De gemeente Utrecht sluit de veemarkt. Tot ongenoegen van veehandelaren. ‘Hier zitten we met z'n allen op een kluitje.’..
Vrachtwagens met koeien rijden het terrein af van het overslagbedrijf Kassing. Hier was in alle vroegte, net als iedere maandag, de veemarkt in runderen en schapen. Met handjeklap wisselen de dieren van eigenaar en daarna komen ze in het slachthuis of bij andere veehouders terecht.
De Utrechtse veemarkt werd vanaf 1970 gehouden in de Utrechtse veemarkthallen, betaald door de gemeente. Maar sinds de uitbraak van blauwtong in januari weken de boeren en veehandelaren op eigen kosten uit naar Bunnik. Hier was in tegenstelling tot Utrecht geen vervoersverbod afgekondigd, omdat Bunnik net buiten het blauwtong-gebied ligt.
De gemeente Utrecht heeft nu besloten dat runder- en schapenhandel definitief niet terugkeert naar de veemarkthallen. Alleen de paardenmarkt mag blijven.
Utrecht was de laatste gemeentelijke veemarkt van Nederland. Na de MKZ-crisis in 2001 verdwenen zes van de negen Nederlandse veemarkten. Naast Leeuwarden en Purmerend wordt nu ook Utrecht geprivatiseerd. Het is het einde van een tijdperk van overheidsbemoeienis met de veehandel.
Veehouders halen een belangrijk deel van hun inkomsten uit veehandel. Voorzitter Piet Thijsse van de Nederlandse Bond Handelaren in Vee ziet het verdwijnen van de veemarkten als een slechte ontwikkeling. ‘Op de veemarkt wordt op een open manier de prijs van vee bepaald. Zo krijgen boeren de beste prijs.’ Ook is de veemarkt belangrijk voor de prijsvorming, los van belangrijke grote spelers op de markt.
Belangrijkste reden om de markt nu te sluiten, zijn de stijgende kosten die het beheer van de markt met zich meebrengt. Die kosten rijzen de pan uit, zegt directeur Jur Boogaard van de Utrechtse Veemarkthallen. ‘We moeten ons als overheid strikt aan de regels houden, bijvoorbeeld bij het ontsmetten van de wagens en de registratie van vee.’
Op het terrein van Kassing staan groepjes veehandelaren na te praten over de markt van vanmorgen. Verkochte koeien worden ondertussen in vrachtwagens geladen. Veehandelaren Anton Hilhorst en Jan de Groot zijn niet te spreken over de beslissing van de gemeente. ‘Ze willen ons daar alleen maar weg hebben omdat evenementen in de hallen veel meer geld opleveren’. Bovendien gelooft Hilhorst niet in de gestegen personeelkosten. ‘Hier op dit terrein lopen veel minder inspecteurs en parkeerwachters rond dan in de veemarkthallen. Alles gaat prima.’
Veehouder Piet Boogaard uit Zoeterwoude is ook niet tevreden over de verhuizing naar Bunnik. ‘In Utrecht begon de markt pas echt om half acht. Nu begint de handel vaak al voor de officiële aanvangstijd. Zo krijgt niet iedereen een eerlijke kans om zijn vee te verkopen.’ Nog een andere reden waarom Boogaard liever terugkeert naar Utrecht, is de gezelligheid. ‘In de veemarkthallen had je een fatsoenlijke kantine waar je koffie kon drinken en bijpraten. Hier zit je met z’n allen op een kluitje in een veel te klein zaaltje.’
Op termijn is ook Kassing geen geschikte locatie. ‘Het bestemmingsplan wordt over 2 jaar gewijzigd’, zegt Marco Kassing op het terrein van het overslagbedrijf. Dan mogen agrarische activiteiten niet meer. Als er geen nieuwe oplossing wordt gevonden, is het over en uit voor de Utrechtse veemarkt.’
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Geld:
economie,
consument.