*

 

‘Nee-stemmen maakt leven moeilijker’

Van onze correspondent Bert Lanting − 06/02/07, 02:46

Nederland moet uit de impasse rond de Grondwet komen, vindt de Commissievoorzitter...

Nederland moet meer doen om een uitweg te zoeken uit de impasse rond de Europese Grondwet, die ontstond na het ‘nee’ van de kiezers in Nederland en Frankrijk. Die boodschap heeft José Manuel Barroso voor de Nederlandse regering. De Commissievoorzitter brengt overmorgen een bezoek aan Den Haag.

‘Als je een verdrag getekend hebt moet je dat ook ratificeren’, zei Barroso in een gesprek met een aantal Nederlandse journalisten. ‘En als dat niet kan, moet je in ieder geval bijdragen aan een oplossing.’

Barroso herinnerde eraan dat alle EU-leiders, inclusief premier Balkenende, oktober 2004 in Rome hun handtekening hebben gezet onder het grondwettelijk verdrag. Hij zei begrip te hebben voor de problemen van de Nederlandse regering. ‘Maar het is een kwestie van goed vertrouwen. Verdragen moeten worden nageleefd. Dat is de basis van het internationale recht. Anders zal het wel heel moeilijk worden in het internationale verkeer. Dan wordt het leven in de EU onmogelijk.’

De Portugese Commissievoorzitter waagde zich niet aan een uitspraak of Nederland een tweede referendum moet zien te vermijden, maar hij liet wel doorschemeren dat het geen geweldig idee was een volksstemming te houden.

‘Ik was zelf als premier vóór een referendum, maar het maakt ons leven met 27 lidstaten in de EU er wel moeilijker op. Als er een referendum over de oprichting van de Europese Gemeenschap of de invoering van de euro was gehouden, denkt u dan dat die er waren gekomen?’

Kun je de problemen waarvoor de EU staat niet oplossen met een mini-verdrag, zoals de Franse presidentskandidaat Sarkozy voorstelt?

‘Mini of maxi, in die discussie wil ik mij niet mengen. Op dit moment kan ik niet zeggen waar onze voorkeur naar uitgaat. We luisteren nu naar wat de lidstaten zeggen. Dat is hun zaak. Zij hebben allemaal het verdrag ondertekend, dus nu moeten zij met een oplossing komen. Wij doen als Commissie mee aan dat debat, maar wij kunnen niet hun verantwoordelijkheid overnemen.’

Zou het misschien verstandiger zijn het woord Grondwet te laten vallen?

‘Ja, het schijnt dat dit voor sommige landen een probleem vormt. Ik ga niet vechten over theologische kwesties. Ik ben een pragmaticus. We hebben een grondwettelijke regeling nodig in de EU. Als landen het een Grondwet willen noemen, prima. Als ze het anders willen noemen, ook prima. Maar eigenlijk is Grondwet een heel goede term. Iedereen die de geschiedenis een beetje kent, weet dat grondwetten juist altijd bedoeld waren om paal en perk te stellen aan de macht van de heersers, niet om de macht te centraliseren. Ik zie het probleem dan ook niet. Wat we nodig hebben is een document dat beantwoordt aan de eisen van de 21ste eeuw. We kunnen de problemen van de toekomst niet met de instrumenten van het verleden oplossen. We zijn met 500 miljoen mensen in de EU. Dat is nog nooit gebeurd, op vrijwillige basis. Dit is volstrekt nieuw en daarom hebben we nieuwe instrumenten nodig. Europa wordt meer gerespecteerd in de wereld, maar tegelijkertijd zie ik soms een soort negatieve nostalgie in de EU.’

Wijt u die stemming van negativisme aan de Nederlandse en Franse politici?

‘Nee, ik zit hier niet om mensen de schuld te geven. Maar iedereen zal het er wel mee eens zijn dat de nee-stemmen het leven niet makkelijker hebben gemaakt. Maar tegelijkertijd ben ik ook van mening dat die nee-stemmen de mensen aan het denken hebben gezet. Het is een extra prikkel om eens goed te bekijken wat we fout doen.’

Toont Nederland te weinig initiatief in de Grondwet-discussie?

‘Nogmaals: het is onze taak om de landen bijeen te brengen, niet uit elkaar te drijven. Maar natuurlijk hopen we dat de nieuwe Nederlandse regering een constructieve rol zal spelen bij het vinden van een oplossing.’

U heeft vergeefs geprobeerd de EU-landen te bewegen alvast hun vetorecht deels opgegeven. Bent u niet teleurgesteld dat dat mislukt is?

‘Ik denk dat het een fout van de lidstaten was. Er gaat een verkeerd signaal van uit. We hebben meer samenwerking nodig als het gaat om de strijd tegen het terrorisme. Dat willen de mensen. Ik geloof niet dat de EU-landen steeds eurosceptischer worden. Dat zie je ook aan het feit dat ze om een gemeenschappelijk energiebeleid vragen.’

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />