*

 

Venezuela kiest uit 2 populisten

Van onze correspondent Cees Zoon − 02/12/06, 02:46

President Chavez heeft alle respect voor de democratie. Maar hij wil ook graag worden herkozen. Keer op keer...

‘Uh, ah, Chávez no se va!’ De als een voetbalyell gescandeerde leus klinkt deze dagen weer volop in de straten van Venezuela. ‘Oe, aa, Chávez gaat niet weg’. En als het aan de president van Venezuela zelf ligt, moet die kreet heel letterlijk genomen worden: Hugo Chávez gaat helemaal niet meer weg.

De verkiezingen van zondag moet hij nog winnen. Maar dat is een fluitje van een cent, zodat hij vast verder vooruit kan kijken. We gaan de grondwet aanpassen, vertelt Chávez. Zodat hij ook voor de tweede keer herkozen kan worden. Dat zal natuurlijk door het parlement moeten worden goedgekeurd en door de bevolking gefiatteerd in een referendum: ‘Het is hier geen dictatuur.’

In 1998 kwam de voormalige luitenant-kolonel, die bekend was geworden door een mislukte staatsgreep zes jaar eerder, aan de macht. Hij liet ook toen al een nieuwe grondwet schrijven. In 2000 werd Chávez opnieuw tot president gekozen, maar dat was de eerste keer volgens de nieuwe grondwet. Vandaar dat hij nu weer herkiesbaar is.

‘Meer van hetzelfde’, is de verwachting van Teodoro Petkoff. ‘Meer autoritair gedrag, meer concentratie van macht. Natuurlijk is Venezuela geen dictatuur. Maar de plannen van Chávez voor zijn eeuwige aanblijven en het vormen van een eenheidspartij van alle groepen die hem steunen, zijn vege tekenen. Alleen al daarom is het te hopen dat oppositiekandidaat Manuel Rosales zondag wint.’

Petkoff zou je het linkse geweten van Venezuela mogen noemen. Een ex-guerrillero die vocht tegen de militaire dictatuur, oprichter van linkse splinterpartijen, minister in de laatste regering vóór Hugo Chávez, en tegenwoordig hoofdredacteur van zijn eigen krant Tal Cual. Petkoff was ook kandidaat bij deze verkiezingen, maar trok zich terug omdat hij gelooft dat alleen een kandidaat namens de hele oppositie een kans maakt tegen Chávez.

‘De oppositie heeft de afgelopen jaren de ene stommiteit na de andere begaan’, zegt Petkoff. ‘Steun aan de staatsgreep tegen Chávez in 2002, de maandenlange staking in de olie-industrie om hem tot aftreden te dwingen, het zonder enig bewijs vasthouden aan de beschuldiging van fraude bij het referendum van 2004, het niet-meedoen aan de parlementsverkiezingen van vorig jaar. Van al die beslissingen heeft Chávez geprofiteerd.’

Maar deze keer gaat het beter. De voorstanders van niet-meedoen aan de verkiezingen haalden bakzeil, en van links tot rechts werd een anti-Chávezfront gevormd, geleid door Manuel Rosales.

In het Chávez-kamp wordt herinnerd aan de dag van de coup in april 2002, toen Rosales de nieuwe president-voor-één-dag Carmona erkende. Rosales was toen gouverneur van de noordelijke olieprovincie Zulia. Door die actie is hij automatisch ingedeeld in het kamp van de ‘imperialisten’. De ‘kandidaat van het noorden’, noemt Chávez hem, waarbij het noorden staat voor de Verenigde Staten.

In zijn campagne legde de 54-jarige Rosales wel erg de nadruk op de ‘communistische dictatuur op zijn Cubaans’ waaraan Venezuela onder Chávez ten prooi is gevallen. En zijn toespraken kregen de laatste dagen zelfs een hoog ‘communisten-eten-kindertjes’-gehalte:

‘Op 3 december gaan we kiezen tussen twee systemen: het Castro-communisme van Cuba dat ons van onze vrijheid berooft, ons zegt wat we moeten eten en hoe we ons moeten kleden; en het systeem dat ik voorstel: democratie met een sociaal accent. We gaan kiezen tussen een regering die een einde wil maken aan het gezin en onze jongeren wil uitzenden om met hun bloed de bodem van andere landen te kleuren, en een regering die ze onderwijs geeft, gezondheidszorg, werk en kansen om te groeien.’

Een populist wordt Hugo Chávez steevast genoemd. Maar in zijn tegenaanval schuwt Rosales het populisme evenmin. Zijn paradepaardje is een programma waarin elke arme en een beetje arme Venezolaan een miljoen bolivarianos (zo’n 400 euro) per maand van de staat krijgt. Gratis en voor niks: ‘Voor alle werklozen, gehandicapten, informele werkers, gepensioneerden, buschauffeurs, militairen, politieagenten, ambtenaren en de middenklasse.’

Rosales zegt die gulheid makkelijk te kunnen betalen met het geld dat Chávez nu zo gretig aan het buitenland geeft – volgens de oppositie 35 miljard dollar. Of het populisme van Rosales voldoende is, valt te betwijfelen. Nagenoeg alle opiniepeilingen geven Chávez een voorsprong van meer dan 20 procent.

mailIcon print |