Remco Meijer −
26/08/11, 05:05
Prinses Máxima en prins Willem-Alexander
© afp
De PvdA wil de politieke ruimte van aanstaand koning Willem IV sterk inperken. Om elke schijn van politieke macht te vermijden, moet hij geen voorzitter zijn van de Raad van State. De koning krijgt geen enkele rol in kabinetsformaties. Bij een kabinets- of ministerscrisis gaat de premier voortaan niet naar het staatshoofd, maar naar de Tweede Kamer.
-
© reuters
-
Wat is dat voor een rare democratie waarin de volksvertegenwoordiging de koning nodig heeft om tot een kabinet te komen?
Joop van den Berg, commissievoorzitter
Dit zijn de belangrijkste conclusies van een partijcommissie, in een rapport dat vanaf nu de opstelling van de PvdA over de monarchie bepaalt.
Commissievoorzitter en staatsrechtgeleerde Joop van den Berg: 'Er is van oudsher ongemak tussen de sociaal-democratie, in essentie een republikeinse beweging, en het koningschap. Met deze voorstellen is beter gewaarborgd dat wij in de democratische rechtsstaat een bindend en geen politiek koningschap hebben.'
Voldoende draagvlakHet ziet ernaar uit dat voor de voorstellen voldoende draagvlak is in het parlement. Behalve de PvdA vinden PVV, SP, D66, GroenLinks en Partij voor de Dieren (samen 91 zetels) dat de invloed van de koning moet worden beperkt. Alleen het ontnemen van het voorzitterschap van de Raad van State is ingewikkelder. Daarvoor is een grondwetswijziging met tweederde (100 zetels) van de stemmen nodig.
Toch vindt de PvdA dit belangrijk, omdat de Raad van State niet alleen adviseur van de regering is, maar steeds vaker ook van de Eerste en Tweede Kamer. Hij is bovendien de hoogste bestuursrechter. Het is volgens de partij 'een anomalie' dat Willem-Alexander net als zijn moeder zou blijven opereren als voorzitter, hoe ceremonieel die functie in de praktijk ook is.
Opvallend is dat de PvdA het niet nodig vindt het veelbesproken artikel 42, eerste lid, van de Grondwet aan te passen. Dat stelt dat de regering wordt gevormd door koning en ministers.
Voorstel PVVVolgende week komt de PVV met een initiatiefwetsvoorstel voor 'modernisering van het koningschap', dat onder andere stelt dat de koning geen lid meer van de regering mag zijn. Tot nu toe liet de PvdA in het midden of zij hierin zou meegaan, maar nu is besloten dat niet te doen. Daarmee is Wilders' wet op voorhand kansloos.
Van den Berg zegt dat de koning 'geen recht heeft zich te mengen in de besluitvorming van ministers en staatssecretarissen'. Daarvoor staat een andere, vaak over het hoofd geziene passage in de Grondwet garant: 'De ministerraad beraadslaagt en besluit over het algemeen regeringsbeleid' (art. 45, lid 3).
BeslissendIn de kabinetsformatie moet de rol van de Tweede Kamer 'beslissend' zijn. Van den Berg: 'Wat is dat voor een rare democratie waarin de volksvertegenwoordiging de koning nodig heeft om tot een kabinet te komen? Je gaat toch niet aan de koning vragen: wilt u ons een regering schenken?'
In de praktijk betekent het dat de acht dagen tussen Kamerverkiezingen en beëdiging van de nieuwe Kamerleden door de fracties worden gebruikt om een oordeel over de uitslag te vormen en vast te stellen wat de meest gewenste coalitie is. In een plenair debat moet daarna blijken welke coalitie daadwerkelijk mogelijk is en wie de formateur wordt. Dat zal doorgaans de voorzitter van de grootste fractie zijn.
FormatieZo moet worden gekomen tot 'een formatie die de bal legt waar die moet worden gelegd: bij de gekozen volksvertegenwoordiging'.
Opmerkelijk is dat de PvdA het lidmaatschap van het Koninklijk Huis na de inhuldiging van Willem IV wil beperken tot 'een ijzeren minimum', namelijk diegenen die ook een uitkering ontvangen. Dat zijn de koning en zijn vrouw, de afgetreden koning en de toekomstige koning en eventuele echtgenoot. Dit betekent voor prins Constantijn en zijn gezin verlies van het lidmaatschap van het Koninklijk Huis.