Het kabinet ziet geen aanleiding om op 11 juli een specifieke Srebrenica-herdenking in Nederland te organiseren.
Het kabinet ziet geen aanleiding om op 11 juli een specifieke Srebrenica-herdenking in Nederland te organiseren. Dat schreef minister Maxime Verhagen (Buitenlandse Zaken) mede namens zijn collega van Volksgezondheid vorige maand in antwoord op vragen van GroenLinks. De organisatoren van de Nationale Srebrenica-Herdenking in Den Haag zijn geschokt over deze ‘lauwe, afhoudende reactie’, zo meldden zij donderdag.
Volgens de minister moet de jaarlijkse bijeenkomst in Potoìari op 11 juli ‘als de belangrijkste en enige authentieke herdenking’ in ere blijven. De Nederlandse ambassadeur in Bosnië-Herzegovina is daar namens de regering bij.
Volksgezondheid overlegt wel met organisaties die in Nederland aandacht besteden aan 11 juli, de dag dat Srebrenica viel in 1995. Dat gaat over de wijze waarop het onderwerp meer aandacht kan krijgen in bijvoorbeeld het onderwijs. Verhagen wijst er op dat de genocide in Srebrenica ook is opgenomen in de Canon van Nederland. ‘De herdenking van Srebrenica is daarmee niet beperkt tot één dag in het jaar’, schrijft hij.
Het Europees parlement wil 11 juli uitroepen tot de dag waarop in de hele Europese Unie de genocide in Srebrenica wordt herdacht. Tot dusver hebben de Europese commissie en de Raad daar geen gevolg aan gegeven.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Nieuws:
Belgisch nieuws,
buitenlands nieuws,
wetenschap,
gezondheid,
stand der dingen.