*

 

‘Tweedeling in zorg wél accepteren’

Van onze verslaggeefster Carlijne Vos − 05/02/08, 02:46

Voormalig directievoorzitter van Actiz wil kleinere AWBZ en meer keuzevrijheid...

‘Mensen die hun hele leven hard hebben gewerkt en een goed pensioen hebben opgebouwd, willen niet ineens vanaf hun 65ste door de overheid voorgeschreven krijgen hoe ze hun oude dag moeten doorbrengen. Je zult moeten honoreren dat mensen zelf willen bepalen hoe ze leven, ook als ze oud en hulpbehoevend zijn.’

Dit zegt Mariëlle Rompa (62) die op op 1 januari afscheid nam als directievoorzitter van Actiz, de branche-organisatie voor ondernemers in de verpleging-, verzorging en thuiszorg.

Als vicevoorzitter van ondernemersorganisatie MKB Nederland zit ze in de SER-commissie die een zwaarwegend advies voorbereidt over de toekomst van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) dat vandaag wordt besproken met de achterban.

Het is niet de verwachting dat de Sociaal Economische Raad zal pleiten voor afschaffing van de AWBZ, zoals de Raad voor de Volksgezondheid (RvZ) vorige week bepleitte. ‘De oplossing ligt in de polis; het pakket kan dunner’, aldus Rompa.

U zegt dat de oplossing voor de AWBZ in het pakket ligt?

‘Actiz pleit hier al jaren voor: begin eens om wonen en zorg te scheiden. Waarom moet huisvesting worden betaald uit de AWBZ? Mensen betalen toch ook gewoon huur of hypotheek voor hun woning. We moeten ophouden met dat uniforme denken in oude kolommen: thuiszorg, verzorgingshuis en verpleeghuis. Ik maak liever onderscheid tussen zorgthuis en zorghuis. Pas als je hele complexe zorg nodig hebt, is opname in een instelling nodig; een zorghuis. Bij ‘zorgthuis’ blijft de woning de verantwoordelijkheid van de cliënt. De een wil in zijn eigen huis worden verzorgd, de ander in een zorgcomplex in zijn wijk in de stad en weer een ander juist op het platteland. Zo stimuleer je zorgaanbieders om aan die vragen tegemoet te komen en ontstaat er een gedifferentieerd aanbod.’

Niet iedereen kan zich die keuzen permitteren?

‘Voor die mensen moet je als solidaire samenleving dus een zorgminimum van goede kwaliteit garanderen. Daarbij moet je ook rekening houden met de specifieke wensen van de verschillende bevolkingsgroepen. Veel allochtonen hebben niet eens een volledige AOW opgebouwd. Zij zullen aangewezen zijn op de basisvoorzieningen.

Daarnaast is er de babyboomgeneratie met een goedgevulde portemonnee die meer wil dan dat minimum. Als het over pensioen gaat, hoor je niemand over een tweedeling. Maar in de zorg is het ineens taboe om zelf te willen bepalen hoe je je oude dag inricht. De behoefte aan eigen verantwoordelijkheid moeten we honoreren. Dat is wennen als je gewoon bent te denken in termen van solidariteit en betaalbaarheid.’

Waar moet de overheid dan voor zorgen?

‘De overheid moet toezien op de kwaliteit, de beschikbaarheid en de toegankelijkheid van de zorg. Die toegankelijkheid dreigt in het geding te komen omdat de vraag naar zorg fors toeneemt als gevolg van de vergrijzing. Daarom kijkt de SER nu of de AWBZ in zijn huidige vorm nog te handhaven is. De ouderenzorg is misschien niet meer te definiëren als onverzekerbare zorg, waarvoor de AWBZ oorspronkelijk was bedoeld. Econometristen kunnen tegenwoordig elk risico berekenen. Het is dus heel wel denkbaar dat bepaalde delen uit de AWBZ naar de basisverzekering gaan. Net als de kortdurende geestelijke gezondheidszorg kan bijvoorbeeld ook de kortdurende verpleeghuiszorg naar de basisverzekering. Dan ben je ook meteen af van die zogenoemde ‘financiële schotten’.

Wat bedoelt u met financiële schotten?

‘Iemand met een gebroken heup wordt eerst in het ziekenhuis behandeld, moet dan revalideren in een verpleeghuis en krijgt dan bij thuiskomst thuiszorg. De zorg komt uit drie potjes; de Zorgverzekeringswet, de AWBZ en de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). Het zou beter zijn als je aan de hele behandeling één prijskaartje kan hangen.’

Hoe kijkt u aan tegen de invoering introductie van de Wmo vorig jaar?

‘Het is heel jammer dat alle aandacht is uitgegaan naar de problemen in de thuiszorg. Niemand had verwacht dat gemeenten zo’n duikeling zouden maken in de tarieven. Gelukkig realiseren gemeenten zich nu dat het op de lange termijn lonend is om te investeren in het welzijn van de burger; in preventie dus.’

Welke taak hebben de zorginstellingen?

‘Die moeten zich nu hoofdzakelijk richten op kwaliteit. Ze zijn bezig met een nulmeting zodat ze kunnen laten zien welke zorg ze kunnen leveren met de beschikbare middelen. Dat werkt marktwerking in de hand. Zorginstellingen zullen naar hun buren kijken en zeggen: dat kan ik beter.’

Dus marktwerking in de zorg pakt goed uit?

‘Voor marktwerking heb je vertrouwen nodig. In deze sector vertaalt een sterke markt zich in keuzevrijheid voor de klant. Idealiter volgen de marktpartijen de wensen van de klant; ze proberen goede zorg aan te bieden tegen een redelijke prijs. In praktijk is de marktwerking slechts een panacee, gericht op de prijs. De overheid is bang dat er meer vraag is dan geld en dus geeft ze dat vertrouwen niet. In mijn optiek zou je op basis van goede ramingen en goede kwaliteitscriteria de markt gewoon zijn werk kunnen laten doen.’

mailIcon print |