*

 

‘Voor jongeren biedt de industrie juist kansen’

Pieter Evelein − 07/07/08, 02:46

Ben je op zoek naar een baan? Kijk dan niet alleen naar groeisectoren. De waarschuwing komt van Jaap de Koning (54), hoogleraar arbeidsmarktbeleid....

Wat is er aan de hand?

‘De industrie was altijd een paradepaardje in Nederland. Maar sinds 2002 is het niet meer de grootste sector. Jongeren denken daardoor dat zij er minder kansrijk zijn. Maar wat zij niet weten, is dat er zeker tot 2020 grote behoefte is aan nieuwe, jonge mensen, de zogeheten vervangingsvraag. Er gaan namelijk veel oudere mensen uit. Dus is de situatie in de industrie juist goed.

Weten jongeren dat soort dingen niet?

’Mijn beeld is dat de studiekeuze van te veel jongeren ongericht is. Scholen laten ook steken vallen. Je zou jongeren moeten stimuleren een richting te kiezen waar een tekort aan werknemers is, maar scholen geven weinig informatie over de arbeidsmarkt.

‘Wat daarbij niet helpt, is dat opinieleiders de negatieve beeldvorming over de industrie voeden met uitspraken als ‘Ga daar maar niet werken.’ Dat is verkeerd. Het is wel zo dat de Nederlandse industrie steeds meer spullen in het buitenland laat maken, maar we hebben wel mensen nodig die dat proces regisseren, die in het buitenland toezicht houden.’

De arbeidsmarkt wordt krapper. Wat moet gebeuren om de boel niet te laten vastlopen?

‘Reïntegratie van jongeren die zijn ontspoord, van werklozen en ouderen is belangrijk. Daarbij moet veel meer energie worden gestoken in scholing. Tien, vijftien jaar geleden deden we dat nog. Toen veranderde de sfeer en was de hoogste prioriteit om mensen heel snel aan ‘een’ baan te helpen. Scholing kost tijd, dus dat verdween buiten beeld.

Is de situatie hopeloos?

‘Hier en daar gebeuren goede dingen. Dan zie je dat een gemeente met het Centrum voor Werk en Inkomen en het UWV werk maakt van scholing in de regio. Dat is heel breed, want je hebt het over jongeren en ouderen met heel verschillende achtergronden. Het is cruciaal om dat goed aan te pakken.’

‘Maar wat dan weer zo jammer is, is dat goede projecten ten onder gaan. Zoals de Blauwe Olifant in Amsterdam waar ontspoorde jongeren werden geholpen met hun terugkeer naar school. Maar dat project is op de fles gegaan omdat er geen geld meer was. Iedereen vond het een prachtproject. Dat gebeurt vaker: goede projecten moeten uit allerlei potjes geld zien te krijgen, en dat krijgen ze dan maar voor korte tijd.’

mailIcon print |