*

 

‘We gaan doen wat nodig en mogelijk is’

Van onze verslaggever Theo Koelé − 05/07/06, 07:34

Dinsdag vertrokken vanaf het vliegveld in Eindhoven de eerste honderd militairen van de hoofdmacht voor de Afghaanse provincie Uruzgan. Hen wacht een ‘zware missie’....

  • Vanaf vliegbasis Eindhoven vertrekt dinsdag de hoofdmacht van de Task Force Uruzgan (TFU) voor de missie naar Afghanistan. Demissionair minister van Defensie Henk Kamp zwaait de militairen uit. De Task Force zal in totaal uit 1400 militairen bestaan. (ANP)

De opvallendste gast die honderd Uruzgan-gangers komt uitzwaaien, is de 82-jarige kolonel b.d. Leen Schreuders. De veteraan uit de Korea-oorlog is met twee strijdmakkers niet zozeer aanwezig omdat de komende missie in Afghanistan de gevaarlijkste is sinds het conflict uit de jaren vijftig, als wel omdat de meeste militairen uit ‘zijn’ regiment Van Heutsz komen. ‘Sneuvelen? Daar zitten ze niet zo over in. Dat was toen al zo’.

‘De jonkies hebben onze tradities overgenomen’, stelt Schreuders, die in 1950 met 600 man naar Korea vertrok. Van hen overleefden meer dan 50 het niet. Over de militairen die dinsdagmiddag in Eindhoven op het vliegtuig naar Afghanistan stappen, zegt hij: ‘Ze lopen risico’s, en dat weten ze. Het zijn niet de militairen die daarover soesa maken, maar de bevolking en de politiek’.

De defensietop erkent de risico’s, maar spreekt daar omfloerst over. Minister Kamp van Defensie houdt de vertrekkende militairen voor dat het een ‘zware, moeilijke en gevaarlijke missie’ wordt. ‘Maar u kunt het aan’.

Kolonel Theo Vleugels, die vanaf 1 augustus de Task Force Uruzgan leidt, wil zich eigenlijk niet mengen in de Haagse discussie of het een ‘vechtmissie’ dan wel een ‘wederopbouwmissie’ wordt. ‘We gaan doen wat nodig en mogelijk is’.

En de manschappen die als eersten van de 1400 militairen tellende hoofdmacht richting Uruzgan vertrekken? Wachtmeester Wouter (27) zegt dat bezorgdheid vooral het thuisfront beheerst. Zijn vriendin gaat vooral af op berichten in de media, en die willen nog wel eens ‘een verkeerd beeld’ schetsen. ‘Ik heb geen enkel probleem met deze uitzending.’

De meeste militairen hebben dinsdagochtend, buiten het zicht van de media, op de kazerne in Schaarsbergen afscheid genomen van hun dierbaren, voor – als het goed gaat – vier maanden. Anderen, zoals Wouter, deden dat in privésfeer. Op de vliegbasis zijn slechts enkele familieleden van de uitgezonden militairen aanwezig. Het levert de vele fotografen geen hartverscheurende beelden op.

De Uruzgan-gangers zeggen goed voorbereid te zijn, en niet alleen in militair-technisch opzicht. Ze hebben zich verdiept in omgangsvormen en cultuur van de straatarme, geïsoleerde Afghaanse provincie. Een korte taalcursus heeft hun de meeste elementaire beleefdheden bijgebracht.

Een goede verstandhouding met de bevolking is volgens leidinggevenden de sleutel tot succes – naast het uitvoeren van projecten die snel een zichtbare verbetering van de leefomstandigheden voor de Afghanen met zich meebrengen: schoon water, gezondheidszorg, herstel van wegen en bruggen.

Minister Kamp stelt dat de val van het kabinet geen enkel gevolg heeft voor het ‘draagvlak’ van de missie. Hij wijst op de ‘massieve, stabiele steun in de Tweede Kamer’, en voelt zich ‘niet belemmerd’ om extra mankracht en materieel in te zetten als dat nodig mocht zijn.

Dan spoedt Kamp zich naar de drie Korea-veteranen. Die herinneren zich dat in de jaren vijftig de regering in korte mededelingen ‘met leedwezen’ de dood van tien, vijftien Nederlanders meldde. ‘Het was kort na de Tweede Wereldoorlog, toen werd dat geaccepteerd.’

mailIcon print |