Resultaten onderzoek naar vleeseters zijn bizar, vreemd en verontrustend

Maarten Keulemans − 25/09/11, 09:25
© anp. In een slachthuis in Dodewaard worden schapen op rituele wijze geslacht voor het Islamitische Offerfeest.

Ze verdoven hun emotie, hebben een zwak voor strakke machtsverhoudingen en raken ontregeld als ze slachtvee zien. Nu we ze geen 'hufters' meer mogen noemen: wat is de mens die vlees eet dan wél?

En daar, opeens, heette het vorige maand dat vleeseters hufters en egoïsten zijn. Wie aan vlees denkt, gaat in het laboratorium spelletjes iets zelfzuchtiger spelen, was uit experimenten gebleken. Welgeteld elf dagen hield het stand: onderzoeker Diederik Stapel bleek cijfers uit zijn duim te zuigen, waarop onderzoeksleider Roos Vonk, als oud-voorzitter van Wakker Dier sowieso al verdacht van wensdenken, het resultaat 'compleet fake' verklaarde.

Terwijl het onderzoek - akkoord: het verdachte, gebrandmerkte en nietig verklaarde onderzoek - toch niet uit de lucht kwam vallen. De laatste jaren staat de omnivore mens volop in de wetenschappelijke schijnwerper, vanuit het besef dat overmatig vlees eten slecht is voor het milieu en de volksgezondheid. En wat het onderzoek aan het licht brengt, is vreemd, bizar en verontrustend tegelijk.

Zo beschreef een Italiaans-Nederlandse groep vorig jaar hoe vegetariërs en veganisten in de hersenscanner veel sterker reageren op plaatjes van dieren in nood dan vleeseters. Geen wonder, bij mensen die vlees weigeren, maar toch. 'Het suggereert dat empathie op verschillende manieren  neuraal vastligt bij individuen met verschillende voedingsgewoonten', aldus de wetenschappers in het vakblad PLoS One.

Rare relatie
We hebben toch al een rare relatie met de hamlap op ons bord. Dat mensen alleseters zijn, staat buiten kijf - we lopen al 2 miljoen jaar lang rond met de verkorte darmen die kenmerkend zijn voor vleeseters. Maar echt vanzelf ging het vlees eten nooit. Zo hebben we de pech dat de evolutie ons hypersociaal heeft gemaakt: toon ons een beest in nood, en we gaan automatisch met hem meevoelen. Niet handig, als je hem nog moet opeten.

Dat loopt weleens spaak. Toen Joop van der Pligt en collega's van de Universiteit van Amsterdam proefpersonen een documentaire lieten zien over het leven van een kip in de bioindustrie, van geboorte tot supermarkt, waren de deelnemers daarna duidelijk afkeurender over vlees dan een controlegroep die een natuurfilm zag. 'En het effect duurde lang', zegt Van der Pligt. 'Na een jaar vonden we het nog steeds, en na twee jaar stond het ook nog enigszins overeind.'

Rituelen
Traditionele maatschappijen omzeilen die 'vleesparadox' door bijvoorbeeld het dier ritueel excuses aan te bieden; wij doen het door de slacht onzichtbaar te maken en lachende dieren op vleesverpakkingen te zetten. Maar recente studies wijzen uit dat de vleeseter daarnaast psychologische trucjes hanteert om met zijn spagaat om te gaan.

Een team onder leiding van de Britse psycholoog Steve Loughnan liet 108 studenten cashewnoten of gedroogd rundvlees eten. De studenten die het vlees aten, bleken koeien daarna lager op hun morele ladder te plaatsen dan de noteneters. Blijkbaar hadden ze hun moraal door het vlees eten onbewust een beetje bijgesteld. Een Pools-Duits onderzoeksteam meldde afgelopen lente iets vergelijkbaars: omnivoren blijken veel minder 'hogere' menselijke eigenschappen als schuldgevoel, melancholie en geluk aan dieren toe te schrijven dan vegetariërs.

Culturele denkbeelden
Daarnaast lossen mensen de paradox op door het onderwerp te overgieten met een jus van culturele denkbeelden. Antropologen weten dat vlees in haast alle culturen is omgeven met een waas van symboliek en culturele betekenissen. En aangezien westerse mensen veel meer vlees eten dan ze nodig hebben, zou het bij ons weleens niet anders kunnen zijn, besefte socioloog Nick Feddes na bestudering van stapels historische en antropologische bronnen. Door vlees te eten bezegelen we symbolisch onze overwinning op de natuur, en bekrachtigen mannen hun mannelijkheid, aldus Feddes.

Dat klinkt nogal zweverig - maar er zijn serieuze aanwijzingen voor. Zo bestudeerde een team uit Sydney onder leiding van psycholoog Michael Allen hoe 324 omnivoren en 54 vegetariërs in het leven staan. Hij ontdekte dat fanatieke vleeseters gemiddeld meer waarde hechten aan machtshiërarchieën, logica, verantwoordelijkheid en zelfbeheersing. De vegetariërs scoren hoger op sociale gelijkheid, zelfexpressie, intellectualisme en rechtvaardigheid. 'Absolute verschillen vonden we niet', beklemtoont Allen in The Journal of Social Psychology. 'Maar het resultaat geeft aan dat individuen die vlees consumeren ook de symboliek van vlees omarmen.'

Stereotypen
Zeg vlees, en ergens diep van binnen denken we aan mannelijke dominantie, kracht, overheersing. Het is een refrein dat ook is vastgeroest in de stereotypen van vleeseters en vegetariërs, constateerde de Canadese psycholoog Steven Heine onlangs in het vakblad Appetite. Heine testte vijfhonderd Canadezen en ontdekte dat zowel de omnivoren als de niet-vleeseters vegetariërs zien als zwak en feminien - maar ook als intellectueel en deugdzaam. 'We denken dat dat komt omdat vlees eten de norm is', licht Weiner desgevraagd toe. 'Dus als iemand  kiest om geen vlees meer te eten, zien we dat als zelfopoffering voor een hoger doel.'

De vraag is hoe dat in Nederland zit: bij ons eet maar 26,5 procent bijna dagelijks vlees, signaleerde vorig jaar een rapport van de Wageningse sociologen Hans Dagevos en Erik de Bakker. Ook Dagevos en De Bakker constateren dat het 'kernprobleem' van vlees 'het gevestigde culturele imago' is. Maar aan de andere kant vonden de onderzoekers weinig aanwijzingen dat vleeseters hun maaltijd associëren met superioriteit, mannelijkheid en stoerheid. 'We vinden wel wát', zegt Dagevos. 'Maar het gros van de mensen slaat niet op die stereotypen aan. De empirische onderbouwing van het cliché van vlees als mannelijk en stoer symbool is niet altijd even groot.'

Antivleesfolders
Onderzoek van Allens team in Australië lijkt dat te bevestigen. Bij één onderzoek liet Allen vleesfanaten antivleesfolders lezen. De meesten gingen minder vlees eten. Slechts een minderheid, waarvan Allen vooraf met persoonlijkheidstests had vastgesteld dat ze zich 'sterk identificeren' met vlees, trok er zich niets van aan.

Met het onderzoek op pauze is het wachten op gedetailleerder inzicht in wat de vleeseter bezielt. Hem een hufter noemen doen maar weinig wetenschappers. Maar verdacht blijft de man die onbekommerd worstjes op de barbecue wipt wel.

mailIcon print |