*

 

Positieve bejegening van islam bepleit door raad

Door: redactie − 12/04/06, 07:54

De islam is, in tegenstelling tot wat veel opinieleiders, politici en burgers beweren, absoluut niet strijdig met democratie en mensenrechten. Dit stelt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid...

Dit stelt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in het rapport Dynamiek in islamitisch activisme, dat vandaag aan minister Bot van Buitenlandse Zaken wordt aangeboden.

Volgens de raad wedt de Europese Unie met haar beleid voor democratisering en verbetering van mensenrechten in moslimlanden consequent op de verkeerde paarden. Alle energie wordt gericht op niet-religieuze bewegingen en partijen. De raad adviseert Nederland en de EU ‘expliciet en zichtbaar’ aansluiting te zoeken bij islamitisch-politieke bewegingen als de Moslim Broederschap in Egypte, Hezbollah in Libanon en Hamas in de Palestijnse gebieden.

‘Het is voor het vredesproces onproductief Hamas uitsluitend als terroristische beweging te beschouwen, zijn democratisch gekozen politieke leiders ondanks de massale verkiezingsoverwinning tot in lengte van dagen te isoleren en daarmee de verantwoordelijkheid te ontnemen voor een constructieve rol in het Israëlisch-Palestijnse conflict’, aldus de raad.

Minister Bot liet gisteravond al meteen weten de aanbeveling van de WRR om toenadering te zoeken tot Hamas, het Palestijnse gezag, te verwerpen. Hij zal dat vandaag zeggen bij de presentatie van het rapport. De conclusies van de WRR staan volgens de CDA-bewindsman haaks op het ‘glasheldere’ standpunt van Nederland en de andere EU-landen dat Hamas geen gesprekspartner is, zolang de beweging de staat Israël niet erkent en geweld niet afzweert.

Maar volgens de WRR hebben diverse bewegingen in het Midden-Oosten hun denkbeelden en daden in de loop der jaren veranderd en stellen ze zich nu constructief op. De spanningen tussen het Westen en de moslimwereld hebben echter het zicht op die hoopvolle ontwikkelingen ontnomen.

In verscheidene landen ondernemen burgers zelf publieke acties gericht op democratisering. Door dit nieuwe democratische elan worden autoritaire regimes van binnenuit onder druk gezet.

De EU en Nederland negeren de positieve ontwikkeling van deze islamitische bewegingen stelselmatig, vindt de WRR. In het Europees en bilateraal beleid moet veel meer rekening worden gehouden met de diversiteit van islamitisch activisme. Bovendien moet de eigen samenleving, waar veel onwetendheid heerst over de islam, beter worden geïnformeerd.

Zo bestaan volgens de WRR over de rol van de sharia (islamitisch recht) allerlei spookbeelden die de angst voor de islam voeden. Het gangbare beeld is dat de sharia per definitie leidt tot mensonterende toestanden. Maar de zo beruchte varianten van de sharia zijn slechts in enkele landen ingevoerd, stelt de raad, onder meer in Soedan, Iran en Saudi-Arabië. In veel andere landen worden onder de vlag van de sharia wel degelijk hervormingen ingevoerd.

Ook Nederlandse politieke moslimpartijen die zich laten inspireren door de sharia, hoeven niemand angst in te boezemen, meent de raad. De vorming van dergelijke partijen moet juist worden beschouwd als een constructieve inbreng in de Nederlandse politiek. Want dat ‘getuigt van het streven naar participatie aan de bestaande instituties volgens de geldende democratische spelregels’.

Wanneer zo’n partij de sharia als inspiratiebron heeft voor een ‘ethische politiek’, kan dat zich vertalen in een sociaal-conversatief programma dat ook niet-moslims aanspreekt. De raad is echter geen voorstander van parallelle sharia-rechtspraak in Nederland, wat wel in Canada en Groot-Brittannië onderwerp van discussie is.

De algemene onwetendheid over de islam betreft ook de rol van verlichte moslimdenkers. Volgens de WRR wordt te weinig moeite gedaan om die denkers onder de aandacht te brengen. Ze staan ver af van de dogmatische waarheden van de ‘webislam’ die door ‘cyber-imams’, laagopgeleide of fundamentalistische imams worden verspreid. Hun radicale boodschappen komen veel gemakkelijker terecht bij zoekende jongeren van de tweede en derde generatie dan doorwrochte godsdienstwetenschappelijke verhandelingen.

Het advies komt er kortgezegd op neer dat de WRR pleit voor een cultuuromslag: confrontatiepolitiek moet plaatsmaken voor een op verzoening gericht beleid.

mailIcon print |