Een rode kleur van opwinding trekt langs haar wangen omhoog als Carla Slootmaker (66) zich met Antoinette van Boxtel (61) door een nieuwsgierige voorbijganger op de foto laat zetten....
Ze gaat er nog eens extra goed voor zitten. ‘U stuurt ‘m toch wel op, hè? Voor ons fotoboek.’
De bont uitgedoste vrouwen – zwierige rode hoeden, paars mantelpak, weelderige paarsrode bloes en kanten rode handschoentjes – zijn een opvallend verschijnsel in het restaurant in Castricum. En dat is precies de bedoeling. We zijn nog steeds de moeite van het bekijken waard, lijken ze uit te stralen: het leven is leuk, uitdagend en spannend, zelfs na je 50ste.
‘Ik vind het heerlijk als die rode hoed op mag. Ik draag hem met veel verve. Ik voel me totaal iemand anders. Ik loop zelfs anders’, zegt Slootmaker. ‘Ik heb vaak Zwarte Piet gespeeld en dan was ik ook een totaal ander persoon. Dan leefde ik me helemaal uit in die rol. Dat heb ik nu wanneer ik met de rode hoeden op stap ga. Het maakt me blij.’
De vrouwen zijn lid van de Red Hat Society, een internationale organisatie voor vrouwen boven de 50 jaar met maar één missie: lol hebben. De rode hoed is het bindmiddel van de van oorsprong Amerikaanse organisatie. Sinds de oprichting in Californië, in 1998, is het aantal aangesloten vrouwen explosief gegroeid. Er zijn ruim dertigduizend chapters, zoals de verschillende afdelingen worden genoemd, in meer dan 26 landen, waaronder Albanië, Japan, Zuid-Afrika, China en Griekenland.
In Nederland werd drie jaar geleden het eerste chapter opgericht. Inmiddels zijn er ruim zestig afdelingen, met bloemrijke namen als de Deventer Diva’s, de Paarse Pimpernellen, de Goudse Giebels en de Lively Ladybirds. En de belangstelling blijft onverminderd groot; in het hele land komen er nog steeds nieuwe afdelingen bij.
Door de leeggestroomde kerken en de steeds individualistischer ingestelde samenleving voorziet de Red Hat Society in een behoefte, merkt Antoinette van Boxtel. Na een kort lidmaatschap in Voorschoten richtte ze in 2006 in Castricum haar eigen chapter op. Binnen een jaar hadden 25 leden zich aangesloten.
‘Ik denk dat er een hoop eenzaamheid is. Ik heb vrouwen hier weer helemaal zien opleven. Je ontmoet nieuwe mensen, je wereld wordt weer wat breder. Wat mij direct aansprak, was dat die rode hoed heel belangrijk is, en dat er verder niks belangrijk is. Als je maar een rode hoed op hebt en 50 bent, mag je meedoen. Daar wilde ik bijhoren.’
Ook Annette Pieterman (60) verschijnt in vol ornaat op de afspraak in een hotel in Roermond. Haar rode hoed gaat vergezeld van een paarse mantel, paarse schoenen, rood-paarse blouse en een broche met een kroontje. Aan dat laatste kan het hoofd van een chapter, de Queen, worden herkend. Nieuwsgierige blikken volgen haar naar haar tafeltje. Ze geniet er zichtbaar van. ‘Het is grandioos om zo de straat op te gaan’, zegt ze. ‘Wij schamen ons niet voor onze leeftijd. We willen nog gezien worden.’
Pieterman zag drie jaar geleden een item over de Rode Hoeden op de televisie en voelde zich meteen aangesproken. ‘Ik dacht: yes, dat is het! Dit is leuk. Ik heb me meteen aangemeld. Of moet ik thuis soms een beetje weg zitten suffen? Met die rode hoed en die paarse kleding laten wij onze rebelse kant zien. Want we zijn toch van een generatie die vroeger vrij strak werd gehouden.
‘Als ik met mijn man op een receptie ben, word ik geacht me te gedragen. Maar met deze vrouwen kan ik één dag in de maand volledig ontspannen en ongeremd zijn.’
