Goochelaar Paul Mirak toont zijn kunsten tijdens het Nationaal Congres voor de Goochelkunst 2006 in Capelle aan den IJssel.
Goochelaar Paul Mirak toont zijn kunsten tijdens het Nationaal Congres voor de Goochelkunst 2006 in Capelle aan den IJssel. © ANP

Onderzoek: goochelaars snappen hun eigen truc niet

Goochelaars begrijpen hun eigen trucs soms niet. Dat ontdekten wetenschappers van het Barrow Neurological Institute in Phoenix, Arizona en de Universiteit van Vigo in Spanje, nadat ze een van de oudst bekende trucs onder de loep namen.

Tweeduizend jaar geleden deden Romeinse goochelaars hun publiek al versteld staan door balletjes onder bekers te laten verdwijnen en weer verschijnen. In het nieuwe wetenschappelijke tijdschrift PeerJ, waarvan gisteren de eerste editie verscheen, analyseren onderzoekers een recente uitvoering door het Amerikaanse goochelaarsduo Penn & Teller, waarbij ze naast gewone bekers ook transparante bekers gebruiken.

Proefpersonen zagen Raymond Teller de truc wel veertig keer uitvoeren op video. Hun ogen werden gevolgd en ze moesten op knoppen drukken zodra ze zagen dat er een balletje werd neergelegd of weggenomen. De ene keer was Tellers gezicht zichtbaar, de andere keer niet.

Wat onderzoekers én goochelaar verrast is dat dat laatste geen verschil maakt. Goochelaars geloven dat ze hun publiek vooral bedotten met hun ogen: Teller kijkt naar het ene balletje om de aandacht van het andere balletje af te leiden. Maar zonder zijn gezicht bleef de truc even goed werken. Ook de veronderstelling dat goochelaars het balletje op zeker moment moeten laten vallen om de aandacht af te leiden, klopt niet.

Het experiment helpt de onderzoekers het bewustzijn te begrijpen - en Teller zijn bewegingen te perfectioneren.

Bekijk hier video's van de balletje-balletje-truc zoals bij het experiment gebruikt.