De criminaliteit van Marokkaanse jongens heeft eerder met hun etnische oorsprong dan met de islam te maken, stelt..
Is er een verband tussen islam en criminaliteit? ‘Absoluut’, zegt de politicus Geert Wilders (de Volkskrant, 7 oktober). Naar zijn mening vloeit het criminele gedrag van Marokkaanse jongeren voort uit hun religie en cultuur. Die kun je immers niet loszien van elkaar.
De uitspraken van Geert Wilders staan niet op zichzelf. Marco Pastors, een jaar geleden nog wethouder in Rotterdam, meende ook dat er een verband zou zijn tussen islam en criminaliteit. In een interview in het huisblaadje van het Katholiek Centrum Welzijn, zei hij: ‘Bij moslims wordt veel van wat zij doen verklaard vanuit hun religie. Het geloof wordt door henzelf als relevant ingebracht. Antillianen en Kaapverdianen gebruiken hun religie niet als verklaring voor hun (wan)gedrag. Moslims gebruiken hun religie wel vaak als reden voor hun gedrag.’
De uitspraken van beide vrijheidslievende politici zijn feitelijk onjuist. Bij heel veel misdrijven die door moslimjongeren worden gepleegd, speelt religie nauwelijks een rol. De zich agressief gedragende Marokkaanse jongeren die in het De Mirandabad het werk van hulpverleners onmogelijk maakten, beriepen zich niet op religieuze overwegingen.
De Marokkaanse jongens in Gouda die een jongen tijdens het krantenlopen zijn folders afhandig maakten en hem vervolgens in elkaar sloegen, deden dit niet vanuit hun geloof.
En de Marokkaanse jongens die een Nederlandse jongetje op school dwongen op zijn knieƫn de schoenen af te likken en te poetsen, hadden ook niets met hun geloof.
Toch zijn vaak niet-moslims, joden, homo’s en vrouwen slachtoffers van hun gedrag. Want hoe zit het met de Marokkaanse jongens die vrouwen op straat zomaar uitschelden voor hoer? Waarom bespugen Marokkaanse jongens in het centrum van Amsterdam een Amerikaanse homo, een fucking fag, en slaan hem vervolgens het ziekenhuis in? En waarom laten Marokkaanse jongens zich in het openbaar maar moeilijk corrigeren door autochtone Nederlanders? Marokkaanse verdachten van criminele feiten tonen bovendien geen enkel berouw en ontkennen hun misdaden bij hoog en laag.
Marokkaanse jongens weten in het algemeen vrij weinig van het geloof. Ook al zouden ze een beroep doen op de islam als een soort religieuze vrijbrief voor hun criminele daden, dan nog is dit feitelijk onjuist. Ook volgens de islam mag je niet stelen, mensen in elkaar slaan of onheus bejegenen. Het is gewoon intolerant gedrag.
Wat dat betreft kan ik me wel vinden in de opmerking van Wilders dat als we de tolerantie willen behouden, juist intolerant moeten zijn tegenover mensen die intolerant gedrag vertonen.
Het criminele, intolerante en aanstootgevende gedrag komt niet voort uit de islam, het heeft vooral een etnische oorsprong. De meeste Marokkanen in Nederland zijn afkomstig uit het Rif-gebergte. In deze krijgscultuur van met elkaar rivaliserende stammen domineren zogenaamde mannelijke deugden, zoals moed, eer en respect. De clanstructuur werkt in de hand dat een sterk onderscheid wordt gemaakt tussen insiders en buitenstaanders. In de eigen groep is sprake van een krachtig normbesef, voor schaamte en eerverlies. Daarbuiten heerst wantrouwen en achterdocht. Deze Riffiaanse eigenschappen treffen we niet alleen aan bij de bij de eerste generatie, maar ook bij de tweede generatie Marokkanen in Nederland.
Het is deze autoritaire, martiale wijze van handelen die voortdurend botst met onze feminiene en gedogende sociale stijl. Op scholen, in zwembaden en in het openbaar vervoer geldt juist een onderhandelingshuishouding, die uitgaat van zelfbeheersing, onderling vertrouwen en tolerantie.
Jongens uit het Rif, opgegroeid in een harde en autoritaire wereld, ervaren onze omgangsvormen nogal eens als feminien, laf en slap.
Hun redenering luidt vaak dat je met Nederlanders in principe niets te maken hebt. Het zijn christenen, ze eten varkensvlees, ze behoren niet tot de eigen groep waarmee je rekening houdt. Je kunt ze daarom ook bedonderen, afzetten, bestelen en voorliegen. Het liegen heeft ook geen sociale consequenties. Dit soort jongens heeft vaak een diepe minachting voor onze slappe houding, zeker ook voor homo’s. Nederlandse jochies worden bovendien gezien als een gemakkelijk doelwit. Ze beschikken immers niet over ‘belwaarde’, dat wil zeggen ze hebben geen achterban die met een oproep van een mobiele telefoon snel valt te mobiliseren.
Natuurlijk geldt dit patroon niet voor alle Marokkaanse jongens. Vaak gaat het om kinderen met wie thuis is gerommeld, met een huistiran als vader en een veel te toegeeflijke moeder. Het zijn ook vaak kinderen die iets hebben met macht, ze rebelleren tegen autoriteiten en op straat zijn ze druk bezig hun koninkrijk op aarde te vestigen. En waarom zou je als trotse Marokkaan de waarheid vertellen aan Nederlandse gezagsdragers met wie je niets te maken wilt hebben?
Dit alles heeft niets te maken met wat Wilders noemt een ‘tsunami van een wezensvreemde cultuur’ die steeds dominanter wordt. Het heeft alles te maken met intolerant gedrag van jongens die behoren tot een Marokkaanse minderheid, die al meer dan dertig jaar problemen heeft met haar innesteling in de Nederlandse samenleving. Het is ook de prijs die we gezamenlijk betalen voor onze tolerante houding en overheidsbeleid, jarenlang gekenmerkt door ‘integratie met behoud van eigen taal en cultuur’.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Nieuws:
Belgisch nieuws,
buitenlands nieuws,
wetenschap,
gezondheid,
stand der dingen.