Henk Müller −
18/04/11, 04:33
Eijk © ANP
Paus Benedictus XVI moet aartsbisschop Eijk van Utrecht, de leider van de kerkprovincie, tot de orde te roepen. Behoudende kopstukken van de katholieke kerk hebben de paus hierom gevraagd. De zeer conservatieve Eijk heeft volgens hen onder traditionele katholieken alle krediet verspeeld.
De aartsbisschop wordt eigengereid optreden en 'onchristelijk gedrag' verweten. Ook zou hij hebben gelogen over de financiële situatie van de priesteropleiding van Utrecht.
De aartsbisschop staat bekend om zijn autoritaire stijl van besturen. Iedereen die kritiek uit, moet vrezen voor zijn baan. Eijk stuurde onlangs zelfs bedrijfsrechercheurs op zijn bisschoppen af om hun computers te controleren.
De conflicten in de kerkprovincie zijn zo hoog opgelopen dat er, tevergeefs, is bemiddeld door nuntius François Bacqué, de ambassadeur van het Vaticaan in Nederland.
Dr. N. Stienstra, voorzitter van het Contact Rooms-Katholieken (CRK), heeft zich nu rechtstreeks tot de paus gewend met de klachten over de wijze waarop de aartsbisschop de Nederlandse kerkprovincie leidt. Het CRK is de invloedrijkste organisatie van behoudende katholieken.
Samen met mr. H. Schruer, oud-voorzitter van de eveneens zeer orthodoxe Vereniging voor Latijnse Liturgie, heeft de CRK-voorzitter de prefect van de Congregatie voor de Clerus een 32 pagina's tellend verzoekschrift doen toekomen. Hierin wordt aangegeven waar de aartsbisschop in gebreke blijft en dient te worden gecorrigeerd. De perschef van het aartsbisdom, J. Zuijdwijk, zegt over deze aanklacht: 'Mij is hiervan niets bekend.'
Het wordt de aartsbisschop bijzonder kwalijk genomen dat hij in 2009 de priesteropleiding van Utrecht, het Ariënsconvict, zonder overleg met de medebisschoppen heeft gesloten. De opleiding zou volgens Eijk niet rendabel zijn.
Maar uit een e-mail gericht aan de financieel adviseur van het bisdom blijkt dat er wel degelijk voldoende middelen zijn. P. Hemels, die geld inzamelt voor het bisdom, schrijft daarin: 'Nog recent is middels een legaat enkele miljoenen nagelaten aan het convict.' Volgens Stienstra heeft de aartsbisschop 'doodgewoon gelogen' over de financiën.
Ook de wijze waarop Eijk zijn ernstig zieke financieel adviseur M. Boesser ontsloeg, wordt hem aangerekend. Boessers collega B. van der Ven sprak in een brief aan Eijk zijn afschuw uit over de 'onchristelijke' manier waarop met de zieke was omgesprongen.
De aartsbisschop eiste daarop het ontslag van Van der Ven en vroeg de Vaticaanse Congregatie van de Bisschoppen de Groningse bisschop De Korte, de baas van Van der Ven, uit zijn ambt te ontzetten. Dit tot verbazing van de nuntius en van de andere bemiddelaar (en vertrouweling van Eijk), bisschop Van den Hende van Breda.
De verhoudingen in de kerkprovincie verslechterden verder doordat Eijk een bureau voor bedrijfsrecherche heeft ingeschakeld, dat de privécomputers van geestelijken moet onderzoeken op informatie die de aartsbisschop onwelgevallig is.
Nu de pauselijke bemiddelingspoging is mislukt, dreigen omvangrijke projecten van bisdommen grote vertraging op te lopen.
Initiatieven om het slechte financiële tij bij de bisdommen te keren, zijn op een laag pitje gezet. Ook om die reden wordt de paus gevraagd in te grijpen, om zo een financieel debacle voor de bisdommen te voorkomen.