*

 

Speeddaten bij de Boeddhabeelden

Van onze verslaggeefster Anna van den Breemer − 06/03/09, 17:51

Jonge ‘Blikopeners’ moeten hun leeftijdsgenoten het museum intrekken. ‘Dit is leuker dan vakkenvullen.’

  • Boeddhabeeld (ANP)

‘Zou dit kunstwerk over zelfreflectie een andere uitstraling krijgen als er een groot plasmascherm stond in plaats van een ouderwets tv’tje?’ De 18­jarige Yoram, spijkerbroek en sneakers, wijst naar TV Buddha van Nam June Paik. Een Boeddhabeeld wordt gefilmd en bekijkt zichzelf op een televisiescherm.

Verwachtingsvol en met rode wangen kijkt Yoram naar de groep om hem heen. Hij wilde dit kunstwerk per se opnemen in zijn rondleiding, vertelt hij later. ‘Het heeft een mooie boodschap en je kunt er leuke vragen over stellen.’

Het is donderdagavond en de zogeheten Blikopeners, de jongste medewerkers van het Stedelijk Museum, geven hun eerste officiële rondleiding op de expositie Heilig Vuur – Religie en spiritualiteit in de moderne kunst in De Nieuwe Kerk in Amsterdam. Geen alwetende kunsthistoricus op leeftijd die het woord voert, maar een frisse tiener. Volgens het peer education-principe kan het overbrengen van kennis aan en het motiveren van jongeren het beste gebeuren door mensen uit dezelfde doelgroep.

Met hippe evenementen moeten deze Amsterdamse jongeren hun leeftijdsgenoten het museum intrekken. Het project is afgekeken van het Whitney Museum in New York en Tate Modern in Londen, waar het een succes bleek te zijn. Met Holy Shit! That’s the Spirit, een avond vol kunst en muziek, heeft de aftrap in Nederland plaats.

Een tentoonstelling over religie en spiritualiteit een hip sausje geven. ‘We stonden niet direct te springen’, zegt Blikopener Lisa (17). ‘Als er één afschrikker is voor jongeren, dan is het dit onderwerp wel.’ Ze zit aan een door een collega-Blikopener getimmerd wit tafeltje waar bezoekers kunnen speeddaten met andere bezoekers. Met een dobbelspel worden vragen over en weer gesteld.

Uit meer dan honderd motivatiebrieven heeft het museum vijftien jongeren geselecteerd. De jongeren hebben een betaalde baan van zo’n vijf uur per week, gedurende anderhalf jaar. ‘Hiervoor werkte ik als vakkenvuller’, vertelt Lisa. ‘Dit is een stuk leuker.’

In de centrale ruimte klinkt muziek van de band Gospel Unit. De felgekleurde fatboys steken af tegen de gouden kroonluchters in dit monumentale kerkgebouw. Op een rode wand in een hoek kan iedereen z’n inspiratie kwijt. ‘Mondriaan de gekste’, heeft iemand op een blauwe Post-it geschreven.’

Vanavond zijn het vooral ouders en vrienden die zich hier hebben verzameld. Tamara van Bommel, moeder van Blikopener Tom (20), vindt het vreemd om met dit project te beginnen nu het Stedelijk Museum dakloos is. ‘Je laat die kinderen een beetje museumpje spelen zonder museum.’ Zelf docent aan het Christelijk Gymnasium in Utrecht juicht ze het initiatief toe. ‘Alles beter dan jongeren door een museum te laten sjokken met zo’n CKV-invulbriefje dat ze zo snel mogelijk vol kladderen. Dan vergeten ze te kijken.’

Actief contact leggen met jongeren is volgens Stedelijk Museum directeur Gijs van Tuyl essentieel. ‘Anders verlies je en word je een vergrijsde instelling zoals het Concertgebouw. De Blikopeners zijn onze ambassadeurs; zij nemen iets mee van een wereld die wij niet goed kennen.’

Maar Van Tuyl denkt niet alleen aan het belang van zijn eigen museum. ‘We willen jongeren een tegengewicht bieden aan de vervlakking van het internet. In het museum ervaren jongeren met alle zintuigen.’ Had het museum niet veel eerder moeten beginnen met een dergelijk jongerenproject? ‘Klopt, maar beter laat dan nooit.’

mailIcon print |