*

 

Het geheim van het rechterlijk overleg staat ter discussie

Van onze verslaggever Menno van Dongen − 24/09/08, 02:45

Een heilig huisje van de rechtspraak staat ter discussie: het ‘geheim van de raadkamer’. Rechters reageren tot nu toe terughoudend op een voorstel te onthullen hoe ze tot een veroordeling zijn gekomen....

De discussie is aangezwengeld door de Nijmeegse hoogleraar strafrecht Ybo Buruma, voorzitter van de Commissie Evaluatie Afgesloten Strafzaken (CEAS), die onderzoek doet naar veronderstelde rechterlijke dwalingen.

Buruma komt met zijn pleidooi, omdat zijn commissie ‘de afgelopen jaren enkele verzoeken heeft ontvangen van veroordeelden die aannemelijk maakten dat ze onschuldig zijn, maar voor wie we helaas niets kunnen doen’.

Wie mogelijk onschuldig vastzit, wil hij niet zeggen. ‘Dan zou ik een bom onder deze zaken leggen. Dat wil ik niet, omdat er bij de CEAS slechts een naar gevoel is over dossiers die we om formele redenen niet mogen onderzoeken. We kijken alleen naar fouten van de politie en het OM. Over rechterlijke uitspraken kunnen we niet oordelen. Dat moet veranderen.’

De CEAS werd in 2006 geïnstalleerd na de Schiedammer Parkmoord. De commissie deed onderzoek naar andere vermeende dwalingen en concludeerde dat in sommige gevallen fouten zijn gemaakt – onder meer in de zaak van de Haagse verpleegkundige Lucia de B.

De Hoge Raad spreekt zich nog uit over heropening van enkele zaken, waaronder die van de voor ontucht veroordeelde Hennie K. (zie kader).

Binnenkort praat de Tweede Kamer over een structurele aanpak van dwalingen. Waarschijnlijk gaat de procureur-generaal (pg) bij de Hoge Raad de taak van de CEAS overnemen.

Buruma wil het mogelijk maken dat de pg rechters om opheldering vraagt als hij niet begrijpt hoe ze tot een veroordeling zijn gekomen. ‘Ze moeten kunnen uitleggen waardoor ze overtuigd raakten van iemands schuld. Was het iets dat niet in het vonnis staat, zoals zijn gedrag tijdens de zitting?’

Om mogelijk te maken dat rechters na de zitting vrijuit spreken in de raadkamer, staat in de wet dat ze zwijgen over hun discussies. Notulen maken ze niet. Eerst komt de ‘jongste rechter’ aan het woord, zodat hij niet wordt overvleugeld door ervaren collega’s.

‘In de raadkamer luisteren en discussiëren we uitvoerig’, zegt de Amsterdamse rechter Huub Willems. ‘De meerderheid beslist, maar het is niet zo dat we iemand zomaar overrulen als het echt niet lukt hem te overtuigen.’ Uiteindelijk spreken rechters in hun vonnis met één stem. Willems: ‘Als je daarover al met anderen mag praten, is het hooguit met collega’s.’

Willems zegt op het eerste gezicht meer bezwaren tegen het voorstel van Buruma te hebben. Willems: ‘Hij lijkt te streven naar onfeilbaarheid, maar rechtspreken is geen wiskunde. Als er een nieuw feit is, kun je de Hoge Raad vragen om heropening. Wat niet kan, is een juridisch vaststaand vonnis ter discussie stellen bij de rechter. Zo breng je mensen in een onmogelijke positie.’

Buruma – zelf deeltijdrechter – vindt dat de discussie toch gevoerd moet worden. ‘Je moet dit alleen doen in uitzonderlijke gevallen. Soms is dit noodzakelijk om goed onderzoek te kunnen doen naar een mogelijke dwaling.’

mailIcon print |