Samen met het Amerikaanse ExxonMobil mag het de komende twintig jaar een van de grootste olievelden van het land gaan ontginnen.
Dat maakte de Iraakse minister van olie donderdag bekend. Het veld, West-Qurna, ten westen van Basra, bevat naar schatting 8,6 miljard vaten olie. Dat is ruim acht keer zoveel als Schoonebeek, het grootste olieveld op het West-Europese vasteland.
Eerder deze week tekende ook het Italiaanse Eni een principeakkoord met de Iraakse autoriteiten, voor de ontwikkeling van een veld met naar schatting 4,1 miljard vaten.
‘Ik ben erg blij met dit resultaat’, zei de Iraakse olieminister Hussain al-Shahristani donderdag, tijdens een ceremonie in de Iraakse hoofdstad Bagdad. Irak heeft het buitenlandse kapitaal nodig, omdat de olie-installaties na bijna dertig jaar oorlogen, boycots en verwaarlozing op minder dan halve kracht draaien.
Met de overeenkomsten lijkt er toch weer schot te zitten in de verkoop van het Iraakse zwarte goud aan buitenlandse investeerders. Eind juni werd een eerste veiling gehouden van acht Iraakse olie- en gasvelden. Toen werd alleen het grootste veld, Rumaila (17,7 miljard vaten) verkocht, aan een consortium van het Britse BP en het Chinese CNPC. Dat consortium krijgt 2 dollar per vat gewonnen olie.
De zeven andere gegadigden waren toen in de ogen van de Iraki te winstbelust. Zo vroeg een Chinees consortium ruim 25 dollar per vat gewonnen olie om het Maysan-veld te ontwikkelen. Irak bood echter maar 4 dollar.
Ook het ExxonMobil/Shell-consortium vroeg destijds meer dan Irak wilde betalen. De bedrijven wilden 4 dollar per vat gewonnen olie, Irak bood 1,90. De hoge vergoeding zou onder meer nodig zijn om alle extra veiligheidskosten te dekken.
Nu blijkt dat het consortium bakzeil heeft gehaald. Shell en ExxonMobil moeten genoegen nemen met 1,90 dollar per vat, werd gisteren bekend. Een woordvoerder van ExxonMobil bevestigt de deal, maar geeft geen commentaar op de prijs.
Het lijkt erop dat de olieconcerns ondanks de veiligheidsrisico’s toch graag een stuk van de Iraakse koek willen. De olie is (technisch) veel makkelijker en goedkoper winbaar dan die in diepe zeebodems, onder de Noordelijke IJszee of uit de Canadese teerzanden, waar bijvoorbeeld Shell de laatste jaren zijn toevlucht zoekt.
Exxon Mobil en Shell namen niet alleen genoegen met een lage prijs, maar beloofden ook een hoge productie – en dus hoge opbrengsten voor de staat. De winning gaat van 280 duizend vaten per dag nu, naar ruim 2,3 miljoen vaten over een paar jaar.
Met die toezegging lieten zij twee concurrerende consortia achter zich. Het ene werd geleid door het Russische Lukoil en het Amerikaanse ConocoPhillips, het andere door CNPC uit China. Die dachten hooguit 1,5 miljoen vaten per dag uit West-Qurna te kunnen winnen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Geld:
economie,
consument.