Het ziet er naar uit dat PVV-leider Geert Wilders niet in een kabinet stapt, maar gedoogsteun gaat geven aan een rechtse minderheidsregering. Tactisch doet hij daar verstandig aan.
Als Wilders slim is, volgt hij de strategie van Kjaersgaard, zeggen een Deense vakbondsleider, politiek journalist, DF-Europarlementariër en politicoloog, eensgezind. In elk geval is Wilders goed op de hoogte van de Deense politiek. ‘Hij komt geregeld naar Denemarken en heeft Kjaersgaard vaak ontmoet’, zegt Morten Messerschmidt, die vier jaar voor de DF in het parlement zat en sinds een jaar Europarlementariër is. ‘De voordelen van gedoogsteun zijn zeker besproken.’
Sinds 2001, toen de DF met 12 procent van de stemmen voor het eerst electoraal doorbrak, gedoogt de partij een regering van liberalen en conservatieven. ‘Het kabinet kan geen kant op zonder onze steun. In ruil daarvoor krijgen wij onze zin in de strijd tegen de islam en de aanscherping van het immigratie- en het integratiebeleid’, gniffelt Messerschmidt.
Volgens politiek verslaggever Martin Kaae van het dagblad Politiken is de DF ‘de meest loyale gedoogpartij sinds de Tweede Wereldoorlog’. Anders dan Nederland heeft Denemarken een lange traditie van minderheidskabinetten. Kaae: ‘Die waren niet altijd even stabiel. Maar de DF-parlementariërs spelen een geslepen politiek spel. Zij hebben baat bij de status quo. Zij zijn niet verantwoordelijk voor de fouten van de regering, maar hebben wel veel invloed. Ze zijn erin geslaagd hun speerpunten te verzilveren. Niet alleen op het terrein van de immigratie, maar ook op dat van de zorg van bijvoorbeeld ouderen.’
Net als de PVV heeft de DF op sociaal-economisch vlak linkse neigingen. De DF is voor het beschermen van de verzorgingsstaat, voor betere pensioenvoorzieningen en tegen de verhoging van de AOW-leeftijd. Vakbondsleider Dennis Kristensen van de FOA (de Deense FNV) heeft ‘gemengde gevoelens’ over de rol van de DF. ‘De Deense regering is nu al negen jaar in de greep van de meest rechtse partij. De sociaal-democraten krijgen nauwelijks een voet tussen de deur’, analyseert hij. ‘Dat is vervelend. Maar de DF haalt ook zaken binnen die belangrijk zijn voor ons.’
Stuitend vindt Kristensen dat ‘het al negen jaar onmogelijk is een fatsoenlijke discussie te voeren over religie, de toekomst van mensen met een kleurtje en het asielbeleid’. Hij vreest dat die houding Denemarken uiteindelijk zal opbreken. ‘Immigratie lijkt nodig om in de toekomst voorzieningen in de kinderopvang en de ouderenzorg te garanderen. Maar het debat over laagopgeleide arbeidsmigranten wordt gemeden. Ook door traditioneel links, dat onder invloed van het electorale succes van de DF op immigratieterrein behoorlijk naar rechts is opgeschoven.’
VVD, CDA en PVV hebben fundamentele politieke meningsverschillen. Die hoeven een goede samenwerking niet in de weg te staan, meent Europarlementariër Messerschmidt. ‘Ze kunnen worden geneutraliseerd met een agreement to disagree. Wij hebben slechts één programmapunt waarop we besloten hebben het niet met elkaar eens te zijn: de Europese Unie. Net als de PVV zijn we zeer sceptisch over de EU. We hebben afgesproken dat de coalitie bij Europees beleid steun bij andere partijen mag zoeken. De DF zal dergelijke besluiten niet vetoën, maar ook niet steunen. Die afspraak werkt.’
Dat in Nederland de laatste weken serieus naar ‘het Deense model’ wordt gekeken, vindt hoogleraar politieke communicatie Claes de Vreese begrijpelijk. ‘De situatie in 2001 in Denemarken en 2010 in Nederland is vergelijkbaar. Maar er zijn ook essentiële verschillen’, zegt De Vreese, een Deen die is verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. ‘Om te beginnen is de DF een echte politieke partij met leden en is de PVV, met Wilders als enig lid, meer een beweging. Verder is de positie van de derde partner in het gedoogmodel in Nederland zwakker dan in Denemarken destijds. De conservatieven behaalden eenzelfde verkiezingsresultaat als in eerdere jaren. Het gehalveerde CDA is een bloedende partij.’
Het grootste verschil schuilt in de economische omstandigheden. ‘In 2001 zat de Deense economie ontzettend mee. De minderheidscoalitie kon makkelijk toegeven aan sociaal-economische wensen van de DF. Die financiële ruimte heeft een kabinet van VVD en CDA niet.’
De DF is het afgelopen decennium succesvol geweest. Maar De Vreese en Kaae vragen zich af of uiteindelijk niet de sleet zal komen op haar strategie. De Vreese: ‘In 2001 kon de DF bijna honderd procent van haar speerpunten binnentakelen. Bij de verkiezingen van 2005 kon zij zich wederom als buitenstaander manifesteren, in 2007 al iets minder. Dat kan volgens mij in 2011 nauwelijks meer, omdat de DF inmiddels wordt gezien als het establishment.’
Politiek verslaggever Kaae bereidt zich voor op ‘spannende tijden’. De grote vraag is of in de komende verkiezingsstrijd islam en integratie opnieuw het debat zullen domineren. ‘Bij de kiezers is het sentiment niet weg’, zegt hij. ‘Maar de sociaal-democraten en socialisten zijn inmiddels zover naar rechts opgeschoven, dat de DF die troefkaart misschien niet weer kan spelen.’
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Nieuws:
Belgisch nieuws,
buitenlands nieuws,
wetenschap,
gezondheid,
stand der dingen.