s afdruipen.’

Bij de Publieke Omroep lijkt de politiek steeds meer op de kamer te willen zitten.
‘Aan de goede intenties van deze minister twijfel ik geen moment. Maar achteraf gezien is de fiscalisering van de omroepbijdrage in 2000 (waardoor het aparte kijk- en luistergeld verdween, red.) een historische fout geweest. Het slechtste besluit wat er over de Publieke Omroep ooit is genomen. Toenmalig staatssecretaris Wouter Bos van Financiën deed twee beloften. Het nieuwe systeem zou niet gebruikt worden om aan het budget te komen. Die belofte is niet bewaarheid, want bij Balkenende II zijn we grof gepakt. De tweede belofte was dat de politiek zich niet met de inhoud van programma’s zou bemoeien. Los van de intenties van deze minister, ligt er zo langzamerhand wel een structuur waarbij dat zou kunnen. De overheid denkt tegenwoordig dat het belastinggeld van Den Haag is. Volgens mij zijn het de centen van de burger, maar daardoor vindt de politiek ook dat we ons elke dag diepgaand moeten verantwoorden over de besteding van het geld. Op dat punt zijn we een kritische grens over.’

Hoe gevaarlijk is dat?
‘De structuur van de Publieke Omroep moet bestand zijn tegen overheidsbemoeienis. Die mag niet afhankelijk zijn van de goede wil van enkelen. Zo bezien is de prestatieovereenkomst die we afsluiten met Den Haag, een risico. We moeten iets maken wat in de toekomst bestand is tegen kwade bedoelingen. Die rode vlag steek ik even op.’

mailIcon print |