*

 

‘In het debat ben ik een hoofdpijnzaak geworden’

Van onze verslaggever Martin Sommer − 08/01/08, 02:51

Veel mensen denken dat het voor Hirsi Ali simpel is om in de VS geld te vinden voor haar beveiliging. Niet dus. ‘Ik vraag geld om in de zon te zitten.’

Eenentwintig Friese schrijvers nemen het op voor Ayaan Hirsi Ali. ‘Wow’, zegt Hirsi Ali vanuit Amerika door de telefoon. ‘Ik wist niet eens dat er 21 Friese schrijvers waren.’ Ze giechelt een bekende giechel. Drie maanden hebben we niets van Ayaan gehoord – sinds haar even korte als tumultueuze terugkeer naar Nederland, omdat de regering per 1 oktober vorig jaar haar bescherming niet meer wilde betalen.

Drie maanden stilte, tot haar uitgeefster, Tilly Hermans, een week geleden een bescheiden actie op touw zette. Via de mail vroeg uitgeverij Augustus de steun van haar auteurs om te voorkomen dat Ayaan daar in Amerika zou worden vergeten. Hermans licht toe: ‘Het lijkt in Nederland alsof de zaak achter de rug is. Maar Ayaan valt nog altijd onder de zwaarste categorie bedreigde mensen. Je kunt niet zeggen: zoek het verder maar uit.’ Geld wil Hermans niet vragen, hoewel Hirsi Ali nog steeds bezig is middelen voor haar beveiliging bij elkaar te krijgen.

‘Laat iedereen zijn eigen vorm vinden. Schrijvers kunnen de publieke opinie beïnvloeden. Het is toch raar dat Bernard-Henri Lévy en Salman Rushdie hebben opgeroepen tot steun aan Hirsi Ali en het in Nederland zo stil is.’ Intussen heeft Freek de Jonge een stukje in de krant geschreven en meldden de Friese auteurs zich bij Augustus.

En hoe is het met het lijdend voorwerp in Amerika zelf?

‘Goed’, zegt Hirsi Ali. Nou ja niet helemaal goed natuurlijk. Ze kan niet vrijuit over haar veiligheid spreken. Haar dilemma is: als ze zegt dat ze geld te kort komt om de boel voor de komende jaren goed te regelen, dan weten ze haar te vinden. En als ze zegt dat het allemaal in kannen en kruiken is, schiet ze er structureel weinig mee op. Voor elke zin over haar veiligheid verwijst ze naar haar advocate.

Veel Nederlanders denken dat het een eitje is om in de VS honderd miljoen dollar bij elkaar te vegen.

‘Het is moeilijk. De vergelijking met de presidentskandidaten gaat niet op. Zij besteden het geld om aan de macht te komen. Wie betaalt, verwacht ook iets terug. Ik ben niet zo bekend als zij, en gevers krijgen van mij niks terug. Ik vraag geld om uit te gaan of in de zon te zitten.’

Vindt u zelf ook dat de stilte in Nederland oorverdovend is?

‘In het grote debat over islam en immigratie ben ik een hoofdpijnzaak geworden, voor mijzelf en voor anderen. Ik denk dat de verontwaardiging veel groter zou zijn geweest als ik in Nederland was gebleven en de regering dan zou zijn gestopt met betalen. Nu denken veel mensen dat de verantwoordelijkheid bij Amerika ligt.’

Hoe nu?

‘Het is onhandig afgehandeld. Mij zijn toezeggingen gedaan. Ik zou beschermd worden zolang er dreiging was – en niet alleen maar nationaal. Toen ik naar Amerika vertrok, zei minister Donner dat de overdracht zorgvuldig zou zijn. Daar heeft zijn opvolger Hirsch Ballin later ‘overgang’ van gemaakt. Het probleem is gewoon niet opgelost, en ik wist niet dat Amerika de betaling niet zou overnemen. Mijn bewegingsvrijheid is heel direct gekoppeld aan mijn vrijheid van meningsuiting. Als ik mijn vrijheid van meningsuiting wil houden, dan moet ik terug naar Nederland.’

En, gaat het lukken om in Amerika te blijven?

