Het ministerie van Defensie heeft de Tweede Kamer tot dusver eenzijdig voorgelicht over de kosten van de Joint Strike Fighter (JSF), de beoogde opvolger van het F-16-gevechtsvliegtuig....
Bij tegenvallende omstandigheden kan de aanschaf van 85 JSF’s zeker 360 miljoen euro duurder uitvallen dan begroot, becijfert de Rekenkamer. Die tegenvaller kan ontstaan doordat Defensie wel eventuele marktvoordelen berekent, maar tegenvallers buiten beschouwing laat. Onduidelijk is of de begrote 5,7 miljard euro volstaan voor de voorgenomen aanschaf van 85 JSF-toestellen.
Ook de kosten van niet-deelname aan het JSF-project zijn volgens de Rekenkamer onduidelijk. Defensie maakt die berekening niet, omdat het ministerie geen rekening houdt met de mogelijkheid dat het parlement kiest voor een ander vliegtuig, of de JSF ‘van de plank’ wil kopen. Dat is volgens de Rekenkamer onterecht.
‘Wij zijn van mening dat de gevolgen van het afzien van een keuze voor de JSF duidelijk moeten zijn, zodat de Tweede Kamer voldoende informatie heeft om een afgewogen besluit te nemen over de opvolger van de F-16’.
De Rekenkamer berekent de kosten van niet-deelname zelf op tussen de 316 en 430 miljoen euro. De ‘kale’ stuksprijs voor de JSF die Nederland wil kopen, blijft ondertussen stijgen. In 2002 werd die prijs nog geraamd op 37,2 miljoen dollar. In december 2007 was hij al opgelopen tot 49,5 miljoen dollar.
De Rekenkamer maakt sinds 2005 rapporten over de risico’s van de Nederlandse deelname aan het JSF-project. Ook vorig jaar leidde dat tot de conclusie dat Defensie geen ‘volledig en accuraat beeld heeft van de kostprijs van de JSF’.
Belangrijkste oorzaak is dat Nederland beperkte toegang heeft tot informatie van de Amerikaanse hoofdaannemer Lockheed Martin. Dat is volgens het rapport nog steeds zo. Nederland is ‘in grote mate afhankelijk van de Verenigde Staten en heeft relatief weinig mogelijkheden om de informatie op betrouwbaarheid te toetsen’.
Zo worden meer waarschuwingen herhaald uit eerdere rapporten. Het JSF-project legt nog steeds een te zware last op een te kleine hoeveelheid personeel, en vereist een automatiseringsproject waarop het ministerie onvoldoende voorbereid lijkt te zijn, aldus de Rekenkamer.
De Tweede Kamer wordt weliswaar overstelpt met rapporten en informatie, maar die zijn vaak niet onderling vergelijkbaar omdat definities en berekeningen kunnen verschillen. De Rekenkamer herhaalt zijn pleidooi voor een ‘volledig geactualiseerd en in de tijd onderling vergelijkbaar overzicht van de kosten voor het JSF-programma.’
In een reactie laat staatssecretaris De Vries weten dat het parlement volgens hem voldoende is geïnformeerd. De mogelijke tegenvaller van 360 miljoen vindt hij voorbarig ‘omdat veel informatie alleen kan berusten op aannames en ramingen’. De Vries erkent dat de uitstapkosten relevant zijn voor de Tweede Kamer.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Nieuws:
Belgisch nieuws,
buitenlands nieuws,
wetenschap,
gezondheid,
stand der dingen.