Michiel van der Geest −
31/01/12, 11:42
© anp
Vanavond debatteert de Tweede Kamer over de slechte positie van veel pensioenfondsen. Want, hoewel vaak aangeprezen als 'het beste pensioenstelsel ter wereld', dreigen volgend jaar april veel grote fondsen voor het eerst te moeten korten op het pensioen. Ofwel: gepensioneerden krijgen per maand minder geld uitgekeerd en ook het gespaarde bedrag van werkenden wordt verlaagd.
Heikel punt hierbij is de rekenrente. Door daar soepel mee om te springen, kan een verplichte korting voorkomen worden, menen PVV en SP.
De huidige regelgeving stamt uit de Pensioenwet van 2006. Die schrijft voor dat als peildatum 31 december geldt. Met de rentestand van die dag, moeten de pensioenfondsen berekeningen maken voor het volgende jaar en bepalen of er dus voldoende geld in kas zit om alle pensioenen volledig uit te keren. Tot die tijd gold een vaste rente van 4 procent, genoeg om de pensioenen te kunnen betalen. Daarbij moet wel worden aangetekend; als de rente in die tijd lager zou zijn geweest, dan hadden de pensioenfondsen ook met een lagere rente moeten rekenen. Maar in die jaren was de rente eigenlijk standaard hoger dan 4 procent. Sinds de pensioenwet van 2006 geldt dus de marktrente.
Maar nu is het crisis en staat de rente heel erg laag. Daar hebben de pensioenfondsen veel last van, want hoe lager de rente, hoe minder vermogen ze hebben. En nu moeten veel fondsen dus korten, waarschijnlijk 115.
De SP en PVV vinden deze regels onnodig streng. Zij pleiten voor een langere periode waarover de gemiddelde rente kan worden berekend. (Zoiets soortgelijks is afgelopen kwartaal (ook) al gebeurd: de Nederlandsche Bank bepaalde dat niet 31 december als rekenrente gold, maar het gemiddelde rentepercentage van het hele kwartaal. Dat gemiddelde is hoger dan de rente op 31 december, waardoor minder pensioenfondsen hoeven te korten.)
De PVV pleit voor een terugkeer naar de vaste rekenrente van 4 procent, zolang de crisis duurt. Daarna zou de gemiddelde rente van het afgelopen jaar moeten gelden. Ook de SP pleit voor een soepelere omgang met het rentepercentage, zodat de pensioenen niet naar beneden hoeven.
Volgens beide partijen is dit ook mogelijk, omdat de rente nu historisch laag staat en dus heus wel weer gaat stijgen. PVV-Kamerleden Wilders en Van de Besselaar schreven laatst in een ingezonden brief in de Volkskrant: 'Uit recent gepubliceerd onderzoek door De Nederlandsche Bank, als antwoord op de motie Van den Besselaar c.s., blijkt dat het gemiddelde rendement van pensioenfondsen over de afgelopen tien jaar 4,8 procent bedroeg. Opmerkelijk omdat in deze periode drie financiële crises liggen: de dot.com-crisis van 2002, de kredietcrisis van 2008 en de euro-crisis.'
Maar minister Henk Kamp (VVD) van Sociale Zaken, die tegen een versoepeling van de renteregels is, wijst er juist op dat de rente al twintig jaar aan het dalen is, en dat bijvoorbeeld Japan al heel lang te maken heeft met een zeer lage rente. Bovendien is met de eurocrisis niet te voorspellen hoe lang de rente nog laag blijft.
De Kamer debatteert vandaag al over de kwestie (hoewel het dus om een eventuele verlaging gaat per april 2013), omdat de pensioenfondsen voor 10 februari hun herstelplannen moeten hebben ingediend.