*

 

Iraks cultureel erfgoed wordt finaal geplunderd

Van onze verslaggever Stieven Ramdharie − 26/10/06, 02:46

‘In Irak zijn plunderingen van archeologische vindplaatsen een belangrijke inkomstenbron geworden voor strijdgroepen’, waarschuwt René Teijgeler, die zelf zeven maanden ’s lands rijke erfgoed poogde te redden....

Bewakers van de belangrijkste Iraakse archeologische plaatsen, zoals Babylon, worden sinds kort niet meer betaald. Op het ministerie van Toerisme en Oudheden zetelt nu een bondgenoot van de sjiitisch militieleider Muqtada al-Sadr, die overal deskundige ambtenaren vervangt door vriendjes. Ook het aantal illegale opgravingen stijgt schrikbarend.

Terwijl Irak meer en meer vervalt in chaos en terreur, ruiken de plunderaars hun kans. Toen René Teijgeler (55) in 2004 en 2005 vanuit de Amerikaanse ambassade in Bagdad het rijke culturele erfgoed probeerde te redden, schatte hij dat wekelijks zo’n duizend objecten illegaal werden opgegraven op de ruim tienduizend archeologische vindplaatsen.

‘Dat is nu veel meer’, meent de Utrechter, die de belangrijkste adviseur voor het Iraakse ministerie van Cultuur op de ambassade was. ‘De opgravingen zijn nu een belangrijke inkomstenbron geworden voor de diverse strijdgroepen. De situatie is nu, als het gaat om het rijke culturele erfgoed, stukken erger dan in 2005.’

Dat is ook de mening van ’s werelds meest vooraanstaande archeologen. Een groep van veertien deskundigen, zo maakte The Times woensdag bekend, heeft president Jalal Talabani en premier Nuri al-Maliki onlangs in een brandbrief opgeroepen de vernietiging en plundering van het Iraakse erfgoed snel te stoppen.

‘We willen onze bezorgdheid uiten over de huidige staat van Iraks culturele erfenis’, schreven de Amerikaanse en Europese archeologen na het zien van foto’s van archeologische vindplaatsen die, vanwege de vele kraters, veel weg hebben van een maanlandschap. ‘Wij vragen u de veiligheid van musea, archeologische plekken en monumenten in het hele land te waarborgen.’

Niet alleen de talloze verhalen over plundering en vernietiging van belangrijke archeologische plekken, die drie jaar na de invasie niet tot een halt zijn gebracht, houdt de wetenschappers dezer dagen bezig. Ook de grotere greep van conservatieve getrouwen van al-Sadr op het nieuwe ministerie van Toerisme en Oudheidkunde baart veel deskundigen zorgen.

Een teken aan de wand was vorige maand de vlucht naar Damascus van Donny George, de met de dood bedreigde directeur van de Staatsraad voor Antiquiteiten en Erfgoed, die waakt over het behoud van Iraks archeologisch erfgoed. George en andere deskundige ambtenaren zijn vervangen door sjiieten die nauwelijks enig verstand hebben van archeologie.

George, een christen, zou van zijn sjiitische bazen het bevel hebben gekregen niet meer met westerlingen te overleggen en naar het buitenland te reizen. Ook het voortbestaan van de eenheid die de vele archeologische plekken moet bewaken, is in gevaar.

‘Waar ik en mijn collega’s vorig jaar bang voor waren, wordt nu bewaarheid’, zegt Teijgeler, die in zijn zeven maanden in Irak een belangrijke rol speelde bij de bescherming van Babylon. Als reservist van het Nederlandse leger werkte hij voor minister van Cultuur Mufid al-Jazairi.

Teijgeler: ‘Er zitten nu personen op het ministerie die niet alleen weinig deskundig zijn, maar ook slechts geïnteresseerd in de islamitische cultuur. In beslag genomen beelden uit de pre-islamitische tijd worden nu door het ministerie naar het Nationaal Museum gestuurd met het opschrift: ‘Afgodsbeeld’. Alsof Irak alleen maar sjiitisch erfgoed heeft.’

Of de brandbrief snel tot resultaat zal leiden, betwijfelen veel wetenschappers, zeker als het geweld voortduurt. Teijgeler: ‘De situatie is belachelijk geworden. De helft van het budget van de Nationale Bibliotheek gaat op aan beveiliging van het personeel. Iraks erfgoed, zoals de opgeblazen moskee van Samarra, is onderdeel van de strijd geworden. De wereld, ook Nederland, moet de Irakezen duidelijk maken dat ze hun identiteit vernietigen.’

mailIcon print |