Een groep van 850 mensen, onder wie veel wetenschappers, vindt dat de strafzaak tegen de Haagse verpleegkundige Lucia de B. moet worden heropend.
De oproep in de advertentie is onder meer ondertekend door natuurkundige en Nobelprijswinnaar Gerard ‘t Hooft. Hij schrijft in een toelichting dat de bewijsvoering ‘ondeugdelijk is geweest’. Ook veel buitenlandse wetenschappers hebben hun naam onder de petitie gezet.
Kritisch
Volgens ’t Hart, die kritische artikelen publiceerde over de veroordeling van De B., is verder onderzoek ten behoeve van een eventuele heropening van de zaak overbodig. Hij wijst op het rapport van de Commissie evaluatie afgesloten strafzaken (CEAS), dat eind oktober verscheen.
Deze commissie oordeelde dat er twijfel is of de zes maanden oude baby A. is vergiftigd. Deze zaak is een van de zeven moordzaken waarvoor De B. een levenslange celstraf heeft gekregen. De doodsoorzaak van A. is cruciaal, omdat door haar overlijden de zaak tegen De B. aan het rollen kwam. Het was volgens het gerechtshof dat De B. veroordeelde de zaak met het sterkste bewijs, op basis waarvan andere moorden bewezen werden geacht.
Nieuw onderzoek
In november bepaalde procureur-generaal Jan Watse Fokkens (onafhankelijk adviseur van de Hoge Raad) dat er nieuw onderzoek moet worden verricht naar de oorzaak van het overlijden van de baby. Fokkens moet het hoogste rechtscollege van Nederland adviseren over heropening van de zaak tegen De B.
De wiskundige Gill leverde eerder kritiek op de statistische berekening die mede ten grondslag lag aan de veroordeling van De B. Volgens hem is er een verkeerde berekening gemaakt en is een vergelijking met ziekenhuisdiensten van andere verpleegkundigen ten onrechte achterwege gebleven. De stelling dat het geen toeval kon zijn dat De B. bij veel sterfgevallen aanwezig was, klopt volgens hem niet.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.demorgen.be.
Nieuws:
Belgisch nieuws,
buitenlands nieuws,
wetenschap,
gezondheid,
stand der dingen.