Maarten Keulemans −
22/11/11, 05:40
Prachtig herfstweer. Alleen jammer dat je er niets van ziet...
© anp
Laat u niet foppen door de dikke soep die al dagenlang het zicht vertroebelt en voor overlast zorgt: eigenlijk is het heel mooi weer.
'We hebben deze herfst opvallend vaak te maken met de regie van hogedrukgebieden', signaleert Rob Sluijter, weerstatisticus bij het KNMI en eindredacteur van de net verschenen Bosatlas van het klimaat. 'Tot voor kort hebben we daarvan de vruchten geplukt, met heel veel zon. Deze hardnekkige mist is de keerzijde van de medaille.'
Kenners spreken van 'stralingsmist': een mistsoort die ontstaat als de lucht 's nachts afkoelt. Omdat koude lucht minder water kan vasthouden, condenseert het water in die lucht tot kleine druppeltjes.
DauwpuntDat gebeurt op het 'dauwpunt', de temperatuur van afkoelende lucht waarbij waterdamp condenseert. Het kalme weer doet de rest. Bij gebrek aan wind mengt de mist niet met hogere, drogere luchtlagen. Omdat de zon steeds lager staat, heeft die niet genoeg kracht om de druppeltjes te laten oplossen.
'Als je je kop boven de mist zou uitsteken, zit je in de zon en is het 6,5 graden', zegt Sluijter. 'Maar wij zitten hier met een kouwe plaklaag, zoals we dat in meteorologisch jargon noemen, die maar niet vermengt met de luchtlagen erboven.' Dat het in feite prachtig weer is, weet men ook in onder meer Limburg, waar het zonnig is.
VeranderingUitzonderlijk is de opeenvolging van mistdagen niet, weet Sluijter. 'Er zijn in dit seizoen altijd twee typen weer: het echte herfstweer met wind, wisselvalligheid en neerslag, en weer waarbij het dagenlang grijs, rustig en mistig is.' Het laatste weertype treedt vooral op onder invloed van een hogedrukgebied, zoals al weken het geval is. Pas tegen het weekend kan daarin verandering komen.
Sluijter denkt dat de mist ook opvalt doordat we tot voor kort nog aan het strand zaten: zo was er begin oktober in het zuiden van het land een hoogst zeldzame opeenvolging van zomerse dagen met temperaturen van 25 graden en hoger. 'Als dan opeens het licht uitgaat, is het contrast groot', zegt Sluijter.