De meester wordt aangekondigd als The Godfather van de veiligheidsbeweging en dat stemt hem tevreden. Glunderend stapt Pieter van Vollenhoven op het podium van het Amsterdamse debatcentrum De Rode Hoed, met de woorden dat hij normaal op zondag nooit zo’n lovende speech ontvangt....
Hij is te gast bij de debattenreeks de Volkskrant op Zondag en mag volop discussiĆ«ren over zijn geliefde thema: veiligheid. En hij benadrukt steeds opnieuw dat hij 22 jaar strijd voerde voordat zijn onafhankelijke Onderzoeksraad voor Veiligheid in 2005 werd geïnstalleerd. En er valt nog veel te winnen. Want voorlopig, blijkt uit de formatie, komt er geen minister voor Veiligheid. Iets waar hij al jaren voor pleit. Een stevig maatschappelijk debat over veiligheid is ook uitgebleven. En hij krijgt te weinig geld voor onderzoek, vindt hijzelf.
Het was het lijvige Schipholbrandrapport van de onderzoeksraad, waar Van Vollenhoven voorzitter van is, die Donner (Justitie) en Dekker (Volkshuisvesting) het ministerschap kostte. Donner zei in zijn afscheidsverklaring dat de vraag aan de orde moest komen in hoeverre verantwoordelijkheid voor het voorkomen van rampen nog te dragen is als minister.
Die vraag wil Van Vollenhoven graag beantwoorden. ‘In algemene zin heeft Donner wel gelijk, je kunt niet altijd met de vinger naar de overheid wijzen.’ Maar bij de Schipholbrand, die in oktober 2005 elf mensen het leven kostte, ligt dat anders. ‘Het cellencomplex is de directe verantwoordelijkheid van Justitie, en van niemand anders.’ Over de roep van Donner tot een maatschappelijk debat over aansprakelijkheid en veiligheid kan Van Vollenhoven kort zijn. Marten Oosting, die onderzoek deed naar de vuurwerkramp in Enschede, vroeg dat namelijk ook. ‘Het is jammer dat niemand is opgestaan en zei: dat is vijf jaar geleden al gezegd.’
Het onderzoek naar de Schipholbrand sloeg in als een bom, en is nog maar het begin. Vele onderzoeken naar (bijna)ongelukken lopen, maar de raad doet ook onderzoek naar de jeugdzorg.
Van Vollenhoven doet aan waarheidsvinding. ‘Bij sommige gebeurtenissen hoort de samenleving precies te weten hoe het zit.’ Op problemen uit de zaal over verslavingsopvang of politieoptredens reageert hij welwillend. ‘Laat uw adres maar achter dan kom ik een keer langs.’
Maar hoever kan een lid van het koninklijk huis eigenlijk gaan? Ver, zegt hij. Vrijwel alles kan worden onderzocht, behalve de krijgsmacht in oorlogstijd en de openbare orde. En dat laatste zou hij eigenlijk best ook onder zijn hoede willen nemen. Zo ziet hij kansen in terrorismebestrijding. ‘De kans op machtsmisbruik tijdens terreurbestrijding is vrij groot.’ Ook de moord op Van Gogh had zijn interesse kunnen wekken. ‘Een onafhankelijk onderzoek naar zijn beveiliging was zeker op z’n plaats.’
De veiligheidswensen van Van Vollenhoven worden de laatste jaren vervuld. Volgens hem zijn ook geen spanningen meer te bespeuren binnen de koninklijke familie rond zijn werk. Dat was vroeger wel anders als hij ruziede met ministers en het staatshoofd. Er werd wel eens tegen hem gezegd: ‘Je verpest het voor de kinderen.’
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Nieuws:
Belgisch nieuws,
buitenlands nieuws,
wetenschap,
gezondheid,
stand der dingen.