*

 

Zaak-Lucia de B. op scherp

Van onze verslaggever Menno van Dongen − 03/04/08, 02:46

Niemand had iets verdachts gezien en sporen waren er niet. Maar de directie van het Haagse Juliana Kinderziekenhuis wist het zeker: baby A., die onverwacht was gestorven in de nacht van 3 op 4 september 2001, was vermoord door verpleegkundige Lucia de B.....

In december 2001 werd Lucia de B. gearresteerd op verdenking van moord. Onder grote belangsteling van journalisten uit binnen- en buitenland werd ze veroordeeld. Het gerechtshof in Den Haag achtte in 2004 bewezen dat zij baby A. had vergiftigd met digoxine. Ook was er een ander sterfgeval waarvoor minder sterk bewijs was. Op grond hiervan kwam het hof via ‘schakelbewijs’ tot een veroordeling voor vijf andere moorden en drie pogingen daartoe.

Kort door de bocht gesteld was de redenering: als De B. die twee moorden heeft gepleegd, zal ze die andere ook wel op haar geweten hebben. Tegen haar pleitte dat ze ‘opvallend vaak’ aanwezig zou zijn geweest bij onverklaarbare sterfgevallen. Dat bleek later statistisch gezien onhoudbaar.

De B. heeft altijd volgehouden dat ze onschuldig is. Haar zaak ligt sinds eind oktober 2007 bij de Hoge Raad, die oordeelt over heropening van strafzaken.

Geert Knigge, advocaat-generaal bij het hoogste rechtscollege, heeft nader onderzoek laten doen naar haar veroordeling. Hij vroeg internist-toxicoloog Jan Meulenbelt opnieuw te kijken naar het overlijden van de zes maanden oude baby A. De medicus komt tot de conclusie dat een natuurlijke doodsoorzaak het meest waarschijnlijk is. A., die in het ziekenhuis lag vanwege een hartafwijking, zou zijn overleden door uitputting als gevolg van zuurstoftekort. Een bloedmonster van de baby, afkomstig uit een wondgaasje, is volgens hem niet geschikt als bewijs voor vergiftiging.

Ook is vastgesteld dat het tijdstip van de veronderstelde vergiftiging onjuist is. Verklaringen van toxicologen over de fatale nacht zijn verkeerd geïnterpreteerd door het hof, zo hebben deze deskundigen bevestigd. Het hof meende dat De B. de monitor had uitgezet waarmee de vitale functies van baby A. werden bewaakt, om te voorkomen dat ze werd betrapt toen ze digoxine toediende. Maar de monitor was niet aangesloten omdat A. door artsen werd onderzocht.

‘Het bewijs voor vergiftiging kan geen stand houden’, aldus de advocaat-generaal. Zijn advies volgt over een maand, omdat zijn onderzoek nog niet helemaal is afgerond. Daarna is het woord aan de Hoge Raad, die in een kwart van de zaken anders besluit dan zijn adviseur. Als de zaak is heropend, zullen nieuwe rechters het dossier bekijken en is het mogelijk dat zij De B. opnieuw veroordelen.

Rechtspsycholoog Peter van Koppen is optimistisch. ‘De hele zaak wordt heropend, want de zaak van de baby is cruciaal. Het ligt in de rede dat een nieuw gerechtshof tot vrijspraak komt, want er zijn veel argumenten voor de onschuld van De B.’

Hoogleraar Ybo Buruma, voorzitter van de Commissie Evaluatie Afgesloten Strafzaken, noemt deze zaak uniek. ‘Er is iemand vrijgelaten van wie niet zeker is dat ze zal worden vrijgesproken. Dat is begrijpelijk, omdat de grote vraag is óf er in het geval van de baby wel sprake is van een misdrijf. Het lijkt erop van niet’.

Buruma waarschuwt evenwel voor overhaaste conclusies. ‘Het hof heeft zeventig deskundigen geraadpleegd. De B. is niet op grond van niks veroordeeld.’

mailIcon print |