*

 

De beste werknemer mag vooralsnog blijven

Van onze verslaggeefster Elsbeth Stoker − 10/07/09, 21:55

Menig bedrijf heeft te veel personeel. Werkgevers houden liefst de productiefste medewerkers binnen. Dat is sinds vrijdag makkelijker geworden.

Stel: de ene verkoper heeft een omzet van 1,7 miljoen euro. En de ander haalt 200 duizend euro binnen. Het bedrijf lijdt onder de recessie en moet één van de twee verkopers ontslaan. ‘Je begrijpt dan best dat de werkgever degene met de laagste omzet kwijt wil’, zegt Pascal Minkenberg. ‘Maar dat mag niet zomaar, degene met de laagste omzet is in dit geval namelijk het langst in dienst.’

Het is maandagochtend en het hoofd van de ontslagafdeling van het UWV Werkbedrijf in Haarlem zit te midden van hoge stapels ontslagdossiers in zijn werkkamer. Naast hem zitten de leden van de ontslagcommissie, zij worden eveneens omringd door stapels papieren. Hun namen moeten geheim blijven – uit vrees dat ze door de betrokken werkgevers en werknemers op hun beslissingen worden aangesproken.

De mannen hebben het druk: ze beoordelen vandaag de ontslagaanvragen van ongeveer vijftig werknemers. ‘In het geval van deze werkgever hebben we de eerste keer de ontslagaanvraag teruggestuurd’, zegt Minkenberg. ‘Vervolgens diende het bedrijf opnieuw een verzoek in om degene met de laagste omzet te ontslaan. Ditmaal niet op basis van bedrijfseconomische gronden, maar omdat hij niet efficiënt zou werken. Dat hebben we weer geweigerd, want zo werkt het niet.’

Selecteren op kwaliteit is de wens van menig werkgever, maar dit is in strijd met de wet. Sinds enkele jaren zijn bedrijven verplicht om het ‘afspiegelingsbeginsel’ toe te passen. Dit betekent dat bij een ontslagronde het personeel wordt verdeeld in leeftijdscohorten en functiegroepen. Degenen in de groep die het laatst in dienst zijn getreden, hebben pech. Ongeacht hun capaciteiten. Enige optie voor een bedrijf om de favoriete kracht te behouden is om hem onmisbaar te verklaren. Maar hiervoor zijn de regels strikt en in praktijk wordt er weinig gebruik van gemaakt. Minkenberg: ‘Het bedrijf moet kunnen aantonen dat deze persoon over vaardigheden beschikt die anderen niet hebben en dat deze onmisbaar zijn voor het bedrijf.’

Hoewel Minkenberg benadrukt dat de meeste werkgevers de regels keurig toepassen, gebeurt het ook dat werkgevers ze proberen te omzeilen. ‘Kijk maar eens naar deze brief’, zegt hij, terwijl hij een handgeschreven epistel van een boze werknemer laat zien. ‘Het spijt mij dat ik deze brief niet eerder heb verstuurd. Maar het kost me grote moeite hem te schrijven’, schrijft de medewerker van een metaalbedrijf. Hij vermoedt dat zijn baas de regels omzeilt en dat zijn naam ten onrechte op de ontslaglijst voorkomt. ‘Ik ben 52 en een stuk duurder dan mijn 28-jarige collega.’ Zulke praktijken zijn niet de bedoeling, aldus het UWV.

Maar de klacht van bedrijven dat het nu wel heel lastig is om de waardevolle krachten te behouden, vindt wel gehoor. Zeker nu ontslag als gevolg van de crisis vaker voorkomt, willen bedrijven hun beste krachten niet massaal laten gaan. Om werkgevers tegemoet te komen presenteerde minister Donner (Sociale Zaken) daarom vrijdag plannen om het onmisbaarheidscriterium op te rekken.

Vanaf augustus kunnen bedrijven – tot het eind van de crisis – eenvoudiger aanspraak maken op deze uitzonderingsregel. ‘Het wordt eenvoudiger om aan te tonen dat het ontslag van de één ingrijpender gevolgen heeft dan het ontslag van de ander’, aldus een voorlichter.

En wat betekent dit voor het bedrijf met de minder presterende verkoper? Het zou kunnen dat die zijn beste man mag houden, aldus een woordvoerder van UWV. ‘Maar dat hangt van zoveel factoren af. Bovendien kennen we de details van Donners plan nog niet.’

mailIcon print |

  • http://the-acap.org/acap-enabled.php