Nederlanders zijn voorstander van orgaandonatie. Maar in de praktijk blijkt slechts een kleine minderheid bereid een orgaan van zichzelf – of van een naaste – te doneren....
‘Het is een combinatie van hardnekkige misverstanden en de onwil om na te denken over de eigen sterfelijkheid’, zegt Bert Elbertse van het Nationaal Instituut voor Gezondheidsbevordering en Ziekteprevent (NIGZ). De topdrie van misverstanden luidt: (1) ik ben te oud, (2) ik ben niet geschikt want ik gebruik medicijnen en (3) hersendood is niet echt dood. ‘Soms zijn het smoesjes’, weet Elbertse. ‘ Soms niet. De angst kan diep zitten.’
In de Verenigde Staten blijkt angst zelfs het belangrijkste motief om te weigeren orgaandonor te worden. En dan vooral de angst dat je als donor niet alle medisch noodzakelijke zorg krijgt, omdat de artsen bij wijze van spreken staan te springen om je organen.
Mensen die wel donor willen zijn, zijn iets vaker vrouw dan man. Jongeren hebben er minder moeite mee dan ouderen. En hoogopgeleiden staan beduidend vaker geregistreerd als donor. Opvattingen over het leven na de dood spelen geen consistente rol. Voor de ene gelovige is het donorschap een kwestie van naastenliefde, terwijl de andere gelovige meent dat hij zijn lichaam in bruikleen heeft van de Schepper en het dus ongeschonden terug moet geven.
‘Maar als er één ding is dat uit alle onderzoeken naar voren komt, is het wel dat mensen niet al te diep willen nadenken over hun dood’, aldus Elbertse. ‘Een voorkeur uitspreken voor begraven of cremeren, dat gaat nog. Maar als er vragen worden gesteld over wat er met het lijf gebeurt na de dood, gaat bij veel mensen de deur dicht. Niet voor niets haken veel potentiële donoren af op het moment dat ze op het registratieformulier per orgaan moeten aanstrepen wat ze wel en niet willen afstaan. Dan wordt het allemaal zo bedreigend en concreet dat men het formulier alsnog weglegt.’
Mensen hebben overigens in zijn algemeenheid een hekel aan moeilijke keuzen. En de negatieve gevolgen die ermee gepaard gaan, beïnvloeden de kwaliteit van de beslissing, schrijft de Amerikaanse hoogleraar sociale psychologie Barry Schwartz in De paradox van keuzes. ‘Negatieve emoties vernauwen ons blikveld. Negatieve emoties leiden ons ook vaak af en dat maakt dat we ons richten op de emotie zelf in plaats van de beslissing.’
Met als gevolg dat 7 miljoen mensen het donorregister niet eens laten weten of ze wel of geen donor zijn. Ze ontlopen de akelige keuze. Het verbaast de Nijmeegse hoogleraar sociale psychologie, Roos Vonk, allerminst. ‘Nadenken over je sterfelijkheid heeft op veel mensen een verlammend effect.’
Volgens Vonk is orgaandonatie geen daad van altruïsme. ‘Als we met zijn allen onze organen afstaan hebben we daar natuurlijk allemaal baat bij. Dan maximaliseer je de kans dat er voor ons allemaal een orgaan is, mochten we er een nodig hebben.’
Helaas zijn mensen ‘onrealistisch optimistisch’, aldus de sociaal-psychologe. ‘Elke soldaat denkt dat hij de oorlog zal overleven. Mensen onderschatten de kans dat ze zelf ooit erg ziek worden en een orgaan nodig hebben.’
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Nieuws:
Belgisch nieuws,
buitenlands nieuws,
wetenschap,
gezondheid,
stand der dingen.