Afschaffen waterschap levert vrijwel niets op

Het levert nauwelijks geld op waterschappen met provincies samen te voegen. Dat becijfert het COELO, een wetenschappelijk instituut van de Universiteit van Groningen.

De vereniging van provincies IPO stelde dit voorjaar dat er een bezuiniging van 300 tot 400 miljoen euro per jaar te halen zou zijn als het bestuur van de waterschappen zou worden overgelaten aan de provincies. De Groningse onderzoekers maken gehakt van dat plan. Een bezuiniging van maximaal 80 miljoen lijkt ze haalbaar, maar zelfs dat pas op middellange termijn. De eerste jaren kost zo’n operatie alleen maar geld. Zo rekent het IPO dat er 128 à 179 miljoen kan worden bezuinigd doordat er geen aparte bestuurders meer nodig zijn voor de waterschappen. Volgens COELO boekt IPO daarmee meer bezuiniging in dan er in de waterschappen aan bestuurskosten wordt uitgegeven. ‘Een meer realistische schatting’ is een bezuiniging van 26 à 53 miljoen. Verder denken de provincies 128 à 192 miljoen te kunnen bezuinigen op overhead, maar de onderzoekers stellen dat IPO uit gaat van verkeerde cijfers. Het is zelfs de vraag of de overhead überhaupt kleiner zal worden als de waterschappen overgaan naar de provincies. IPO rekent ook op een bezuiniging van 550 miljoen per jaar door efficiënter waterbeheer en waterzuivering. Maar die bezuiniging is nergens op gebaseerd. Het is een bezuiniging die is becijferd voor een model waarbij het bestuur van waterschappen wordt overgenomen door gemeenten, een plan dat door de waterschappen zelf is doorgerekend.