5 vragen over het passend onderwijs

ANP/Redactie − 06/03/12, 12:37
Demonstranten arriveren bij de Amsterdam Arena voor het protest van de onderwijsbonden tegen de voorgenomen bezuinigingen in het passend onderwijs. © ANP

De Amsterdam Arena is vandaag het toneel van de grote landelijke demonstratie tegen bezuinigingen in het passend onderwijs. Tienduizenden medewerkers uit het onderwijs worden verwacht, ruim 1700 scholen sluiten zelfs de hele dag de deuren. Waarom? 5 vragen over het passend onderwijs.

Wat is passend onderwijs?
Passend onderwijs is onderwijs voor leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs die extra aandacht nodig hebben. Dat kan zijn omdat ze dyslectisch zijn, aan ADHD lijden of medicijnen nodig hebben. Scholieren kunnen deze ondersteuning en aanvullende begeleiding in het regulier onderwijs krijgen of op een speciaal daarvoor bestemde school. Het speciaal onderwijs heeft een maximum capaciteit van 70.000 leerlingen.

Waarom moet er bezuinigd worden?
Reden voor het korten zijn de sterk opgelopen kosten van het passend onderwijs. Volgens de cijfers van het CBS is het aantal kinderen op speciale scholen tussen 2003 en 2010 gestegen van 54 duizend naar bijna 70 duizend. Dat is een toename van 30 procent. Als er alleen wordt gekeken naar de groep met een 'rugzakje' (leerlinggebonden financiering) of een indicatie voor zware zorg, dan is de toename zelfs 65 procent. Terwijl een steeds groter deel van de onderwijsbegroting hieraan opging, werden de problemen niet minder. Veel scholen voor speciaal onderwijs presteren slecht en ouders zeggen weinig te merken van extra zorg voor hun kinderen. Met de bezuinigingen wil de minister de schoolbesturen dwingen om ernst te maken met een aanpak die volgens haar tegelijk kwalitatief beter en minder kostbaar is: efficiëntere samenwerking, meer maatwerk, minder labelen.

Hoeveel wil het ministerie bezuinigen?
300 miljoen euro. Het totale budget voor passend onderwijs wordt dan 1,9 miljard euro. Oorspronkelijk zouden de bezuinigingen per augustus 2012 ingaan, maar die zijn na veel protesten uitgesteld en worden in fases doorgevoerd. Zo kunnen scholen zich beter voorbereiden op de veranderingen. In 2013 wordt 100 miljoen bezuinigd, oplopend naar 200 miljoen in 2014 en 300 miljoen vanaf 2015. Onderdeel van de bezuinigingen is onder meer het afschaffen van het rugzakje en betere samenwerking tussen scholen in de regio.

Wat zijn de gevolgen van de maatregelen?
Door de bezuinigingen verliezen rond de 5000 mensen hun baan, zo liet minister Van Bijsterveldt afgelopen december weten. Het gaat om ongeveer 3.700 voltijdsbanen, merendeels leraren, stagebegeleiders en ambulante begeleiders. Laatstgenoemden zijn deskundigen die kinderen met beperkingen of gedragsproblemen op meerdere scholen begeleiden.

Wat is de kritiek op de bezuinigingen?
De vakbonden en belangenpartijen vinden dat er op de verkeerde onderdelen bezuinigd wordt, zoals op de ambulante begeleiders. De vakbonden vrezen dat de bezuinigingen ertoe leiden dat de klassen groter worden en de kwaliteit in de klas daardoor omlaag gaat. Kinderen met problemen zíjn er nu eenmaal en de leerkrachten worstelen ermee Als leerlingen die eigenlijk naar het speciaal onderwijs moeten, toch in het regulier onderwijs terechtkomen, betekent dat een extra belasting voor de leerkracht. Die kan zich dan minder goed op de rest van de klas richten, waardoor alle leerlingen benadeeld worden.

mailIcon print |

Jouw mening telt!

Deel jouw mening met de andere bezoekers

Aan het laden ...