Ernest Louwes
Ernest Louwes © ANP

Recherche ontdekt nieuwe feiten in Deventer zaak

In het herzieningsonderzoek naar de Deventer moordzaak heeft nu ook de recherche nieuwe feiten ontdekt. Als gevolg daarvan trekt een getuige-deskundige zijn belastende verklaring in, die in 2000 bijdroeg aan de veroordeling van Ernest Louwes tot 12 jaar cel. Louwes heeft die straf uitgezeten en strijdt voor eerherstel.

De Deventer moordzaak is een van de meest omstreden strafzaken in de Nederlandse rechtspraak. In maart 2000 werd belastingadviseur Ernest Louwes vrijgesproken van de moord op zijn cliënt Jacqueline Wittenberg. Daarna werd hij veroordeeld, weer vrijgesproken en opnieuw veroordeeld. De zaak kreeg veel publiciteit, mede doordat opiniepeiler Maurice de Hond herhaaldelijk wees op fouten in het strafrechtelijk onderzoek.

Vorig jaar dienden de advocaten Geert-Jan Knoops en Paul Acda een herzieningsverzoek in. De Hoge Raad gelastte onderzoek naar de nieuwe feiten bij de commissie ACAS die afgesloten strafzaken onderzoekt en bij de landelijke recherche.

Twee aanwijzingen
De recherche heeft nu, bovenop de nieuwe bevindingen, twee aanwijzingen gevonden die erop duiden dat het slachtoffer niet op donderdag 23, maar op vrijdag 24 september 1999 is vermoord. Op die dag had Ernest Louwes aantoonbaar een alibi. Bovendien, zo stellen forensisch artsen op basis van alle beschikbare foto's en onderzoeksmateriaal, zijn er indicaties dat het lichaam 6 tot 24 uur na de moord moet zijn verplaatst. Dit zou betekenen dat een onbekende op de plaats delict is geweest voordat het lichaam is gevonden. De recherche schrijft tevens in haar rapport dat er 'nieuwe daderkennis' is ontdekt. Daarvan is verslag gedaan in een proces-verbaal dat vooralsnog geheim wordt gehouden.

Daarnaast heeft de recherche een cruciale vergissing ontdekt ten aanzien van het telefoongesprek dat Louwes pleegde met zijn cliënt, vlak voor de moord. De verklaring van Louwes dat hij belde 'op de A28, ter hoogte van Harderwijk' is in het politieonderzoek abusievelijk geïnterpreteerd als een telefoontje vanuit 't Harde. Dit verschil, van minimaal 8 kilometer, maakt mogelijk dat zijn telefoon inderdaad vanaf Harderwijk een mast aanstraalde in Deventer, waar de moord is gepleegd. Volgens de recherche zijn alle (telecom-)onderzoekers tijdens het strafproces ten onrechte van de verkeerde locatie uitgegaan; vanaf 't Harde was die aanstraling niet mogelijk, dus moest Louwes volgens de aanklager tijdens de moord in Deventer zijn geweest.

Geconfronteerd met deze nieuwe informatie heeft getuige-deskundige J. Rijnders van KPN Security, die eerder een belastende verklaring tegen Louwes aflegde, tegenover de recherche afstand gedaan van zijn getuigenis. Rijnders stelt dat andere getuige-deskundigen dat op basis van deze nieuwe informatie eveneens zouden moeten doen.