Het voormalig kamerlid Ursie Lambrechts (D66) staakte haar protest tegen de onderwijsvernieuwingen.
De trein van de onderwijsvernieuwingen denderde door, en was met geen mogelijkheid te stoppen. Ursie Lambrechts (52), tussen 1994 en 2006 met een onderbreking Tweede Kamerlid voor D66, spartelde tegen maar stemde uiteindelijk in – net als de rest van de Tweede Kamer. ‘Toen ook premier Kok zijn volle gewicht in de schaal wierp, maakte het niet meer uit wat het parlement wilde.’
U was aanvankelijk tegen. Wat heeft u destijds gedaan om staatssecretaris Tineke Netelenbos (PvdA) op andere gedachten te brengen?
‘D66 wilde uitstel van de Tweede Fase (invoering van het studiehuis en standaard vakkenpakketten in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs in 1998, red.) Ik heb Netelenbos bestookt met vragen, maar kreeg steeds als antwoord dat het uitstekend liep.
‘Met bedenkingen alleen kwam je er niet meer, dus hebben we met een enquête harde bewijzen verzameld dat 75 procent van de scholen niet klaar was.
‘Ik was misschien naïef, het was mijn eerste periode in de Kamer, maar ik dacht Netelenbos met bewijzen op andere gedachten te brengen. Dat zij dan het tegendeel moest bewijzen om met de vernieuwingen door te gaan. Zo werkte het helaas niet.
‘De staatssecretaris wilde die geluiden niet meer horen. Ik neem haar dat zeer kwalijk. Het stond in het regeerakkoord, dus zo zou het gebeuren.
‘Het was een prestigezaak geworden. Netelenbos moest en zou deze vernieuwing op haar naam hebben.’
U had ook tegen kunnen stemmen.
‘Je komt in een proces terecht waarin je bijna geen nee meer kunt zeggen. Mijn fractie werd heel erg onder druk gezet. Op een of andere manier brak Netelenbos het verzet van de lerarenvakbond AOb, de schoolboekenuitgevers en de Vereniging voor het Voortgezet Onderwijs. Ik weet niet of ze hen de arm omdraaide of dat er een vorm van chantage was.
‘Maar het is wel gek dat in die laatste fase de één na de ander omviel in zijn kritiek. Dan worden de wapens je als Tweede Kamerlid uit handen geslagen.’
Het parlement kan wetten toch op eigen gezag tegenhouden?
‘Zeker. Ik heb de Paarse regeringsfracties nog bijeen geroepen: Clemens Cornielje van de VVD en Sharon Dijksma van de PvdA.
‘Maar we werden het niet eens. De Tweede Kamer is zo sterk als ze zelf wil. Maar je moet wel eensgezind zijn, anders kom je nergens.’
Parlementaire onderzoeken komen steeds tot dezelfde conclusie: kabinetten willen te snel, en het parlement blaft maar bijt niet. De politiek werkt blijkbaar zo.
‘Het is inherent aan ons politieke systeem. We hebben om de vier jaar verkiezingen, waardoor er in de regeringscoalitie een gevoel ontstaat van: het moet nu en snel een beetje. Dat is fnuikend. De werkelijkheid laat zich niet in die mal dwingen.’
We drinken een glas, doen een plas en alles blijft zoals het was?
‘Nee, parlementaire onderzoeken zijn heel erg nodig. Ze herinneren eraan hoe het niet moet. Zo’n rapport als dat van de commissie-Dijsselbloem is een onderzoek van de Kamer zelf. Daarmee is het parlement de morele eigenaar van de uitkomsten. We kunnen er niet van weglopen, we spreken elkaar erop aan. Dat is de winst.
‘Dat besef verwatert helaas weer na verloop van tijd. Daarom is het een terugkerende cyclus. Maar we moeten het wel blijven doen.’
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Nieuws:
Belgisch nieuws,
buitenlands nieuws,
wetenschap,
gezondheid,
stand der dingen.