*

 

Arabische leiders kijken met spanning naar Tunesië

Van onze verslaggever Marnix de Bruyne − 15/01/11, 09:17
Onrust in de hoofdstad Tunis. © reuters

AMSTERDAM - De Arabische leiders kijken met ingehouden adem naar Tunesië. De eerste effecten van de opstand op hun eigen bevolking dienen zich al aan. In Jordanië gingen vrijdag in vier plaatsen honderden betogers de straat op, leuzen roepend tegen de regering en de hoge prijzen en belastingen. Eerder waren er veel fellere betogingen in Algerije. Daar wierpen jongeren brandende barricades op uit woede over de dalende koopkracht en de werkloosheid.

De regeringen zijn niet op hun handen blijven zitten. Jordanië kondigde deze week prijsverlagingen aan van 168 miljoen euro, voor voedsel en benzine. Algerije was het land al voorgegaan met prijsverlagingen, Libië schafte de invoerrechten op veel soorten voedsel af en Marokko bood de graanimporteurs compensatie aan voor de gestegen prijzen op de wereldmarkt. 'De Arabische landen doen wat ze kunnen om de 'Tunesië-epidemie' in te dammen', grinnikt Mohamed Darif, politicoloog aan de Universiteit Hassan II in Casablanca.

Maar is het genoeg? Kunnen de veelal autoritair geregeerde landen een golf van opstanden verwachten?

Rij dominostenen
Niemand verwacht een rij dominostenen die gaat omvallen, ook Darif niet. Althans, voorlopig niet. 'Ontevredenheid over de onvrijheid is er overal', begint hij zijn tour d'horizon over de regio. Monarchieën als Marokko en Jordanië hebben weinig te vrezen, omdat de koningen er worden vereerd en er al enige vrijheid heerst. De rijke Golfstaten hebben genoeg geld om de onvrede af te kopen 'en zo de opstand te vertragen'. Hetzelfde geldt voor Libië, al is dat een apart geval, 'omdat de bevolking er gedrogeerd is door de ideologie'. 'Officieel regeert het volk al in Libië. Daarbij komt dat kolonel Kadhafi onlangs bijna alle politieke gevangenen heeft vrijgelaten, wat de onvrede deels wegnam.'

In Algerije is de koopkracht verminderd en is er veel werkloosheid, net als in Tunesië, 'maar de bevolking is uiteindelijk niet ontevreden over president Bouteflika. Algerije is een wereld van verschil vergeleken met de jaren negentig, toen fundamentalisten overal aanslagen pleegden. De veiligheid is veel groter. Ook andere verbeteringen worden aan Bouteflika toegeschreven. Nadat de regering prijsverlagingen had aangekondigd, zijn de protesten weggeëbd.'

Egypte of Jemen
Nee, zegt Darif, als er ergens veranderingen op til zijn, is dat in Egypte of Jemen. 'De Egyptische regering zal de komende dagen maatregelen aankondigen om de bevolking tevreden te stellen. Ze weet dat ze haar fouten moet corrigeren. De hele wereld praat over hoe oneerlijk de recente verkiezingen er zijn verlopen, over hoe de leden van de Moslimbroederschap worden onderdrukt. De leiders moeten iets doen om dichterbij het volk te komen.' Maar, relativeert hij, de regering-Mubarak kun je niet bepaald zwak noemen. Een revolutie zit er niet in.

Anders ligt dat bij woestijnland Jemen. 'President Ali Saleh regeert al 32 jaar - daar kan Ben Ali niet aan tippen. Het parlement nam twee weken geleden zelfs een wet aan die hem het recht geeft zijn hele leven aan de macht te blijven. Maar er is veel armoede, veel onvrede en een opstand in het noorden met aan Al Qaida gelieerde milities.

Zelfverbranding
'Er zijn geen tekenen dat de revolutie er morgen uitbreekt. Maar de opstand in Tunesië had ook niemand verwacht. Het was de zelfverbranding van Mohammed Bouazizi die alles in beweging zette. Zo'n incident kan in Jemen eenzelfde reactie uitlokken.'

Maar de verarmde, tribale bevolking van Jemen is toch niet te vergelijken met de goed opgeleide Tunesiërs, van wie 18 procent een Facebook-acount heeft? Waardoor iedereen de ontwikkelingen op de voet kon volgen? 'Maar iedereen in Jemen kijkt naar Al Jazeera', lacht Darif.
mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />