*

 

Extra werk door JSF is moeilijke som

Van onze verslaggever Jeroen Trommelen − 26/02/09, 23:57

Als de Amerikanen in tijden van crisis niet alle orders voor zichzelf houden, als fabrikant Lockheed Martin het maximale aantal van 4.500 Joint Strike Fighters weet te verkopen en als ook alle andere beloften worden nagekomen – dan gaat de vlag uit bij het Rotterdamse bedrijf Senior Aerospace (SA) Bosman,...

Zover is het nog niet, waarschuwt directeur Harald Overwater. Maar uiteindelijk hoopt zijn bedrijf toch op ‘twintig jaar werk’ uit het JSF-project, en een extra omzet van 100 miljoen euro. Hoeveel extra arbeidsplaatsen dat gaat opleveren? Maximaal 75, schat de directeur.

Indrukwekkende omzetcijfers zijn nog geen garantie voor extra banen of een merkbare invloed op de Nederlandse economie, waarschuwde het Centraal Planbureau (CPB) deze week in een notitie over de werkgelegenheidseffecten van Nederlandse deelname aan het JSF-programma. Het rapport, dat donderdag scherp werd bekritiseerd door staatssecretaris De Vries van Defensie, maakt korte metten met eerdere studies in opdrachten van de Nederlandse vliegtuigindustrie en het ministerie van Economische Zaken over hetzelfde onderwerp. Die studies zijn suggestief; veel te optimistisch en slecht onderbouwd, stelt het CPB.

Simpel gezegd: die mogelijke 75 extra werknemers voor SA Bosman gaan zonder JSF-project uiteindelijk in een andere bedrijfstak aan de slag. En een extra omzet van 100 miljoen euro betekent weinig, want dat bedrag wordt onder meer vertekend door de hoge prijs van titanium, het peperdure metaal dat het bedrijf moet inkopen om zijn turbineonderdelen te maken.

SA Bosman was afgelopen zomer een van de bedrijven die een brandbrief schreven aan minister Van der Hoeven van Economische Zaken. Dat gebeurde toen de afdracht werd vastgesteld voor bedrijven die profiteren van JSF-orders: 10,3 procent. Het zou de doodsteek zijn voor de ‘hoogwaardige, kennisintensieve industrie binnen onze landsgrenzen’, lieten de directies en ondernemingraden weten – ook die van Thales Nederland, Fokker Elmo Aeronamic, Rexroth en Sun Test Systems.

Tot dusver hebben veel van deze bedrijven nog nauwelijks van het JSF-project geprofiteerd. Grote uitzondering is Fokker Elmo, dat april vorig jaar een contract sloot met Lockheed Martin over de bekabeling van het F35-gevechtsvliegtuig. In het maximale geval is dat goed voor een extra omzet van 2 miljard dollar en tweehonderd extra banen in Nederland. Het merendeel van het werk wordt echter uitgevoerd in Turkije.

Thales, het voormalig Holland Signaal en een grote leverancier van radarsystemen, heeft vrijwel niets aan de JSF-ontwikkeling bijgedragen. Het bedrijf maakt mission-critical onderdelen die de Amerikaanse industrie alleen in eigen huis mag ontwikkelen en niet met partners in Europa, zegt woordvoerder Lars Wormgoor. Zo bleef het bij een paar kleine opdrachten, zoals 26 koelapparaatjes voor infraroodcamera’s.

Volgens de bekritiseerde studie van Price Waterhouse Coopers, in opdracht van Economische Zaken, levert het JSF-project de Nederlandse economie 16 miljard dollar op aan extra omzet en 50 duizend arbeidsjaren. Het CPB bestudeerde die effecten al in 2001, om ook toen tot de conclusie te komen dat ze op macro-economisch gebied weinig of niets te betekenen hebben.

Volgens het meest recente rapport van het CPB zal de bouw van de Joint Strike Fighter geen extra banen opleveren en slechts leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt, omdat mensen overstappen van de ene naar de andere baan. Staatssecretaris De Vries vindt verdringing op de arbeidsmarkt in het licht van de huidige crisis ‘een onzinnig argument’. Maar het CBP kijkt verder dan de crisis. De berekening in ‘arbeidsjaren’ noemt het bureau verwarrend. Het gaat om tweehonderd banen in de periode 2001-2015 en om 1.200 banen tussen 2015 en 2052. Daarbij zijn directe en indirecte werkgelegenheid bij elkaar opgeteld.

Bovendien is verbetering van de arbeidsproductiviteit niet meegerekend, stelt het CPB. Verdonkeremaand wordt dat een groot deel van het extra werk direct naar het buitenland verdwijnt. En over een langere periode wordt wel degelijk werk verdrongen. Zo blijft de conclusie dezelfde als die in 2001: ‘De totale werkgelegenheid in Nederland zal waarschijnlijk niet toenemen door het JSF-programma.’

mailIcon print |