*

 

Eens zien wat die praatjes waard zijn

Van onze verslaggever Marcel van Lieshout − 11/06/07, 02:47

In Zevenaar gaat de Betuweroute ondergronds. Maar het verzet tegen de spoorlijn is er allesbehalve dood...

Pal na NS-station Zevenaar, niet ver van de Duitse grens, komt de rails van de Betuweroute weer bovengronds. Hier is de veelbesproken goederenlijn deels omzoomd door vernielde glazen geluidsschermen. Het harde, geluidwerende glas krioelt van de sterren.

Nee, dit is geen stuiptrekking van het landelijk verzet tegen de Betuweroute, legt raadslid Paul Freriks (Sociaal Zevenaar) uit. ‘Puur vandalisme.’

En hoezo stuiptrekking? Het verzet tegen de Betuweroute is niet dood. Met zichtbaar genoegen blikt de coördinator van de werkgroep Ontbielzen terug op een bijeenkomst van enkele weken geleden in Zevenaar. ‘Ze waren er weer allemaal.’ De ingenieurs, de hoogleraren, ‘de gewone actievoerders’, enfin, het vertrouwde verzet tegen die ‘onzinnige’ Betuweroute.

Juist omdat de Betuweroute zaterdag officieel wordt geopend, moeten actievoerders weer alert zijn, heeft Freriks met zichzelf afgesproken. De 160 kilometer spoor van de Maasvlakte naar Zevenaar is weliswaar aangelegd, maar nu zullen we eens zien wat al die ‘verkooppraatjes’ van voorstanders waard zijn.

Terwijl hij wijst op een vier meter hoog betonnen geluidsscherm schetst Freriks een schrikbeeld: ‘Stel nu dat de lijn goed gebruikt gaat worden. Dan krijg je hier een enorme ophoping van treinen. Want de aansluiting met Duitsland laat nog wel even op zich wachten. Dat kan gevaarlijk worden. Door die betonnen wal kunnen we niet eens zien wat voor stoffen er in die wagons zitten.’

Zo heeft Freriks nog wel een aantal ‘puntjes van zorg’. Is de mate van geluidsoverlast niet al te rooskleurig voorgesteld? Zeker nu vanwege problemen met de stroomvoorziening vooralsnog alleen door lawaaiige, milieu-onvriendelijke diesellocomotieven wordt gereden.

Nog hoort het raadslid hoe hij door deskundigen werd uitgelachen toen hij bij de aanleg van de 2,3 kilometer lange tunnel bij Zevenaar pleitte voor het stoppen met heien (‘De kopjes trilden bij veel mensen uit de kast’) en in plaats daarvan te gaan boren. ‘Dat kon niet. Totdat gasbuizen gingen zakken. Toen kon het ineens wél.’

Bij alle gemopper op de Betuweroute moet Freriks toegeven dat die Zevenaar ook voordeel heeft gebracht. ‘De rondweg waar de lijn onder loopt hadden we anders nooit gekregen.’ En mooi dat oud-Zevenaar nu een schitterende tuibrug heeft.

In en rondom Zevenaar heeft de Betuweroute zijn sporen getrokken. De aanleg van de route vergde de sloop van 140 woningen. Wat verder van het spoor verrees het villawijkje Roosdom bij wijze van wisselgeld. Maar denk niet dat iedereen naar tevredenheid werd uitgekocht, waarschuwt Freriks.

Aan de Maatjesweg in Babberich parkeert hij zijn auto bij de familie Kruis die pal aan het spoor woont. Die familie kwam volgens de normen net een metertje te kort om de woning op kosten van de NS een eindje verderop te herbouwen. In zijn keuken kijkt Herman Kruis (69) nu tegen een betonnen muur aan. ‘Hebben ze wel mijn huis geïsoleerd en luchtkokers gemaakt, maar met die vieze dieseltreinen komt alleen maar stank binnen’, klaagt Kruis.

‘Kruis is slechter af dan de kamsalamander’, concludeert Freriks, verwijzend naar de 190 faunapassages die onder de lijn zijn aangelegd.

Op de Betuweroute is het al lange tijd angstig stil. De Betuweroute kampte met tal van vertragingen en om verroesten van het spoor te voorkomen rijdt er zo nu en dan eens een treintje.

Halverwege het tracé, bij het gehucht Schelluinen (gemeente Giessenlanden), duidt Carla Fenijn op de haars inziens ‘verwoesting’ van het landschap van de Alblasserwaard. De secretaris van de Vereniging Landelijk Overleg Betuweroute gelooft er niets van dat de route het vrachtverkeer op de A15 zal doen verminderen. ‘Welnee, de lijn trekt alleen maar extra vervoer aan. En nog gesubsidieerd ook.’

In en rond Schelluinen voerde Fenijn jarenlang tevergeefs actie tegen de Betuweroute. Aan de Parallelweg in Schelluinen moesten veertig woningen wijken. Fenijn ziet zichzelf ook als slachtoffer. ‘Ik had een huisje op recreatieterrein Bilderhof. Ik heb er voor gekozen weg te gaan.’ Juist daar, bij het riviertje de Giessen, gaat de route onder de grond, maar voor Fenijn is dat geen troost. ‘Mij maak je niet wijs dat we straks geen geluidsoverlast krijgen.’

De uitnodiging om aanwezig te zijn bij de feestelijke opening door de koningin heeft Fenijn afgewezen. ‘Feest? Van de beloofde landschappelijke aanpassing is hier helemaal niets terecht gekomen. Een betonnen bak, dwars door de polder. Moet ik dan blij zijn?’

mailIcon print |