‘Onthoofding’ Iraans kernprogramma lijkt gaande

Voert het Westen een ‘schaduwoorlog’ tegen Iran?

De verhalen over de mysterieuze verdwijningen van en de moordaanslagen op Iraanse wetenschappers de afgelopen drie jaar, lezen als een thriller. Ze gaan van een hoogleraar die in zijn huis wordt vergiftigd tot een oud-generaal die op reis in Turkije in zijn hotel in Istanbul incheckt en vervolgens van de aardbodem verdwijnt.Het is alsof er langzaam een ‘onthoofding’ gaande is van het nucleaire programma in een ‘schaduwoorlog’ tussen het Westen, Israël en Teheran. Met als grootste ‘slag’ tot nu toe de vermissing van Shahram Amiri, een kerngeleerde die in juni 2009 op pelgrimstocht in Saoedi-Arabië verdween. Sindsdien regent het berichten dat Amiri, werkzaam voor de universiteit Malek Ashtar die gelieerd is aan de Republikeinse Garde, dé bron was voor de Amerikaanse onthulling nog geen drie maanden later dat Iran een supergeheime, ondergrondse verrijkingsfabriek bij de heilige stad Qom heeft.Massoud Ali Mohammadi (44), de hoogleraar die dinsdag voor zijn huis werd opgeblazen door een bom, is voorlopig het laatste slachtoffer onder de atoomwetenschappers. Volgens Teheran, dat dinsdag meteen de VS en Israël de schuld gaf van de moord, zijn er elf Iraniërs vermoord of spoorloos verdwenen: zakenmensen, wetenschappers en de hoge ex-generaal, Ali Reza Asgari. Hoe hoog het Iraanse regime de moorden en verdwijningen opneemt, bleek in september vorig jaar toen minister van Buitenlandse Zaken Mottaki, in een ongewone stap, klaagde bij secretaris-generaal Ban ki-Moon over de ‘betrokkenheid’ van de VS en Saoedi-Arabië bij de verdwijning van Amiri. Ook het lot van de andere Iraniërs zou hij hebben besproken.Het is onduidelijk of Amiri, die volgens zijn vrouw op 3 juni vanuit het Saoedische Medina voor het laatst van zich liet horen, betrokken was bij het omstreden Iraanse kernprogramma. In december ontkende Ali Akbar Salehi, hoofd van het Iraanse atoomagentschap, zelfs dat Amiri kerngeleerde was.Zijn universiteit is volgens de VN echter een bekend atoomonderzoekscentrum. Ook afdelingen van andere universiteiten zouden als dekmantel fungeren voor het omvangrijke Iraanse kernprogramma, waarvan het bestaan pas in 2002 werd onthuld. Vorige maand meldde The Sunday Telegraph, een Iraanse website citerend, dat de als veelbelovend wetenschapper omschreven Amiri had gewerkt in de fabriek bij Qom. Volgens de Britse krant, die zich baseerde op Franse inlichtingenbronnen, is Amiri uitgeweken en heeft hij belangrijke informatie over ‘Qom’ doorgespeeld aan de Amerikaanse CIA.‘Buitengewoon nuttig’, noemt een bron dicht bij de Franse spionagedienst DGSE Amiri’s informatie. Op 25 september maakte president Obama bekend dat ‘eerder dit jaar er zo’n toevloed van bewijzen waren’, dat de VS concludeerden dat de geheime fabriek een verrijkingsfabriek was voor uranium.De krant was een jaar geleden ook de bron voor het verhaal dat Israël, als alternatief voor een militaire aanval op Iran, een ‘geheime oorlog’ was begonnen om het kernprogramma te vertragen en te ontregelen. Amerikaanse inlichtingenbronnen zouden dit hebben bevestigd. Cruciaal onderdeel daarvan is het ‘onthoofden’ van het project door topfiguren ervan, onder wie wetenschappers, te laten vermoorden door de Mossad.Een van de eerste doelwitten van de Israëliërs, die in de jaren ’80 en ’90 op soortgelijke wijze de Iraakse wapenprogramma’s dwarsboomden, zou Ardeshire Hosseinpour zijn geweest. Deze 44-jarige hoogleraar, die werkte bij een nucleair technologisch centrum in Isfahan, werd in 2007 dood aangetroffen in zijn huis. Gestikt, luidde de officiële doodsoorzaak.Een maand later verdween in Turkije Ali Reza Asgari, een voormalige generaal van de Revolutionaire Garde en tot 2005 onderminister van Defensie. Sindsdien duiken berichten op dat hij zou zijn uitgeweken of ontvoerd door de Mossad of de CIA. ‘Een goudmijn voor westerse inlichtingendiensten’, zo noemde een Israëlische bron Asgari in The Sunday Times.