Op 11 juni 1977 beëindigden militairen van een speciale eenheid de treinkaping bij het Drentse gehucht De Punt.
Op 11 juni 1977 beëindigden militairen van een speciale eenheid de treinkaping bij het Drentse gehucht De Punt. © ANP

Geheime nota: Molukse treinkapers door kogelregen gedood

Het ministerie van Justitie heeft 35 jaar lang een nota geheim gehouden waaruit blijkt dat zes Molukse treinkapers in 1977 door tientallen kogels zijn gedood. Opeenvolgende ministers hebben volgehouden dat van een kogelregen geen sprake is geweest, laat staan dat ze opzettelijk zijn gedood. Maar al in 1978 was op het ministerie bekend dat de gedode kapers samen getroffen zijn door 144 kogels. Dat blijkt uit nog niet openbare dossiers over de treinkaping in het Nationaal Archief, die de Volkskrant de afgelopen maanden mocht inzien.

 
Men zal daaruit afleiden dat de treinkapers wel degelijk door een regen van kogels getroffen zijn
Ernst Hirsch Ballin in '77

'Dit is heel pittig', zegt Dries van Agt, toenmalig minister van Justitie (CDA), die verantwoordelijk was voor de aanval. Hij ziet kogelaantallen per gedode kaper. '40 kogels, 33 kogels en 28 kogels, dat is niet mis. Ik kom dit nu pas aan de weet. Toen ik in 1977 de Tweede Kamer informeerde, wist ik hier niets van.'

Op 11 juni 1977 beëindigden militairen van een speciale eenheid de treinkaping bij het Drentse gehucht De Punt. Daarbij vielen acht doden: zes van de negen Zuid-Molukse kapers en twee gegijzelden. Geen andere naoorlogse antiterreuractie in Nederland eiste zoveel levens.

Van Agt meldde kort na afloop van de kaping in de Tweede Kamer dat de gedode kapers niet zijn getroffen 'door een regen van kogels'. Over de beschieting zei hij: 'Die had niet tot doel hen te doden.' De werkelijkheid was anders, bleek al snel. In maart 1978, negen maanden na de kaping, kreeg het ministerie de autopsierapporten van de zes overleden kapers. De zaak belandde op het bureau van de toen 27-jarige hoofdambtenaar Ernst Hirsch Ballin (CDA), die later zelf minister van Justitie zou worden.

Hirsch Ballin legde in een tot nu toe onbekende nota vast door hoeveel kogels elke kaper is getroffen: 12, 40, 18, 28, 13, 33. Zijn conclusie: de autopsierapporten schetsen een ander beeld van de beschieting dan het officiële regeringsverhaal. 'Men zal daaruit afleiden dat de treinkapers, anders dan minister Van Agt op 23 juni 1977 in de Tweede Kamer verklaarde, wel degelijk door een regen van kogels getroffen zijn. Ook de verklaring van de minister, dat niet beoogd werd de kapers te doden, zal aan geloofwaardigheid inboeten.'

In de kluis
Zijn bevindingen lagen gevoelig, want Van Agt was op dat moment premier van Nederland. De nota van Hirsch Ballin verdween samen met andere geheime documenten over de treinkaping in de kluis. Toenmalig minister van Justitie Job de Ruiter (CDA) zegt dat de nota van Hirsch Ballin hem nooit heeft bereikt. 'De inhoud van de nota heeft mij niets doen herinneren.'

Minister van Justitie Ivo Opstelten (VVD) kreeg onlangs vragen uit de Tweede Kamer over een onderzoek waarin staat dat enkele kapers door militairen zouden zijn geliquideerd. Als antwoord verwijst hij naar onder meer de opmerkingen van Van Agt op 23 juni 1977, die 35 jaar geleden al onjuist bleken. Zijn woordvoerder wil daarop niet inhoudelijk reageren, want binnenkort moet Opstelten nieuwe Kamervragen over de treinkaping beantwoorden.

Vandaag in de Volkskrant: 'Met weinig kogels had dit niet gekund'