Vluchtelingen in een kamp in Bangui.
Vluchtelingen in een kamp in Bangui. © AFP

Vrouwenbesnijdenis komt wereldwijd veel vaker voor

Genitale verminking van meisjes en vrouwen komt wereldwijd veel vaker voor dan blijkt uit de cijfers van Unicef. Volgens de VN-data is besnijdenis voornamelijk een Afrikaans probleem, maar rapportages van onderzoekers uit een reeks landen buiten Afrika geven een ander beeld: ook tientallen miljoenen meisjes en vrouwen in het Midden-Oosten en Azië zijn besneden.

Unicef geeft tegenover de Volkskrant toe dat dit neerkomt op 'onder-rapportage'. Niet alleen cijfermatig kantelt daarmee het beeld. Ook de mantra dat 'besnijdenis niets met de islam te maken heeft', komt in een ander licht te staan. De gevallen van genitale verminking die buiten de VN-data vallen, betreffen vrijwel alleen moslims.

In Afrika loopt besnijdenis door alle religies heen. Het meerekenen van het Midden-Oosten en Azië versterkt het 'islamitisch' gehalte van het fenomeen genitale verminking. In Indonesië, 's werelds grootste moslimland, blijkt de praktijk wijdverbreid. Overal beroepen voorstanders van besnijden zich mede op de godsdienst.

Vandaag, op de Internationale Dag tegen FGM (genitale verminking van vrouwen), staat de wereld stil bij wat de VN een schending van de mensenrechten en een ernstige vorm van geweld tegen meisjes noemen.

125 miljoen
Volgens de Unicef-statistieken zijn er minstens 125 miljoen besneden meisjes en vrouwen in de 29 landen 'waar FGM is geconcentreerd'. De wereldkaart in het rapport kleurt het gebied: een deel van Afrika plus Jemen en Irak.

Irak is in de editie van juli 2013 toegevoegd. Dat is te danken aan Wadi, een Duits-Koerdische organisatie die tien jaar geleden bij toeval ontdekte dat besnijdenis grootschalig is onder de Koerden in Noord-Irak. Niemand wist daar iets van.

Wadi sloeg alarm, maar stuitte volgens directeur Thomas von der Osten-Sacken op een muur van onwil en onbegrip. 'Er was een lobby onder internationale FGM-bestrijders die wilde dat het een 'Afrikaans probleem' zou blijven', zegt hij. Huiver voor 'islamofobie' speelde volgens hem een rol.

Inmiddels groeit het bewijs dat besnijdenis voorkomt in een reeks landen in het Midden-Oosten buiten de 29 kernlanden, met name het Golfgebied. Overheden daar tonen weinig interesse in de kwestie.
Een recent rapport over Oman van Wadi wijst op een hoge prevalentie in deze Golfstaat. Van de 100 vrouwen die onderzoekster Habina al-Hinai ondervroeg, zei ruim 80 procent besneden te zijn. Vermoedelijk betrof het het (deels) afsnijden van de clitoris.

Om het 'zwijgen te doorbreken' voert Wadi met het Nederlandse Hivos de campagne Stop FGM in the Middle East. 'Overal waar je onderzoek doet, vind je aanwijzingen voor FGM', zegt Von der Osten. 'Maar het is nooit serieus genomen. Een zwart gat.'

Het blijft niet bij het Midden-Oosten. Ook in een reeks moslimlanden en landen met een moslimminderheid in Azië worden meisjes besneden. Er is anekdotisch bewijs dat FGM voorkomt in Sri Lanka, de Maldiven, Brunei, Singapore, de Filipijnen en Thailand, evenals onder sjiitische minderheden in India en Pakistan. De schaal is niet bekend.

Indonesië en Maleisië leveren de grootste aantallen. Zij zijn de ware olifant in kamer, er wordt over gezwegen. De overheden daar vrezen hun vingers te branden aan een religieus beladen kwestie. Volgens de Universiteit van Maleisië is 94 procent van de moslimvrouwen in het land besneden.

FGM is in Zuidoost-Azië minder ingrijpend dan in Afrika. Voorstanders noemen khitan onschuldig: slechts een prikje in de clitoris. Vrouwenorganisaties spreken dit tegen. Ook zwaardere vormen komen voor. Bovendien veroordelen de VN alle soorten als ernstige vorm van geweld tegen meisjes.