*

 

Saab komt praten, maar keuze voor JSF lijkt allang gemaakt

Van onze verslaggever Jeroen Trommelen − 25/11/08, 06:03

Hoewel de Nederlandse politiek al gekozen lijkt te hebben voor de opvolger van de straaljager F-16, en voor die keuze 6 miljard euro heeft uitgetrokken, werkt het ministerie van Defensie de komende drie weken nog aan een formaliteit: het plussen en minnen van twéé mogelijke opvolgers....

De Zweedse fabrikant werd op de valreep door Nederland uitgenodigd aan de competitie mee te doen en beschouwde zich tot voor kort als serieuze kandidaat. Maar afgelopen week begon men openlijk te twijfelen. Jawel, Saab maakt een concurrerend product dat goedkoper is dan de JSF; technisch aan alle eisen voldoet en gunstig is voor de Nederlandse industrie, zei Gripen-topman Bob Kemp. Maar van een echte vergelijking lijkt inderdaad geen sprake.

Vandaag heeft het management van Saab Gripen voor de eerste keer een persoonlijk gesprek met staatssecretaris De Vries van Defensie om de werkelijke kansen van zijn aanbod te bespreken. Vooral de Zweden zelf hadden daar behoefte aan. De fabriek in Linköping ontving de afgelopen jaren tientallen militaire delegaties uit Noorwegen en Denemarken om vragen te beantwoorden en informatie uit te wisselen. Uit Nederland meldde zich tot dusver niet één functionaris van de Koninklijke Luchtmacht, zegt Saab.

In het geval van Noorwegen hebben de nauwe contacten overigens niet geholpen, bleek eind vorige week. De Noorse regering koos – een maand eerder dan verwacht – voor de JSF en het Noorse parlement zal die keuze vermoedelijk accepteren. De details zijn nog niet openbaar, maar het aanbod van Saab om méér dan 100 procent compensatieorders te leveren wordt volgens de Noorse regering door de Amerikanen meer dan geëvenaard.

Ook voor Nederland zou Saab meer dan 100 procent tegenorders beloven. Maar de luchtvaartindustrie verenigd in het platform NIFARP lijkt daar om twee redenen niet in geïnteresseerd. Allereerst rekenen de bedrijven erop dat er (ondanks ongunstige berichten uit de Verenigde Staten) 4.500 tot 6.000 Joint Strike Figthters zullen worden gemaakt, wat hen een omzet van 8 tot 10 miljard dollar zou kunnen opleveren. Dat werk komt naar schatting voor eenderde terecht in vestigingen buiten Nederland. Ten tweede zouden de Zweedse tegenorders slechts deels bij de traditionele defensiebedrijven terechtkomen.

Saab werkt via een compensatiesysteem dat mede gebaseerd is op haar netwerk binnen Investor AB, een industriële holdingmaatschappij met onder meer Ericsson, SEB, AstraZeneca, Electrolux en Volvo. Het civiele werk dat dit oplevert komt wel volledig terecht bij Nederlandse werknemers, maar niet ten gunste van de militaire bedrijven binnen NIFARP. Het zegt de defensielobby dus weinig.

Hebben de Zweden echt gedacht dat ze Lockheed Martin in Nederland kunnen verslaan? Misschien niet. Deelname aan het Nederlandse vergelijkingsprogramma had indruk kunnen maken op Noorwegen en Denemarken, die hun vliegtuigkeuze liefst delen met andere Noord-Europese landen. Het recente afhaken van de Noren zet daar een streep door. Dat is een zware slag voor de ontwikkeling van de nieuwe Gripen, erkent Saabmanager Magnus Olsen. Ook Denemarken zal nu vermoedelijk de JSF kiezen. De landen zijn in de markt voor elk 45 vliegtuigen; Nederland voor 85 stuks.

Aan de kwaliteit-prijsverhouding van de Gripen Next Generation hoeft het niet te liggen. Die wordt opmerkelijk gunstig beoordeeld in onafhankelijke vakbladen, waaronder Jane’s Defense Forecast. Technisch in orde en met een stuksprijs van tussen de 50 en 60 miljoen dollar goedkoper dan de 83 miljoen die voor een JSF moet worden betaald, oordeelde het blad. De Gripen is relatief klein en licht en daardoor goedkoop in onderhoud. Dat alleen al zou Nederland over de hele levensduur zo’n 6 miljard euro kunnen schelen.

Op 15 december moet de rekensom voor het ‘beste toestel voor de beste prijs’ klaar zijn. ‘Het zou ons verbazen als we daar slecht uitkomen’, zei Olsen vorige week. Maar dat was vóór de Noren de JSF kozen.

mailIcon print |