*

 

'Hakbijl laten vallen met 12 jaar kán niet'

Van onze verslaggevers Gerard Reijn Margreet Vermeulen − 10/11/04, 02:27

Er dreigt een 'educatieve onderklasse' te ontstaan. Onderwijsspecialist Ria Bronneman zit te wachten tot Nederland wakker schrikt. 'Er blijft zo veel talent onbenut.'

Nog niet dramatisch: 'In Europa zitten we in de middenmoot.' Maar tien jaar geleden was Nederland nog top in Europa. Sindsdien gaan in omringende landen steeds meer jongeren naar het hoger onderwijs, maar in Nederland loopt die stroom naar verhouding iets terug. En Bronneman ziet geen enkele aanwijzing dat die trend wordt gekeerd.

Bij de lager opgeleiden lijkt het probleem nog dreigender. Steeds meer leerlingen halen alleen hun diploma dankzij extra zorg, nu al meer dan honderdduizend. Bronneman spreekt van het ontstaan van een 'educatieve onderklasse'.

Dat komt deels door de toename van het aantal allochtone leerlingen. Juist die kinderen hebben vaak een achterstand. Bij autochtone leerlingen staan de prestaties ook onder druk. Want het aantal éénoudergezinnen neemt alsmaar toe en kinderen uit éénoudergezinnen hebben twee keer zo veel kans op een geknakte schoolcarrière. Daar komt nog bij dat steeds meer autochtone, hoogopgeleide vrouwen kinderloos blijven. En als iets een voorbode is van een succesvolle schoolcarrière dan is het 'geboren worden' uit een hoogopgeleide moeder.

Nu gaat rond 40 procent van de kinderen naar havo/vwo. Het zal een hele klus zijn om dat percentage op peil te houden, verwacht Bronneman. 'Want wie tegenwoordig op zijn twaalfde naar het vmbo gaat, komt nog maar heel zelden op de havo terecht. Doodzonde. Vroeger kon je via de mavo naar de havo en het vwo. Die omweg is nagenoeg afgesloten.'

Dat is vooral een probleem voor talentvolle allochtone kinderen. 'Op hun twaalfde valt de hakbijl. Maar dan is vaak nog lang niet duidelijk wat hun capaciteiten zijn. Als je ze zou bijspijkeren in bijvoorbeeld schakelklassen, zou je veel kunnen bereiken. Er blijft nu zo veel talent onbenut.'

Maar ook daarna, op de middelbare school, moeten de doorstroommogelijkheden terugkomen. Vooral van vmbo-t naar havo. 'De hakbijl laten vallen als kinderen 12 zijn kan niet. Dat moet echt veranderen. We hebben die kinderen nodig om de doorstroom naar het hoger onderwijs op peil te houden.'

De blanke middenklasse heeft ook gebrek aan doorstroommogelijkheden, maar die wijkt steeds vaker uit naar een route van 'geprivatiseerd tweedekans-onderwijs', met dure scholen zoals het Luzac College. Voor de meeste allochtonen zijn die te duur.

Nu de doorstroom van havo en vwo-kinderen naar het hoger onderwijs stagneert, wil het kabinet nieuwe groepen aanboren. Een mbo-diploma geeft toegang tot het hbo, en havo-klanten met een hbo-propedeuse kunnen naar de universiteit. 'Heel gevaarlijk', vindt Bronneman. 'Daarmee verlaag je het niveau van het hoger onderwijs. De meeste mbo'ers hebben niet genoeg abstractievermogen voor het hbo, en havisten niet voor de universiteit.'

Meer hoger opgeleiden is mooi. 'Maar niet als daardoor het niveau daalt. Iets wat waarschijnlijk al wel aan de gang is. Want er is een enorme druk van ouders om hun kinderen door havo of vwo heen te helpen. Het is dan erg verleidelijk de eisen te laten dalen. Het is zeer goed mogelijk dat op den duur het centraal eindexamen onder druk komt te staan. Zeker als universiteiten en hogescholen steeds vaker hun studenten aan de poort gaan selecteren.'

Bronneman zet ook vraagtekens bij het streven dat iedereen op school blijft tot hij ten minste een 'startkwalificatie' heeft, dat wil zeggen minimaal 2-jarig mbo. 'Van alle jongeren tussen de 20 en 25 jaar zit 25 procent daar onder, en van allochtonen zelfs rond 60 procent. Die groep moet je ook een perspectief bieden.'

'Als je alleen maar roept dat iedereen een startkwalificatie moet hebben, voelt ieder die dat niet heeft zich mislukt. Terwijl er toch werk genoeg is dat zonder zo'n diploma gedaan kan worden. Glazenwassers, schoonmakers, beveiligingsmensen. Voor 30 procent van de werkgelegenheid is maar weinig opleiding nodig.'

Bij onderwijsstromingen als 'het nieuwe leren' is de nadruk op kennis vervangen door nadruk op vaardigheden . Allemaal prachtig, vindt Bronneman, maar niet voor iedereen. 'Ik denk dat het wel goed is voor vmbo en voor mbo, maar of het ook zo is voor het vwo vraag ik me af. Daar wordt een hoger abstractieniveau vereist.'

mailIcon print |