‘Daar kan ik niets over zeggen.’

Heeft de Nederlandse overheid nog contact gezocht?

‘Nee, helemaal niet meer. Ik heb geen contact met de ambassade. De nieuwe ambassadeur, die hier iets langer dan een jaar zit, heb ik nog helemaal niet gezien.’

U noemt het politieke debat in Nederland ‘rommelig’. Waarom?

‘Het moet ergens toe leiden, maar dat gebeurt niet. In 2003 hadden alle partijen hun integratienota’s. Daarvan is nauwelijks iets in de praktijk gebracht. Het klimaat is wel verbeterd. Wilders en Verdonk worden weliswaar gedemoniseerd, maar het lukt niet ze te marginaliseren. Er is echt een tegenstelling tussen elite en volk ontstaan. Je ziet de oude elite die dissidente meningen wil uitsluiten, Bruce Bawer heeft het in zijn boek Terwijl Europa sliep over the one idea nation, niet alleen met betrekking tot Nederland, ook tot Frankrijk en Scandinavië. Maar dat uitsluiten lukt niet meer.’

Er waren rond de jaarwisseling flink wat oproepen tot solidariteit zoals van de koningin en Doekle Terpstra. Niet alleen met u.

Weer die bekende giechel. ‘Ja, er was nogal wat overlap. Mensen die op de lijst van Doekle staan, steunen ook mij. Geert Mak bijvoorbeeld, en ik geloof Adriaan van Dis. Ik zie in de oproep van Doekle Terpstra een zekere wanhoop. Ze zijn in de verdediging. Ze hebben het immigratiedebat lam gelegd. Iedereen die het niet met hen eens was, vonden ze intolerant en respectloos. Nu moet zelfs het koningshuis erbij worden gehaald.’

Waar zie je dat aan?

‘De koningin wekt in haar kersttoespraak de indruk een kant te kiezen. Dat moet ze niet doen, ze moet boven de partijen staan. De samenleving is heel verdeeld. Het multicultidebat is heftig. De ene partij zal zich met haar woorden identificeren, de andere partij voelt zich afgewezen. Tot respect en tolerantie oproepen is prima, maar de betekenis van die begrippen in dit debat is dat mensen met een andere mening hun mond moeten houden. Maar teruggaan in de tijd, dat lukt niet. Tegenwoordig mag je zeggen dat de meerderheid van de gedetineerden allochtoon is – dat is nou eenmaal zo – en je mag zeggen dat er moslims zijn die gebruik maken van hun geloof om anderen kwaad te doen. Dat mag je dus nu zeggen; we gaan gelukkig niet terug naar het tijdperk van vóór Fortuyn, toen vergelijkingen met Mussolini en Hitler werden gemaakt.

‘Ik heb de reacties op de oproep van Doekle Terpstra gezien. Ze kunnen het wel opnemen tegen de benoemers van de problemen, maar de meerderheid van de mensen weet hoe de vork in de steel zit. Ze zijn niet meer afhankelijk van politieke partijen of de kranten, ze gaan gewoon internet op.’

Nederland zet zich nu schrap voor de film van Wilders die eraan komt. Hoe kijkt u daar tegenaan?

‘Die film valt onder de vrijheid van meningsuiting. Hij kan en mag. Commissaris Welten vreest dat hij provocerend zal zijn. Natuurlijk is dat zo. Wilders heeft een onderwerp te pakken en wil dat aan de orde stellen. Ik geloof niet in zijn antwoorden. Ik ben niet voor het verbieden van boeken, niet van de Koran, evenmin van Mein Kampf.

‘Verdonk en Wilders hebben niet de juiste oplossingen voor Nederland. Het moet van de grote partijen komen, en daar is gebrek aan leiderschap. Herinner je je nog de Centrumpartij? Die bleef in de marge. Toen kwam Bolkestein, die het probleem van de immigratie en de islam overnam. Maar er is nu geen Bolkestein, niet in de Kamer, niet in het kabinet. Als er een Bolkestein opstaat, gaan de protestkiezers van Wilders weer terug naar de grote partijen.’

mailIcon print |