*

 

'Het zijn altijd vrouwen die met de trein 'mee' willen rijden'

Robert Giebels − 14/11/11, 09:41

vk opinie Het leed of juist plezier dat reizen met de trein heet. Volkskrant-redacteur Robert Giebels schreef er een boek over dat vorige week uitkwam. Op vk.nl korte fragmenten uit 'Onze excuses voor het ongemak'.

In Den Bosch is het altijd koud en winderig. Daar kan de wind niet zoveel aan doen. De architect van het station heeft ooit besloten het meest windabsorberende bouwwerk van zijn carrière te ontwerpen. Zouden er bij station Den Bosch windmolens staan, ze zouden alle treinen van stroom kunnen voorzien.

Tolkiense Ork
De koude wind jaagt me het glazen wachthok midden op het perron in. Buiten zie ik na enige tijd mensen opeens één kant oplopen. Er is iets aan de hand. Maar in het tamelijk goed geïsoleerde glazen huis klinken de omroepberichten niet en ik ga net te laat naar buiten om de herhaling van het zo kennelijk zo effectieve bericht mee te krijgen.

Er zit niets anders op dan me als een Tolkiense Ork in de bewegende kudde te nestelen. Geen goede keuze, want het brengt me naar spoor 3 vanwaar ik mijn trein traag zie wegrijden. Ver weg, van spoor 6.

Limburgse dames
In een trein later zijn mijn Limburgse dames er weer. Elke dag zitten er minstens vier bij mij in de trein naar Amsterdam. Ze praten heel hard en vaak in een dialect dat de rest van de coupé niet kan verstaan. Hun zangerige zinnen gaan over vrouwen die niet tot het huidige treingezelschap horen eindigen met een hogere toon en met 'eeej' - een soort uitroepteken dat tevens als een vraagteken vraagt om bevestiging. 'Neuh, Gerrie d'r man heeft-ut an zunne prostaat, eeej.'

Zodra de trein gaat rijden, willen ze allemaal ergens anders gaan zitten. Ze willen 'meej' rijden: met het gezicht naar de bestemming. Dat is niet voorbehouden aan Limburgse vrouwen. Het zijn altijd vrouwen die aan me vragen welke kant de trein op gaat en pas dan gaan zitten - mannen nooit.
mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />