De nieuwe huurwet kent veel manco’s, vinden Kamerleden: ingewikkeld, nadelig voor lagere inkomens, niet stimulerend voor investeerders. Dan neemt de oude rot Winsemius het woord....
Wat een teleurstelling! PvdA-Kamerlid Depla staat verloren in een zaaltje van de Tweede Kamer, een dik pak papier onder zijn arm. Het huurbeleid van oud-minister Dekker van VROM gaat gewoon door, beseft de PvdA’er.
En dat allemaal dankzij Pieter Winsemius (VVD), de nieuwe minister van VROM. Zojuist heeft hij de laatste belangrijke tegenstander, de LPF, omgepraat. ‘En ik heb helemaal niets binnengehaald’, zegt Depla somber.
Komende donderdagnacht zal de Kamer definitief instemmen met Dekkers huurwetgeving. Een treurige vertoning, vindt GroenLinks-Kamerlid Van Gent. ‘Een zeer ingrijpend voorstel wordt vlak voor de verkiezingen door de Kamer gejast.’
Daar komt bij dat het wetsvoorstel zeer complex is. Dekker paste onder druk haar voorstel zo vaak aan dat ‘geen huurder er nog iets van begrijpt’, zegt Van Gent.
Kort gezegd: voor driekwart van de woningen verandert niets. Daarvan blijft de overheid de maximale huurstijging bepalen. Twintig procent van de huurwoningen (die met een relatief hoge WOZ-waarde) belandt echter in een ‘overgangsgebied’. Tot 2010 zullen de huren hier beperkt stijgen (maximaal 4 procent boven inflatie), maar daarna mag de verhuurder vragen wat hij wil. Tenminste, als er voldoende woningen worden bijgebouwd.
Om het ingewikkelder te maken: de WOZ-waarden verschillen per regio en zijn ook van invloed op de maximaal toegestane huurprijs.
Depla vindt het maar niks. Volgens hem zullen de huren in de dure wijken omhoog gaan. Die worden daardoor onbereikbaar voor de lagere inkomens, voorspelt hij. Ter illustratie laat hij dia’s zien. Alleen portiekflats en tweekamerwoningen blijven beschikbaar voor de kleine man.
LPF-Kamerlid Hermans heeft andere bezwaren. Hij wijst erop dat studentenhuizen en verzorgingshuizen een lage WOZ-waarde hebben. Ze belanden daardoor automatisch in het gereguleerde deel, waar lage huren gelden. ‘Ze zijn dan niet meer rendabel te exploiteren.’ Investeerders klagen ook. Ze zijn bang dat nieuwe woningen een lage WOZ-waarde krijgen. Hermans: ‘Daarom investeren ze niet.’
De Woonbond, de belangenvereniging voor huurders, kijkt tevreden toe. Zonder LPF heeft de wet geen meerderheid, weet directeur Van Veen.
Maar dan neemt Winsemius het woord. Moeiteloos schetst hij de problematiek op de huurmarkt: mensen verhuizen niet, er wordt te weinig gebouwd. ‘Interessant huiswerk’, zegt hij tegen Depla. En natuurlijk snapt hij de gevoeligheden. Het gaat om een wet met ‘grote maatschappelijke en individuele gevolgen’. Daarom stelt hij een uitgebreide evaluatie in 2009 voor: wat niet werkt, wordt gewoon uit de wet geschrapt. ‘Dan kun je de spanning eruit laten lopen.’
En voor nieuw te bouwen woningen geldt de WOZ-benadering niet. De gemeenten mogen dat afspreken, belooft hij.
LPF’er Hermans is na afloop tevreden. Depla kijkt tandenknarsend toe. Wat Dekker nooit was gelukt, speelt Winsemius in anderhalf uur klaar. Met een gloedvol betoog, een vage evaluatie en wat complimentjes loodst hij haar voorstel door de Kamer. De oude rot glimlacht. ‘Het raamwerk staat nog prima overeind’, zegt hij tevreden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Nieuws:
Belgisch nieuws,
buitenlands nieuws,
wetenschap,
gezondheid,
stand der dingen.