De rode hoeden worden geregeld geassocieerd met de rode vrouwenbeweging. Begin jaren zeventig van de vorige eeuw ontstond een aantal feministische actiegroepen, zoals de Dolle Mina’s, die een nieuwe impuls aan de strijd voor meer vrouwenrechten gaven. Is dit de emancipatie van de middelbare vrouw in de 21ste eeuw?
Per se niet, benadrukt Pieterman. Elke vergelijking met politiek, religie of andere overtuiging gaat wat haar betreft mank. ‘We blijven gewoon vrouw, moeder en echtgenoot. We hoeven ons niet meer te bewijzen. De grondslag is: weer plezier krijgen in het leven.’
De Red Hat Society is volgens Pieterman voor middelbare vrouwen een uitgelezen mogelijkheid om hun sociale netwerk te verruimen. Als Queen van haar chapter organiseert ze elke tweede donderdag van de maand een uitstapje naar een wijnproeverij, het theater, een high tea of een museum. Ze heeft 55 leden onder zich, die zich hertogin, gravin, barones, prinses of freule mogen noemen. Regels zijn er nauwelijks, al moet je wel over een computer kunnen beschikken.
Ook die laatste regel draagt er volgens Pieterman toe bij dat vrouwen vaker uit hun isolement worden getrokken. Al haar communicatie verloopt via de e-mail. ‘Er melden zich bij mij ook vrouwen van 70 en 80 jaar aan. Die zijn nooit eerder met een computer in aanraking geweest. Vroeger zat de man achter de computer, en dat was een heilig iets. Als je daar als vrouw alleen al naar keek, werd je al toegebeten: afblijven, anders ben ik straks alles kwijt. Dus er ontstond angst voor.
‘Een vrouw die zich bij mij aanmeldde, had daardoor een enorme afkeer van computers gekregen. Maar die angst is helemaal verdwenen. Ze heeft zelfs een webcam, zodat ze met haar kleinkinderen in het buitenland kan skypen.’
Ook het contact met chapters uit andere landen is door de computer veel sneller gemaakt. Behalve een landelijke conventie, afgelopen jaar in Den Helder, zijn er ook internationale bijeenkomsten en wordt volgend jaar een Europese conventie gehouden in Parijs.
De onderlinge verwantschap is groot. Van Boxtel (chapter Castricum): ‘Als ik met vakantie ga, kijk ik eerst altijd even op de website welke chapters daar in de buurt zijn. Vooraf stuur ik hun Queen dan een mailtje om te zeggen dat ik van plan ben om te komen en of ik ze daar kan ontmoeten. Dat kan altijd. Er zijn al vriendschappen voor het leven gesloten. Die rode hoed bindt.’
Iedereen kan zich aanmelden, van de werkster tot de wethoudster, autochtoon of allochtoon. Al heeft van die laatste groep zich nog niemand gemeld. De kosten kunnen zo laag worden gehouden als een afdeling zelf wil. Behalve een afdracht aan de Amerikaanse organisatie (39 dollar) zijn het vooral de uitstapjes die betaald moeten worden.
‘Zo zijn er wel rijke en arme chapters ontstaan’, geeft Van Boxtel toe. ‘Voorschoten is een rijke chapter, in Alkmaar zitten meer bijstandsvrouwen. Wij houden er altijd wel rekening mee. Onze uitstapjes moeten voor iedereen betaalbaar blijven. En niet iedereen gaat elke maand mee. Die verplichting is er niet.’
Wat wel moet? Ophouden met zeuren. De rode hoed staat symbool voor vrolijkheid. Pieterman: ‘Op onze leeftijd wordt heel wat afgezeurd over kwalen en pijntjes. Alle medische dossiers worden op een middag ‘gezellig’ doorgesproken. Bij ons staat daarop een boete: een euro in de pot.
‘Het gaat ons niet om het geld, maar mensen moeten erop worden gewezen dat er ook nog iets anders bestaat in het leven. Doe niet altijd zo verschrikkelijk negatief, wentel je niet in je verdriet. Natuurlijk is er ruimte voor, als er iets ernstigs is gebeurd. Maar alleen heel even, en dan is het klaar. Dan wordt er alleen nog plezier gemaakt.’
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Nieuws:
Belgisch nieuws,
buitenlands nieuws,
wetenschap,
gezondheid,
stand der dingen.